[{"data":1,"prerenderedAt":-1},["ShallowReactive",2],{"$f83OXSCD00aNeHMupdpPyclqRKAKOhEOam-A9veK6G8s":3},{"id":4,"document_id":5,"title_full":6,"title_short":7,"date_published":8,"source_url":9,"is_palestine_relevant":10,"relevance_score":11,"relevance_keywords":12,"relevance_excerpt":14,"activiteit":15,"is_ongecorrigeerd":10,"publication_type":22,"frontend_url":23,"content_html":24,"pdf_url":25,"speakers":26,"besproken":121,"voortgezet_vanuit":259,"voortgezet_in":265,"fractie_spreektijd":266,"aanvragers":270,"toezeggingen":271,"verslag":272,"ai_summary":275,"ai_summary_updated_at":276,"relevance_keyword_chips":277},182491,"sf-st-2026D30673","Wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet primair onderwijs BES, de Wet op de expertisecentra, de Wet voortgezet onderwijs 2020, de Wet medezeggenschap op scholen, de Wet educatie en beroepsonderwijs, de Wet educatie en beroepsonderwijs BES, de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet op het onderwijstoezicht in verband met de versterking van het veiligheidsbeleid op scholen (Wet vrij en veilig onderwijs) (36777) antwoord 1e termijn + rest (ongecorrigeerd)","Wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet primair onderwijs BES, de Wet op de expertisecentra, de Wet voortgezet onderwijs 2020, de Wet medezeggenschap op scholen, de Wet educatie en beroepsonderwijs, de Wet educatie en beroepsonderwijs B","2026-06-17","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026D30673",true,1,[13],"Antisemi","Maar ik zie bijvoorbeeld wel een amendement waar een coalitiepartij onder staat, die bijvoorbeeld \u003Cmark>antisemi\u003C\u002Fmark>tisme wel specifiek wil registreren.",{"tk_id":16,"soort":17,"onderwerp":18,"datum":8,"aanvangstijd":19,"eindtijd":20,"duur_minuten":21},"a2665663-b417-4c61-a498-884f320261fa","Plenair debat (wetgeving)","Wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet primair onderwijs BES, de Wet op de expertisecentra, de Wet voortgezet onderwijs 2020, de Wet medezeggenschap op scholen, de Wet educatie en beroepsonderwijs, de Wet educatie en beroepsonderwijs BES, de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet op het onderwijstoezicht in verband met de versterking van het veiligheidsbeleid op scholen (Wet vrij en veilig onderwijs) (36777) antwoord 1e termijn + rest","2026-06-17T10:35:00+02:00","2026-06-17T15:00:00+02:00",265,"Stenogram","\u002Fdebatverslagen\u002F182491-wijziging-van-de-wet-op-het-primair-onderwijs-de-wet-primair-onderwijs-bes-de","\u003Cdiv class=\"stenogram\">\n\u003Cp>Wet vrij en veilig onderwijs\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Wet vrij en veilig onderwijs\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Aan de orde is de voortzetting van de behandeling van:\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>het wetsvoorstel Wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet primair onderwijs BES, de Wet op de expertisecentra, de Wet voortgezet onderwijs 2020, de Wet medezeggenschap op scholen, de Wet educatie en beroepsonderwijs, de Wet educatie en beroepsonderwijs BES, de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet op het onderwijstoezicht in verband met de versterking van het veiligheidsbeleid op scholen (Wet vrij en veilig onderwijs) (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>(Zie vergadering van 2 juni 2026.)\u003C\u002Fp>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heropen de vergadering. Aan de orde is het vervolg van de wetsbehandeling van de Wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet primair onderwijs BES, de Wet op de expertisecentra, de Wet voortgezet onderwijs 2020 et cetera, et cetera, oftewel de Wet vrij en veilig onderwijs. We waren gebleven bij de eerste termijn van de zijde van de staatssecretaris. Welkom terug, zou ik bijna willen zeggen. We gaan in de eerste termijn ook de appreciatie van de amendementen krijgen. Het is een wetsbehandeling. Ik ga het aantal interrupties niet maximeren. Mochten we toch uit de pas lopen, dan moeten we daar later op terugkomen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De algemene beraadslaging wordt hervat.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik geef graag het woord aan de staatssecretaris.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel, voorzitter. We hebben twee weken warm kunnen draaien om antwoord te geven op alles wat in de eerste termijn van de Kamer is gewisseld. Ik heb eerst een inleiding, om iedereen weer eventjes terug te brengen naar waar we het ook alweer over hadden.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter. Het is onze kernopdracht om alle kinderen steengoed onderwijs te bieden, zodat ze leren lezen, leren rekenen, hun talenten ontplooien en een plek vinden als volwassenen in de samenleving. Onderwijs is van weinig waarde als kinderen met lood in de schoenen of met buikpijn naar school gaan omdat ze zich niet veilig voelen, omdat ze opgewacht en gepest worden, omdat een docent steeds weer te dichtbij komt of omdat er in de klassenapp of op Snapchat een vervelend filmpje rondgaat. Niemand is tegen vrij en veilig onderwijs; dat hoorde ik ook uw leden zeggen in de eerste termijn. School moet een veilige plek zijn, waar een veilige cultuur heerst en waar onveiligheid kan worden voorkomen. De school moet als een veilige gemeenschap voelen. &quot;De school als minisamenleving&quot;, zei een aantal van uw leden al.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Maar uw Kamer is ook kritisch, met als belangrijkste vragen: &quot;Brengt deze wet de gewenste veiligheid dichterbij? Wat is de plek van preventie?&quot; Om even in mijn termen te blijven: voorkomen is immers beter dan registeren. Afgelopen jaar lagen er bij de vertrouwensinspecteurs bijna 3.000 dossiers op basis van meldingen van onveiligheid. Dat waren er 600 meer dan het jaar ervoor. Helaas weten we dat we daarmee niet alle incidenten in beeld hebben, want nog te vaak melden kinderen, ouders of docenten het niet als er wat aan de hand is. Bovendien geldt dat juist kinderen met een specifieke achtergrond extra kwetsbaar zijn. Denk aan leerlingen met een lhbtqi-achtergrond of leerlingen van Joodse komaf.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Als je je niet veilig voelt op school, dan helpt het niet om grammatica of de stelling van Pythagoras te leren. Dan zijn er andere dingen nodig. Daar moeten we voor zorgen. Daarom sta ik hier nu om de Wet vrij en veilig onderwijs met uw Kamer te bespreken. De kern van de wet is dat scholen een gedegen veiligheidsbeleid hebben, dat structuur biedt om te werken aan preventie, een positief pedagogisch klimaat en een handelingsperspectief bij onveiligheid.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter. Een wet alleen gaat die veiligheid natuurlijk niet brengen, maar we zetten hiermee wel een basisnorm neer van wat we van scholen verwachten en waar we schoolbesturen op aan kunnen spreken, een basisnorm die voor de meeste scholen niet nieuw is en die voor veel scholen dus weinig extra inspanning zal vergen. Die basisnorm is dan ook met name een opdracht aan scholen die echt nog een been bij moeten trekken op het gebied van veiligheid. Ik ben er daarmee van overtuigd dat deze wet helpt om de verschillen in veiligheid tussen scholen te verkleinen, omdat we ermee borgen dat alle scholen aan een veilig schoolklimaat bouwen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Overigens zijn er een paar misverstanden die ik nog even weg wil nemen voordat ik de antwoorden inga. Allereerst is het een misverstand dat de wet niet over online incidenten zou gaan. Ook incidenten online hebben immers impact op de veiligheid op school en vallen dus ook onder deze wet. Dat is van groot belang, aangezien we weten dat er online veel gebeurt wat impact heeft op de veiligheid en het veilige klimaat op school.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter. Ik zal in mijn betoog eerst stilstaan bij mijn visie op veiligheid op school, mede in reactie op een vraag van mevrouw Moorman. Dan komen de vragen rond nut en noodzaak en de proportionaliteit van de wet. Vervolgens loop ik de vragen langs die gaan over de verschillende maatregelen die in de wet staan en dan volgen nog een aantal specifieke overige onderwerpen. Dus: visie, nut en noodzaak, maatregelen en overige. Tot slot zal ik de appreciaties van de amendementen met u delen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Er wordt gevraagd of we de interrupties na de blokjes doen. We zitten redelijk goed in de tijd, dus als het tussendoor kan, heb ik daar ook geen problemen mee. Als we echt uit de pas gaan lopen, gaan we het wel wat strakker doen, maar ik zou eigenlijk wat losjes willen zijn. Laten we als er een vraag opkomt, die dus gewoon gelijk stellen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel, voorzitter. Veiligheid ontstaat niet door papier of wetgeving, maar door wat docenten, ouders en leerlingen dag in, dag uit doen in de klas en op het schoolplein. Leerlingen moeten zich gezien en gehoord weten. Een veilige school heeft duidelijke regels en afspraken, waarbij docenten, leerlingen en elkaar aanspreken als deze regels worden overtreden. Het gaat over voorspelbaarheid. We bouwen daarmee op de professionaliteit van het onderwijspersoneel, dat weet hoe je werkt aan een goede relatie met alle leerlingen, hun ouders en elkaar, waarmee je een pedagogische basis bouwt.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Preventie is daarbij essentieel. Het gaat er dan om dat leerlingen leren te praten over wat ze wel en niet prettig vinden en het leren aan te geven als er iets gebeurt dat voor hen niet oké is. Ze moeten weten bij wie ze terechtkunnen als ze ergens over willen praten of iets willen melden. Het zijn zo&#x27;n schoolcultuur en zo&#x27;n pedagogische basis die maken dat leerlingen en personeel zich veilig kunnen voelen. Die schoolcultuur wordt gemaakt door schoolleiders en leraren op school zelf. We mogen rekenen op hun professionaliteit om daar dagelijks aan te werken. Op veel scholen gebeurt dit ook, maar helaas niet overal. Dan vind ik het aan de wetgever om helder te zijn over wat we hierin als basis verwachten van scholen en uiteraard om hulp te bieden als dat nodig is. Daar werk ik aan.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>In de eerste plaats heeft deze wet zelf een preventieve werking. Een belangrijk element van de wet is dat er schoolveiligheidsbeleid is, waarbij er zicht is op de veiligheid op school. Als je goed zicht hebt op de veiligheid en de onveiligheid die op school voorkomt, kun je daarvan leren als school om ervoor te zorgen dat bepaalde incidenten niet steeds opnieuw gebeuren. Dan kan je aan preventie werken. Het wetsvoorstel stimuleert ook het gesprek op school over veiligheid door de verplichte evaluatie die is opgenomen in de wet en door te borgen dat elke school vertrouwenspersonen heeft. Daardoor heeft iedereen een plek waar hij of zij terechtkan bij een gevoel van onveiligheid. Dat alles legt de basis voor een schoolcultuur waarin bewust wordt gesproken over veiligheid en, nogmaals, waarin leerlingen zich gezien en gehoord weten. Die basis is cruciaal om ook preventie te kunnen toepassen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Daarbij is deze wet niet het enige instrument dat ik inzet. Juist omdat preventie en het werken aan een veilige schoolcultuur zo belangrijk zijn, subsidieert het ministerie al sinds jaar en dag de Stichting School &amp; Veiligheid, die scholen helpt op dit gebied. Zij zijn expert in hoe je een veilig schoolklimaat creëert en aan preventie van onveiligheid werkt, ook online. Ik was vorige week nog bij een workshop daarover en dat was indrukwekkend. Ik doel dan ook op het indrukwekkende aanbod van handreikingen, tools en kennis die de Stichting School &amp; Veiligheid aan scholen biedt, waarmee ze elk jaar duizenden scholen een stap verder helpt op weg naar een veilig schoolklimaat. Daarnaast hebben de onderwijsraden, dus de PO-Raad en de VO-raad, specifiek middelen ontvangen om scholen te helpen een veilige schoolcultuur te realiseren, uiteraard nadrukkelijk in samenwerking met ouders.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik besef heel goed dat dit een basis is. Met een wet borgen we dat alle scholen werk maken van veiligheid en dat alle scholen een veiligheidsbeleid hebben dat up-to-date is en elk jaar up-to-dater wordt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik zat even te twijfelen waar ik de interruptie zou plegen. Er werd veel gesteld door de staatssecretaris. Laat ik beginnen bij de opmerking dat dit preventief zou werken. De staatssecretaris stelt: dit heeft in zichzelf al een preventieve werking en bovendien zijn er middelen. Die middelen zijn niet gekoppeld aan dit wetsvoorstel. Die middelen waren er al, maar dit wetsvoorstel komt erbij. Dat betekent dat dit extra moet worden gedaan uit de bestaande middelen. Hoe moet dat dan voor scholen? Mijn vraag over de preventieve werking is ook: hoe ziet de staatssecretaris dat dan voor zich als juist de Raad van State zegt dat dit mogelijkerwijs zelfs een contraproductief effect gaat hebben?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Om met het tweede te beginnen: naar aanleiding van het advies van de Raad van State zijn wij de hele memorie van toelichting doorgelopen om te kijken wat de Raad van State zegt en wat we daardoor nog beter moeten uitleggen of op een ander moment moeten duiden. Waar de Raad van State naar verwees bij het potentiële contraproductieve effect, als ik het goed zeg, is dat als scholen niet weten wat ze wel en niet moeten registreren, het effect kan ontstaan dat ze het wel of niet gaan registreren. Maar dat is natuurlijk een redelijk brede interpretatie. Wat we met deze wet doen, is scholen in ieder geval de opdracht geven om dat veiligheidsbeleid te maken, om incidenten naar hun eigen inzicht te registreren, op de manier waarop zij dat willen doen. Het is ook bedoeld om het eigen inzicht in de veiligheid te versterken en zo het veiligheidsbeleid te kunnen verbeteren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Een vervolgvraag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De middelen voor de Stichting School &amp; Veiligheid waren er al. Die stichting bestaat en doet supergoed werk. Dat werkt heel goed. Door dit wetsvoorstel komen er wel extra middelen voor de sectorraden om het mogelijk te maken de veilige schoolcultuur volgens de wet te implementeren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>In het tweede deel zegt de staatssecretaris dus eigenlijk dat er geen extra geld komt. Blijkbaar moet het dan dus ergens anders vanaf. Mijn vraag aan de staatssecretaris is dan: wat moeten scholen dan niet meer doen om dit wel te kunnen doen?\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter. Toch nog over het eerste deel van de beantwoording. Eerlijk gezegd, snap ik niet zo goed wat de staatssecretaris nou zegt. De Raad van State is klip-en-klaar, hè? Zij zeggen: de vraag is echt of dit tot een veiliger schoolklimaat leidt. Sterker nog, de Raad van State zegt dat de kans heel groot is dat dit tot een ónveiliger schoolklimaat leidt omdat scholen die registratie niet willen doen. Ik ga het even heel concreet maken. Stel dat een leerling een andere leerling in de klas uitscheldt. Vervolgens gaat de leraar, die zeer professioneel is, het gesprek aan met die twee leerlingen en de ene leerling biedt dan zijn excuses aan aan de andere leerling. Moet daarvan volgens de staatssecretaris een registratie plaatsvinden?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat is aan de scholen zelf, want dat schrijven we niet zo voor in de wet. Wat wij zeggen is dat scholen veiligheidsincidenten moeten registreren die voor hen een impact kunnen hebben. Denk aan fysiek geweld, stelselmatige discriminatie en dat soort dingen. Waar we uiteindelijk naartoe willen, is natuurlijk dat dit überhaupt niet gebeurt. Dat is preventie, maar het is echt aan de docent zelf om te bepalen of hij het gesprek naar aanleiding van een scheldpartij wel of niet in de registratie wil opnemen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot, mevrouw Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dit is nou precies het probleem: wat is nou een veiligheidsincident? Laat ik het nog een keer concreet maken. De ene leerling duwt een andere leerling op het schoolplein. Dat is fysiek geweld. Dat is onveilig. Het professionele handelen van bijvoorbeeld een schooldirecteur is echter zodanig dat hij die leerlingen bij zich roept, hun vraagt waarom dit gebeurt en zegt: dit mogen jullie zo niet doen. Zij spreken met elkaar, en daardoor leidt dit juist tot preventie. Moet dit dan geregistreerd worden? Ik zeg dat niet alleen. Dat zegt ook de Raad van State. De hele sector zegt: &quot;We weten niet wanneer we moeten melden. We weten niet wanneer we moeten registreren. Sterker nog, we zijn hier zo bang voor dat wij die registratie buiten onszelf gaan plaatsen.&quot;\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Een aantal dingen moet zeker wel geregistreerd worden. Dan moet u denken aan fysiek geweld of aan stelselmatige discriminatie. Ik noemde het net al. In de wet staat dat dat soort dingen, die echt heel, heel onveilig zijn, geregistreerd moeten worden. Alles wat daartussen zit, hoort ook bij het preventiebeleid van de school. Ik vind dat juist belangrijk. Daarom staat het er ook in. De school stelt een veiligheidsbeleid vast en de school evalueert dat elk jaar. Daar heeft de school inzicht voor nodig. Als de school ziet dat een kind stelselmatig in schelden uitbarst en daarmee andere kinderen probeert te kleineren en dat een veiligheidsincident vindt, dan kan de school dat opschrijven als een veiligheidsincident. Ik ga niet controleren of dat wel of niet gebeurd is. Dat hebben we namelijk niet in die wet opgeschreven. De veiligheidsregistraties of incidentenregistraties zijn bedoeld voor de school zelf, om inzicht te krijgen in het eigen veiligheidsbeleid: werkt het of moet het beter? Daar gaat het om.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voor mij is het in ieder geval nog niet helder. Stel dat leerlingen met elkaar vechten. De een geeft de ander een duw en die ander valt om. De staatssecretaris zegt dat fysiek geweld altijd moet worden geregistreerd. Valt dit daar dan onder of niet?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Als er vervolgens lichamelijke schade is, om het maar zo te zeggen, en het kind op de eerste hulp behandeld moet worden omdat er schade is door fysiek geweld, dan lijkt mij dat wel een veiligheidsincident. Zo hebben we dat ook opgeschreven: fysiek geweld met lichamelijk letsel tot gevolg. Kijk, ik ga niet vanuit deze zaal — dat doet u ook niet — of vanuit het ministerie al die veiligheidsregistraties langs. Dat is niet het doel van het registreren. Het doel van het registreren is dat de scholen daar zelf inzicht in krijgen: zijn wij nou een veilige school, waar schort het aan en welke dingen gaan wij samen registreren? Ik stel vast dat, als je op een school met elkaar een veiligheidsbeleid maakt, het ook handig is om daar met elkaar afspraken over te maken.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De staatssecretaris zegt: het doel van de wet. Maar het gaat niet alleen maar om het doel, het gaat ook om de werking ervan en om de effecten op wat scholen dan vervolgens moeten doen. Dat is mij nog steeds niet duidelijk. Als een leerling bijvoorbeeld een blauwe plek heeft, tja, dan moet hij niet naar de eerste hulp, maar is het wel een fysiek incident. Voor mij is dit dus op dit moment ook nog niet duidelijk, en voor scholen blijkbaar op dit moment ook niet. Verder is het natuurlijk zo dat de Raad van State niet zegt dat het alleen zit in de onduidelijkheid waardoor het misschien wel een averechts effect kan hebben. Het gaat erom dat dit een focus creëert op procedures, op registreren, administreren, melden en dergelijke, en dat die focus op de procedurele kwesties juist afleidt van het open gesprek, het intern oplossen en een gezonde sfeer op school. Volgens mij klopt het dus niet wat de staatssecretaris zegt, dat het alleen ging over de mogelijke onzekerheid over wat je moet registreren. Het gaat meer om de hele aanpak die gefocust is op het procedurele in plaats van op de cultuur op school.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het gekke daar is dat de overgrote meerderheid van de scholen zelf al een veiligheidsbeleid heeft en zelf ook met elkaar afspraken heeft gemaakt over hoe om te gaan met veiligheidsincidenten, en een heel groot deel van de scholen nog niet. Nogmaals iets over het doel en de werking. Het doel is een goed veiligheidsbeleid. Als je niet weet hoe veilig het is op je school, kun je ook niet toetsen of je beleid klopt en of het ook echt veilig is op school. Je hebt inzicht nodig. En inzicht verkrijgen doe je door met elkaar af te spreken welke veiligheidsincidenten je registreert op school en hoe je dat gebruikt in je evaluatie over een jaar, als je het veiligheidsbeleid met elkaar evalueert. Daar gaat het om. Als er dan docenten zijn die zeggen &quot;tja, ik weet niet of ik dit moet registreren&quot;, zou het een handige volgende stap zijn om het daar dan even met een aantal collega&#x27;s over te hebben. Dat is volgens mij precies waar deze wet toe moet leiden: dat je met elkaar een veilig, voorspelbaar schoolklimaat creëert waarin de regels duidelijk zijn, waarin sancties en handhaving helder zijn. Maar wij moeten dus geen lijstjes maken, want dan klopt daar altijd wel iets niet aan. Scholen moeten zelf dat lijstje maken en zelf afspraken maken, en dat gebruiken bij het verbeteren van hun veiligheid.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Als uw onafhankelijk voorzitter krijg ik wel een beetje het idee dat we al in het blokje nut, noodzaak en proportionaliteit terechtgekomen zijn.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, een beetje wel.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Maar goed, misschien kunnen we dan het tweede kopje wat inkorten.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Nog één ding. Kijk, natuurlijk houden de meeste scholen het bij en houden ze in de gaten hoe het gaat op hun scholen. Als er incidenten zijn, vechtpartijen, dan weet men dat. En natuurlijk zijn scholen bezig om te proberen te voorkomen dat leerlingen met elkaar gaan vechten of dat er allerlei andere ellende gebeurt; dat is gewoon evident. In principe doet elke school, elke leraar dat al. Maar hier gaat het er natuurlijk ook om dat als je een wettelijke verplichting oplegt, dan ook de structuur en het gewicht veranderen van zo&#x27;n procedure voor iets wat men nu sowieso al doet in vrijwel alle scholen, namelijk gewoon bijhouden wat er gebeurt. Als je zo&#x27;n verplichting toevoegt, met alles wat daarbij komt, dan verandert dat ook de aard daarvan; dan legt men dus juist meer de nadruk op de procedures. Daar gaat het hier om.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik snap wat meneer Boomsma zegt. Er zijn een paar dingen die ik in respons daarop wil zeggen. Eén is: ook al is het maar 5% of 10% dat het niet goed doet, dan vind ik dat te veel. Dat betekent dan dat er gewoon scholen zijn waar kinderen niet zeker weten of ze veilig zijn en ook niet weten waar ze naartoe moeten als dat niet zo is. Dat is dus één. Ik vind 5% of 10% dan echt gewoon niet weinig.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Het tweede is dat we met een wet een norm stellen: we vinden het belangrijk dat dat veiligheidsbeleid er is. Nou, daar hadden we al een wet voor en in de wetsevaluatie bleek dat er wel behoefte is om dit vaker te evalueren en dat daar dan ook een registratie op zit. De heer Boomsma zegt: de meeste scholen weten het wel. Maar op heel veel scholen werken best wel veel mensen en die zitten daar niet van &#x27;s ochtends acht uur tot &#x27;s avonds acht uur. Het is goed om van elkaar te weten wat er voor veiligheidsincidenten zijn, ook om patronen te kunnen herkennen en om het daar met elkaar over te hebben, om als een ouder vraagt of het vaker gebeurt of een incidentje is, te kunnen zeggen dat je dat bijhoudt. Dus ik weet wel wat de heer Boomsma bedoelt, maar er zitten toch wel een aantal elementen in waarvan ik zeg: ik zie dat echt anders.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Van Houwelingen (FVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>In aanvulling hierop. Dit is natuurlijk een draak van een wet. Die geeft allemaal registratieverplichtingen. Scholen hebben daar niks aan. Waar scholen wel wat aan zouden hebben, is dat, als ze bijvoorbeeld honderd keer geregistreerd hebben dat er een pestkop op school zit, die dan van school kan worden gestuurd. En dat kan dan dus niet, want dan moet er natuurlijk een vervangende school worden gezocht. Dan is mijn vraag aan de staatssecretaris: daar zouden die scholen wel wat aan hebben, dus zou de staatssecretaris willen onderzoeken of het mogelijk is of wil ze met een wetsvoorstel komen om het voor scholen makkelijker te maken — wat nu dus niet het geval is — om zo&#x27;n pestkop, als die twintig keer geregistreerd is, straks van school te kunnen sturen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Als meneer Van Houwelingen de Staat van het Onderwijs leest — dat is best een dik boek, hoor — dan ziet hij dat het nu al bijgehouden wordt als er kinderen van school moeten worden gestuurd in verband met ernstige overtredingen wat betreft veiligheid, regels en dat soort dingen. Dat gebeurt al. Ik ben dus niet meteen bereid om daar weer een nieuwe wet voor te maken, heel eerlijk gezegd.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Van Houwelingen (FVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het probleem is, zoals de staatssecretaris ongetwijfeld weet, dat kinderen niet … Stel dat je een pestkop op school hebt zitten. Die staat straks twintig keer geregistreerd, maar die kan niet zomaar van school worden gestuurd. Daar hebben de scholen last van. Die willen van zo&#x27;n leerling af, want die verziekt de sfeer op school. Ze willen dat kind van school hebben. Wij steunen dat van harte. Dat kan betekenen dat het kind geen onderwijs meer krijgt; dat is dan maar zo. Omdat daar een heel probleem van wordt gemaakt — er moet bijvoorbeeld een andere school worden gezocht — blijft die pestkop op school zitten. Mijn vraag aan de staatssecretaris is dus of ze met wetgeving of iets wil komen. Daar hebben scholen wat aan. Scholen kunnen dan makkelijker een kind van school sturen. Dat is mijn vraag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Van de bijzin van meneer Van Houwelingen, &quot;dat is dan maar zo&quot;, neem ik even afstand. In bijzinnen worden vaak dingen gesteld die volgens mij niet door iedereen zomaar worden omarmd. Maar, nogmaals: er zijn al allerlei mogelijkheden voor scholen om veiligheid te garanderen. Deze wet gaat dat nog verbeteren. Ik denk niet dat we individuele personen als debatmiddel moeten gebruiken in het kader van deze wet.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Van Houwelingen (FVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, tot slot. Dan concludeer ik wel iets interessants. De staatssecretaris trekt een grote broek aan en zegt: we gaan voor veiligheid op school zorgen. Maar uiteindelijk staat ze nu eigenlijk achter die pestkoppen. Dat is wat er gebeurt. Ze maakt het scholen onmogelijk om daarvan af te komen. Scholen zouden er wat aan hebben als het ze mogelijk werd gemaakt om van zo&#x27;n pestkop af te komen. Daar heeft een school wat aan, maar dat gebeurt dus niet. Hadden we maar zo&#x27;n wetsvoorstel gehad. Dáár hadden we wat aan gehad.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Daar hoef ik verder niet op te reageren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De antwoorden van de staatssecretaris roepen best wel wat vragen op over het nut en de noodzaak, maar dat is het volgende blokje. Ik wil nu dus nog even bij de visie blijven. Ik heb de staatssecretaris een aantal keer horen zeggen dat dit leidt tot meer voorspelbaarheid. Tegelijkertijd heb ik haar horen zeggen dat het aan de scholen zelf is of ze vinden dat iets geregistreerd moet worden en dat zij dat niet gaat dicteren. Maar hoe is het dan voorspelbaar?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik denk dat het op zichzelf twee dingen zijn. Aan de ene kant gaat het om een voorspelbaar schoolklimaat met voorspelbare regels. Ik noem maar iets. Als de regel op school is dat je niet over de trappen rent, krijg je allereerst een waarschuwing als je wel over de trappen rent. Dan doe je het nog een keer enzovoort. Dat is voorspelbaarheid. Dat gaat dus breder dan alleen maar grote veiligheidsincidenten. Het gaat over een pedagogisch veilig schoolklimaat. Als het gaat om registraties zeg ik nogmaals het volgende. Een aantal dingen die echt geregistreerd moeten worden, hebben we wel in de wet opgenomen. Daarnaast is het aan scholen zelf om te bepalen of die ene duw fysiek geweld is of niet en of dat geregistreerd wordt. Maar we willen dat de dialoog op gang komt en dat scholen zich bewust zijn van wat hun veiligheidsbeleid wel en niet kan doen. Daarmee moeten ze voorkomen dat onveiligheid ontstaat.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb net al gezegd dat ik zo meteen terugkom op nut en noodzaak. Er zijn al 3.000 meldingen, dus de vraag is wat dit toevoegt. Ik zeg toch nog even wat over die voorspelbaarheid. Ik hoor de staatssecretaris namelijk meerdere keren zeggen dat deze registraties belangrijk zijn omdat we daarmee trends en verschillen tussen scholen kunnen zien.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Nee, we …\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Hoho. Mevrouw Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Maar als ik nu naar de staatssecretaris luister, denk ik ten eerste: we weten helemaal niet wat er achter die cijfers schuilgaat. Wanneer wordt het nou wel en wanneer wordt het nou niet geregistreerd? Bovendien beluister ik in de beantwoording van de staatssecretaris dat scholen er verschillend mee om mogen gaan. Dus nog buiten het feit dat het contraproductief kan werken en er misschien wel minder wordt geregistreerd, omdat scholen er dan misschien een beetje angstig voor worden en er helemaal het geld niet voor hebben, is het ook nog eens een keer helemaal niet goed interpreteerbaar.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Volgens mij is er nog een ander misverstand, dat ik dan maar uit de weg moet ruimen. Dat heb ik verzuimd, omdat ik dat nog niet zo zag. Het is dus niet zo dat er een landelijke database komt met Excelbestanden enzovoort enzovoort waarin alle veiligheidsincidenten worden geregistreerd. Het doel van die registratie is namelijk niet dat &quot;ik&quot; of &quot;we&quot; inzicht hebben. Zoals mevrouw Moorman zegt: er zijn al registraties. Het gaat erom dat scholen zelf een veiligheidsbeleid hebben dat ze met feiten en cijfers kunnen onderbouwen en evalueren. Die registraties zijn bedoeld voor de scholen zelf. Als de inspectie langskomt en zegt &quot;dit lijkt me toch wel een onveilige school&quot;, om wat voor reden dan ook — bijvoorbeeld die andere registraties — dan kunnen scholen laten zien: &quot;We houden dat op deze en deze manier bij. Dat gebruiken we in de evaluatie en zo gaan we om met het veiligheidsbeleid.&quot; Dat is het doel; geen grote database.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot mevrouw Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Met alle respect, maar het wordt mij steeds onduidelijker. Als scholen dit zelf op hun eigen manier kunnen interpreteren en op hun eigen manier kunnen registeren, hoe moet de inspectie daar dan toezicht op houden? Moet de inspectie dan elke keer vragen: hoe doet u dat dan precies, hoe hebt u dat gedaan en wat zit er dan achter? Hoe moet de inspectie dan beoordelen bij de scholen of het op de juiste manier is gegaan? Bovendien ligt er dan een fundamenteel wantrouwen ten opzichte van scholen onder, want de meeste scholen doen dit natuurlijk. Ik zie dan ook niet hoe dit tot meer preventie gaat leiden. Ik ben bang dat de antwoorden van de staatssecretaris mij alleen maar meer in verwarring brengen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat is vervelend, want uiteraard ging ik hiernaartoe om met de Kamer in debat te gaan om echt een aantal misverstanden, die ik in de eerste termijn van uw Kamer al langs hoorde komen, en nu nog steeds, uit de weg te helpen. Ik begon er al over: elke school wil veilig zijn. Natuurlijk. Wij vinden het allemaal heel belangrijk dat elke school veilig is, want anders kom je niet aan leren toe. In deze wet staan een aantal normen over wat je doet om die veiligheid op jouw school goed neer te zetten, met een gedegen veiligheidsbeleid, dat structuur biedt om te werken. Zo staat het ook in de memorie van toelichting. Ik noem preventie, positief schoolklimaat en handelingsperspectief bij onveiligheid. Daar gaat deze wet over. Nogmaals, wij hoeven niet te controleren wat scholen wel of niet registreren. Het is een manier voor scholen om hun eigen veiligheidsbeleid toetsbaar en op feiten gebaseerd neer te zetten en daarmee een veiliger schoolklimaat te creëren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De staatssecretaris weet dat ik kritisch ben over nut en noodzaak, maar daar gaat de staatssecretaris zo iets over zeggen. Ik ben in ieder geval blij met de opmerking dat scholen die data vooral voor zichzelf gebruiken en dat het dus niet zo is dat het ministerie of de Tweede Kamer elk jaar hier een groots debat heeft over: kijk nou eens hoeveel registraties de school in noord of die in zuid heeft. Dat is niet de bedoeling. Voor mij was het wel een zorg dat we gaan registreren om vervolgens scholen die hun best doen om het veiliger te maken daarop vervolgens af te rekenen. Ik hoor de staatssecretaris zeggen dat daar wat meer licht zit. Dat roept bij mij wel de vraag op waarom dit dan niet een vrijwillig karakter kan krijgen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat is een mooie vraag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Nou, dan hou ik &#x27;m even hierbij, als de voorzitter het mooi vindt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze wet is er niet omdat iemand ergens een keer bedacht: zullen we deze wet eens gaan maken? De wet is gebaseerd op de evaluatie van de wet inzake schoolveiligheid die in 2021 is uitgevoerd. Die incidentregistraties worden nu niet altijd gedaan. De meldroutes zijn niet altijd handig. Wat wij met deze wet doen, is scholen die dat nog niet hebben gedaan aan het werk zetten om zelf op een goede manier hun veiligheidsincidenten te registreren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Een van de zorgen die ik heb, is dat dat vervolgens leidt tot een gedragsverandering. Scholen die nu al het goede gesprek normerend op het schoolplein of de klas voeren op het moment dat er sprake is van grensoverschrijdend gedrag, gaan dat niet meer doen, maar gaan registreren. Er ontstaat dan een gedragsverandering waarvan ik niet per se weet of de school daar veiliger van wordt.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mijn andere zorg is dat die cijfers, of dat nou in schoolverbanden, regionaal of op welke wijze dan ook gebeurt, jaarlijks gebruikt gaan worden om toch te kijken welke school veiliger is dan de andere. Ik vraag me af of de staatssecretaris de zorg kan wegnemen dat die twee gedragsveranderingen door het aannemen van deze wet zullen optreden. Mij lijkt het heel evident, omdat die data er zijn en je daar vervolgens ook conclusies uit gaat trekken. Dan krijg je een ongewenst effect ten opzichte van wat de staatssecretaris wil: intern gebruik; je schrijft het op, dan heb je er beleid op en verder is er niemand die daar verder iets van hoeft te vinden. Ik zie toch veel losse eindjes. Kunt u uitleggen hoe dat scenario wordt voorkomen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat is altijd moeilijk, want dan moet je een soort van als-danredenering volgen en het is soms lastig om op basis van feiten te beargumenteren, omdat die feiten er nog niet zijn. Uiteindelijk gaat het voor scholen zelf ... Ik denk dat scholen zelf ook wel enigszins zicht willen hebben op hun feiten en cijfers op het gebied van veiligheid. Dat is ook wel wat ik terughoor van schoolbestuurders en schoolleiders. Om te voorkomen dat data met elkaar gedeeld worden, is uiteindelijk ook weer aan de scholen zelf. Het is aan hen wat ze wel en niet met hun data willen doen. Er is wel een instantie die daar zeker inzicht in mag hebben, en dat is de inspectie, als die daar aanleiding toe heeft.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot. Kan de staatssecretaris in ieder geval toezeggen dat, mocht deze wet worden aangenomen — dat weet ik nog niet, maar dat gaan we merken — de onderwijsinspectie de data natuurlijk mag opvragen op het moment dat er bezoeken plaatsvinden, maar dat daar vervolgens niet een soort van protocol uit ontstaat dat de onderwijsinspectie die data van tevoren al als meetpunt gaat nemen, zonder dat dit gekoppeld is aan bezoek? Ik snap dat de inspectie de data opvraagt als ze op bezoek gaat, maar ik zie ook een risico dat de onderwijsinspectie dit als een soort van preventief inschattingsinstrument gaat zien. Volgens mij ontstaat daaruit dan wat ik net zei: de onderwijsinspectie gaat de data zo gebruiken, alle scholen gaan ze zo gebruiken en voordat je het weet staan wij hier elk jaar als Tweede Kamer aan te wijzen welke school wel of niet veilig is, en dat is volgens mij niet de bedoeling van deze staatssecretaris.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Er zijn natuurlijk ook andere veiligheidsdata. Ik hoor goed wat de heer Ceder zegt, maar wil daar in tweede termijn op terugkomen, om even goed voor mezelf scherp te hebben wat de inspectie nu gebruikt om vergelijkingen te maken als het gaat om een veiliger schoolklimaat en welk risico daarin zit. Ik kom daar dus in tweede termijn op terug.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Laten we een klein beetje gas op die lolly zetten en in ieder geval visie gewoon afronden. Daarna doen we weer ...\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Visie had ik afgerond. Ik was bij nut en noodzaak.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Nou, dan gaan we nut en noodzaak ook afronden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik kijk even wat ik daar nog over moet zeggen en wat ik nog niet heb gezegd in de afgelopen interruptiedebatjes. Het makkelijke wat ik in ieder geval wil zeggen, is dat we natuurlijk balans moeten zoeken, maar dat is een open deur. Aan de ene kant is de veiligheid op school gewoon superbelangrijk en aan de andere kant moeten we ook voorzichtig zijn om niet te veel aan bureaucratie en registraties te doen, en dat is natuurlijk precies wat we nu aan het doen zijn, volgens mij ook in dit debat. Ik zie dus aan de ene kant de noodzaak om dat veiligheidsbeleid op scholen echt gedegen, geëvalueerd en gebaseerd op feiten te krijgen, en aan de andere kant ook niet te overdrijven in wat we allemaal gaan voorschrijven. Daar kom ik straks bij de amendementen nog even op terug.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Er is ook een landelijke Veiligheidsmonitor, waarop nu al gemonitord wordt hoe het gaat met de veiligheid op scholen. We weten dat meer dan de helft van de middelbare schoolleerlingen weleens een incident op school heeft meegemaakt. We weten ook dat lang niet alles wordt gemeld. Ook onderwijspersoneel heeft helaas te maken met onveiligheid. Daar heeft de vakbond CNV Onderwijs recent nog een onderzoek over gepubliceerd.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Een aantal van uw leden vroeg wat dan de oorzaak van de toename van onveiligheid op scholen is. Dat is moeilijk zomaar met één antwoord te benoemen. Waar het om gaat, is dat de maatschappij de school en de klas in komt. Verharding en polarisatie zien we overal in onze samenleving en die hebben uiteraard ook hun effect op school. Tegelijkertijd is school ook een andere plek gaan innemen, waarbij de gemeenschap, de minisamenleving, soms wel, maar soms ook nog niet als zodanig wordt gevoeld.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De cijfers zijn dus duidelijk en zoals ik al zei, komt uit de wetsevaluatie van 2021 voort dat we er echt nog wat aan te doen hebben om de wet te verbeteren. Ook vanuit bijvoorbeeld de vakbonden is positief gereageerd op het voornemen om met deze wet aan de slag te gaan, omdat dit de veiligheid moet verbeteren.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik loop even langs hoe we de evaluatie en andere data hebben gebruikt om te komen tot dit wetsvoorstel. Het is namelijk niet zo dat iemand dit in zijn eentje heeft zitten verzinnen. De verdieping en de verbreding van de leerlingenmonitor, die onderdeel is van de wet, komt voort uit de evaluatie van de Wet veiligheid op school. We zagen dat scholen eigenlijk te weinig zicht hebben op de ervaren veiligheid. De meldplicht voor ernstige incidenten komt voort uit een aangenomen motie-Peters\u002FPouw-Verweij, die vraagt om een meldplicht. De uitbreiding van de meld-, overleg- en aangifteplicht is gebaseerd het onderzoek naar seksueel grensoverschrijdend gedrag in het onderwijs, waaruit bleek dat scholen in de praktijk vaak zelf beoordelen of sprake is van seksueel misbruik, zonder daarbij de expertise van bijvoorbeeld de vertrouwensinspectie te gebruiken. Daardoor wordt veel seksueel grensoverschrijdend gedrag niet herkend en wordt er te weinig aangifte gedaan.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De evaluatie van het klachtenstelsel resulteerde in de aanbeveling om de interne en externe vertrouwenspersoon te verplichten, zoals we nu hebben opgenomen, omdat leerlingen, ouders en ook personeelsleden aangaven dat ze een gebrek hadden aan onafhankelijke en laagdrempelige steun als het gaat over onveiligheid. In diezelfde evaluatie van het klachtenstelsel stond ook de aanbeveling om scholen te verplichten zich aan te sluiten bij een landelijke klachtencommissie, omdat kleinere lokale commissies minder goed bleken te zijn in klachtenbehandeling.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Nog weer even terug naar de evaluatie van de Wet veiligheid op school. Daaruit bleek ook dat scholen hun veiligheidsbeleid eigenlijk niet evalueren. Daardoor wordt het goede gesprek over wat nodig is op school om veiligheid te garanderen, waar we eerder naar verwezen, vaak niet gevoerd. En als het wordt gevoerd, is het niet gebaseerd op een gedeeld en goed beeld van wat er daadwerkelijk op school is gebeurd in het jaar daarvoor.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Deze wet lost een aantal praktische knelpunten op en is een belangrijke stap om een norm te stellen en scholen te vragen te doen wat ze minimaal moeten doen om hun veiligheid op orde te brengen. Dat betekent dus dat alle scholen goed zicht moeten hebben op hun veiligheidssituatie; daar heb ik al naar verwezen. Bij signalen van onveiligheid moet er goede ondersteuning en begeleiding zijn, bijvoorbeeld door vertrouwenspersonen en klachtencommissies. Het veiligheidsbeleid moet jaarlijks kritisch worden geëvalueerd, samen met de medezeggenschapsraad. Op die manier moet het ertoe leiden dat iedereen op school gehoord en ook geholpen wordt als het gaat over veiligheid, en dat het gesprek over veiligheid vaker en beter onderbouwd wordt gevoerd. Dat is cruciaal om het veiligheidsbeleid te kunnen verbeteren en om te kunnen voorkomen dat onveiligheid plaatsvindt, zeker voor leerlingen die het meest te maken hebben met onveiligheid; dat noemde ik al eerder. Heel veel scholen doen het al, maar nog lang niet alle scholen hebben de basis goed op orde wat betreft de maatregelen die zijn benoemd. De wet vraagt dan ook vooral iets van scholen die dat nog niet op orde hebben.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Er zijn veel vragen gesteld over administratieve lasten, onder anderen door mevrouw Armut, mevrouw Moorman, meneer Boomsma, meneer Claassen, meneer Ceder en meneer Kisteman. De vraag is: welke balans vinden we? Wegen de baten op tegen de lasten? Ik vind het eigenlijk best normaal, zoals ik daarstraks in een bijzin ook al zei, dat een school bijhoudt wat er aan veiligheidsincidenten is. En dat is het dus ook, want de meeste scholen doen het al. Overigens heeft een heel groot deel van de scholen, 79%, al een interne en externe vertrouwenspersoon, maar 20% dus niet. Een heel groot deel van de scholen is al aangesloten bij een landelijke klachtencommissie. De meerwaarde van deze wet is dan ook vooral dat we een standaard en een norm stellen waaraan alle scholen moeten voldoen wat betreft hun veiligheidsbeleid. Het meerwerk voor scholen betreft dus vooral scholen die de basis nu nog niet op orde hebben. Scholen waar dit wel voor geldt, zullen weinig extra inspanning hebben door deze wet.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman vroeg ook:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>bent u niet bang dat personeel gaat vertrekken op scholen omdat er administratieve lasten zijn? Nou, dat denk ik niet. De bedoeling is dat scholen veiliger worden. Ook het personeel heeft daar baat bij, want een veilige school is ook een aantrekkelijkere school om voor te werken. Juist personeel op scholen waar de veiligheid nu nog niet de norm haalt, gaat baat hebben bij deze wet, is onze verwachting. Dat is ook verwachting van de bonden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het moeilijke is dat het eigenlijk steeds op twee gedachtes hinkt. Aan de ene kant zegt de staatssecretaris: het gebeurt eigenlijk al, dus het kost geen extra werk en ik hoef er dus ook geen extra geld voor te geven. En aan de andere kant zegt de staatssecretaris: dit is echt heel belangrijk, want dit maakt het onderwijs veiliger. Het kan natuurlijk niet allebei tegelijkertijd waar zijn. Het is het een of het ander, tenzij de staatssecretaris zegt: ik heb een aantal scholen in beeld waarvan ik denk dat deze wet ze gaat helpen. Dan is mijn vraag: waarom mist er een hele heldere analyse van de scholen waarvan de staatssecretaris het idee heeft dat ze dat nu nog niet doen en dat ze dat met deze wet wel gaan doen? En waar gaat het dan ten koste van? Wat gaan die scholen dan niet meer doen wat ze nu wel doen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Wat die scholen nu niet doen, is bijhouden of hun veiligheidsbeleid werkt, hoeveel incidenten er zijn, wat er met die incidenten gebeurt en of er vertrouwenspersonen zijn voor scholieren en personeelsleden. Dat moeten die scholen in gaan regelen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Maar welke scholen zijn dat dan? Hebben we een analyse van welke scholen dat zijn? Of zegt de staatssecretaris: ik zie een aantal scholen waar geen incidenten zijn en daar heb ik dan vraagtekens bij? Voorzitter, sta mij toe dat ik dan een vergelijking wil maken met bijvoorbeeld het opstellen van een proces-verbaal door een leerplichtambtenaar. Daarvan hebben we juist met z&#x27;n allen gezegd: het is goed als er minder processen-verbaal zijn, want we moeten met elkaar in gesprek. Het feit dat er minder processen-verbaal zijn, betekent dus juist niet dat het niet goed gaat. Ik wil graag weten van de staatssecretaris waar zij het op baseert dat er scholen zijn die niet op de juiste manier registreren en daarmee geen goed veiligheidsbeleid hebben. Ik mis gewoon die hele analyse onder deze wet.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat baseer ik op de wetsevaluatie die in 2021 is gedaan van de Wet veiligheid op school. Als mevrouw Moorman aan mij gaat vragen welke scholen dat dan zijn, zou ik iets gaan doen wat mevrouw Moorman volgens mij ook niet wil, namelijk met naam en toenaam zeggen welke scholen wel en niet veilig zijn. We weten dat een heel groot deel van de scholen een goed veiligheidsbeleid heeft. We weten dat een heel groot deel van de scholen incidenten al registreert, maar een deel ook niet. Zoals ik daarstraks al zei: ik vind dat niet acceptabel. Ik vind het namelijk gewoon te veel als 5% tot 10% van de scholen dat niet doet en geen zicht heeft op de veiligheid op de school. Als wij een wet maken, maken we die voor iedereen. Niet voor een groepje, niet voor een deel, niet voor een selectie, niet voor één of twee scholen; we maken een wet die voor iedereen geldt. Daarmee stellen we als wetgevers ook een norm en zeggen we: wij vinden het belangrijk dat u een degelijk veiligheidsbeleid heeft, dat gebaseerd is op feiten, en wij vinden het belangrijk dat u dat jaarlijks toetst en bijstuurt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Maar nergens in die wetsevaluatie staat dat scholen vragen om meer registratie. Wat er staat in die wetsevaluatie, is dat scholen de behoefte hebben om hun schoolveiligheidsbeleid met name op preventie te verbeteren. Er staat dat ze jongerenwerkers in de school willen hebben, dat ze scholing willen hebben en dat ze een goed pedagogisch klimaat willen hebben. Nergens staat dat die 5% tot 10% van de scholen er baat bij heeft om meer te gaan registreren. Nogmaals, waar baseert de staatssecretaris deze analyse op? Ik mis gewoon een heel fundament onder deze wet en dat mist de Raad van State ook.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De Raad van State is een stevig argument, maar volgens mij moeten we dat ook niet telkens benoemen. De Raad van State heeft een advies gegeven. Ik heb al gezegd hoe we zijn omgegaan met de memorie van toelichting om dat te verbeteren. U kunt wel zeggen dat u de analyse mist, maar we weten gewoon dat heel veel scholen geen zicht hebben op wat er eigenlijk op school gebeurt, en dat ze hun veiligheidsbeleid dus niet hebben gebaseerd op feiten en toetsing. Wat er voortkomt uit het veiligheidsbeleid, is goed. Ik denk dat mevrouw Moorman daar een aantal goede dingen noemt. Sommige scholen hebben er inderdaad baat bij als de wijkagent één of twee keer per week even in gesprek gaat. Sommige scholen hebben baat bij een samenwerking met jongerenwerk die die veiligheid borgt. Maar die keuze kun je pas maken als je weet hoe het gaat met de veiligheid op je school.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voorzitter, een punt van orde.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Een punt van orde.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De staatssecretaris zal het niet zo bedoelen en ze zegt het ook netjes, maar ik vind het wel vrij ingewikkeld als de staatssecretaris over de Raad van State, een zeer gerenommeerd instituut dat ons als Kamer ook echt helpt om de wetsevaluaties goed te doen, zegt: die moeten we niet steeds benoemen. Ik denk dat het juist heel belangrijk is dat we de oordelen van de Raad van State serieus nemen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Mevrouw Rooderkerk was eerst.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ook vanuit D66 zijn we kritisch op het vergroten van de administratieve druk en regeldruk voor scholen. We willen natuurlijk vooral dat leraren zich kunnen bezighouden met hele goede lessen. Maar veiligheid is daar een randvoorwaarde voor. Scholen geven vooral aan: help ons nou met preventie en ondersteuning om echt voor meer veiligheid te zorgen. Zou de staatssecretaris kunnen ingaan op de manier waarop ze dat vanuit het ministerie wil doen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik noemde al de Stichting School &amp; Veiligheid, die nu al scholen bijstaat, zowel bij het maken en evalueren van beleid als bij het omgaan met incidenten en het creëren van een veilig schoolklimaat. Dat is een van de belangrijkste stichtingen om scholen daarbij te helpen. Er zit veel expertise, zowel op het gebied van fysieke onveiligheid als onlineveiligheid. Uiteindelijk komt het neer op het volgende. Als een school een veiligheidsbeleid maakt, ga ik ervan uit — ik denk dat iedereen dat doet — dat daarin staat dat het onveiligheid zo veel mogelijk wil voorkomen en de maximaal mogelijke veiligheid op school wil hebben. Daar zit dus inherent preventie in. Ik begrijp soms niet helemaal dat we daar zo anders naar kijken.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Die stichting is er en ondersteunt scholen ook al. Zijn er dan ook zaken waarvan de staatssecretaris zegt: daar willen wij extra op inzetten, want we hebben zorgen over die veiligheid en we delen bijvoorbeeld heel erg de zorgen over onlineveiligheid? Wat wordt er dan extra gedaan om te zorgen dat scholen daarin ondersteund worden?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Stichting School &amp; Veiligheid is eigenlijk voortdurend in gesprek met scholen over wat zij nodig hebben. Soms zijn er trends in de maatschappij. Ik geloof dat ik daar straks in een aantal antwoorden op vragen ook op terugkom. Denk aan onlinetrends rondom bijvoorbeeld de manosfeer. De Stichting School &amp; Veiligheid speelt best wel snel in op dat soort ontwikkelingen door expertise bij elkaar te pakken en via een aanbod aan scholen over hoe ze daarmee om kunnen gaan. Aan de ene kant is dat beleidsmatig, aan de aan de andere kant is dat letterlijk in de klas. Zo is er de subsidie schurende gesprekken, ook voor docenten. Als die onveiligheid in de maatschappij de klas binnenkomt, hoe ga je daar dan mee om? Hoe creëer je het goede gesprek, ook in de klas? Dat soort dingen lopen en die blijven toegankelijk voor scholen. Dat is zowel beleid als de praktische invulling daarvan.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot. Wat ik zonde vind, is dat de wet die we nu bespreken wellicht een beetje afleidt van de maatregelen zijn die echt zorgen voor meer veiligheid op scholen. Dat zit &#x27;m toch echt vaak in die preventie. Het zit &#x27;m ook in bijvoorbeeld meer lessen over digitale veiligheid en een betere opvolging als er iets misgaat. Ik denk er dus zelf ook over na om daar nog meer voorstellen voor te doen. Maar ik hoop ook dat ik, wellicht straks in de beantwoording, meer hoor van de staatssecretaris over dat we daadwerkelijk voor veiligere scholen gaan zorgen, in plaats van veiligheidsincidenten alleen te melden. Dat is namelijk toch een beetje de afdronk van deze wet.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Heel eerlijk: ik deel die teleurstelling. Een wet is altijd onderdeel, in mijn visie tenminste, van een breder pakket. Bij Stichting School &amp; Veiligheid lopen bijvoorbeeld al heel veel goede dingen. De subsidie schurende gesprekken loopt al heel goed, dus daar hoef ik bij wijze van spreken nu niet met uw Kamer over te praten. Maar we hebben deze wet wel nodig om de norm te stellen dat elke school bezig gaat met dat veiligheidsbeleid. Wel deel ik de mening van mevrouw Rooderkerk dat het misschien een beetje afleidt van de essentie.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Mensen die op een school werken, leraren, directeuren en anderen, komen daar elke dag. Volgens mij weten zij wat er speelt op zo&#x27;n school. Zij zien die klassen. Dat zit &#x27;m niet alleen in alle grote incidenten, maar ook in de toon, in hoe leerlingen met elkaar omgaan, in allerlei kleine dingen die je niet kunt vatten in een soort procedure of registratie. Er zijn scholen waar het goed gaat, waar leraren zeggen: we hebben er zicht op en treden op wanneer we zien dat dingen ontsporen. Dat kan ook voordat een incident plaatsvindt, maar het kan ook zijn dat dit gesprek daarna gevoerd moet worden. Mijn zorg is een beetje dat je dat hele organische proces, dat hoort bij zo&#x27;n minisamenleving die een school is, doorkruist met die registratieplicht.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Daar heeft u een vraag over, denk ik?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Als het op de een of andere manier niet zo werkt op een klein percentage van de scholen, voegt het ook niet zo veel toe om daar opeens die registratieplicht op te leggen. Als ze daar niet vanzelf al goed mee bezig zijn, gaat een registratieplicht ook niet helpen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Vraagteken.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Daar kijk ik echt wel wat anders naar. Er zijn scholen waar al een veilig schoolklimaat heerst, waar weinig veiligheidsincidenten zijn en waar sprake is van voorspelbare regels, voorspelbare handhaving en voorspelbare sancties. Meneer Boomsma is vast zelf ook op die scholen geweest, waar je het al voelt wanneer je er binnenkomt: je voelt je eigenlijk al veilig. Maar dat kan je inderdaad niet duiden — daar heeft meneer Boomsma gelijk in — in grafiekjes, tabelletjes of procesbeschrijvingen. Er zijn ook scholen die dat nu nog niet op orde hebben. Op zo&#x27;n school is meneer Boomsma misschien ook weleens. Je loopt zo&#x27;n school binnen en denkt: ehm … Juist die scholen hebben er wel baat bij om maar eens te beginnen met dat soort dingen in kaart te brengen, om te zorgen dat hun veiligheidsbeleid goed doordacht is en dat de evaluatie van dat veiligheidsbeleid gebaseerd wordt op feiten en incidenten. Die stap is echt wel nodig voor die scholen waar het nu nog niet veilig genoeg is.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik denk dat het voor de scholen waar dat niet op orde is, waar die veiligheidscultuur niet op die manier functioneert, dan ook niet helpt om die procedures zomaar toe te voegen. Dan moet er misschien wel van alles gebeuren, maar ligt het dan niet meer voor de hand om de wet zo aan te passen dat je zegt: scholen waar het niet goed gaat — en dat bepaal je misschien op instructie van de inspectie of op andere manieren — halen we eruit en daar komen we met aanvullende verplichtingen, maar dat doen we niet voor alle scholen als geheel waar het nu al wel goed gaat?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik vind dat je met een wet ook gewoon een norm stelt. Wij zeggen met deze wet gewoon: &quot;Het is belangrijk dat u werkt aan uw veilige schoolklimaat. Dat betekent dat u een veiligheidsbeleid heeft, dat u dat veiligheidsbeleid elk jaar evalueert, dat u dat baseert op de incidenten die u registreert, dus ook de feiten en de toetsing, dat u een externe vertrouwenspersoon heeft&quot;, enzovoort. Dat is de norm die we als wetgever stellen. Ik vind het heel belangrijk om die gewoon voor iedereen te laten gelden. Een deel van de scholen zal zeggen: we kijken er zo eens naar en eigenlijk voldoen we al aan de wet. Dat is hartstikke fijn. Of ze zeggen: eigenlijk voldoen we al aan de wet, maar we moeten alleen nog een externe vertrouwenspersoon aantrekken. Er zijn ook scholen die zeggen: als we er zo eens naar kijken, dan zijn we daar nog ver van verwijderd en hebben we wel wat te doen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De heer Boomsma heeft nog één interruptie.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik denk dat het goed is om een norm te stellen, maar volgens mij is een norm stellen wel wat anders dan allerlei wettelijke administratieve verplichtingen invoeren. Je hebt ook de norm dat ouders hun kinderen goed opvoeden, bijvoorbeeld. Dat betekent niet dat je alle gezinnen en alle ouders in Nederland een registratieplicht geeft voor incidenten in het gezin, of zo. Dat betekent wel dat als er echt dingen misgaan in een gezin, je dan als overheid inderdaad maatregelen neemt. Is de staatssecretaris het wel met mij eens dat de norm stellen niet per se betekent dat je deze hele serie administratieve en procedurele verplichtingen oplegt?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik vond de vergelijking niet helemaal opgaan, maar ik zal me niet laten verleiden om daarin mee te gaan. We stellen de norm dat een school een veiligheidsbeleid heeft, dat elk jaar evalueert en dat toetst op feiten. Dat is de norm die we stellen. De norm van een veilige school wordt, denk ik, een nog veel grotere administratieve last als ik het pad van meneer Boomsma afloop. Dat komt ook omdat de ene school de andere niet is, bijvoorbeeld in omvang, in locatie, in problematiek en in van alles en nog wat. De norm die we stellen, is dus dat je als school het beste weet wat er nodig is voor de veiligheid op jouw school. Je weet dat nog beter als je het ook bijhoudt als het misgaat.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voordat we naar mevrouw Moorman gaan, heb ik een voorstel. Ik stel voor dat we deze interrupties nog doen en dat we dan de blokjes vanaf nu gaan afmaken om toch ook een klein beetje binnen de tijd te blijven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik doe mijn best, voorzitter.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat doet u zeker. Allereerst een vraag van mevrouw Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Wat ik wel lastig vind in dit debat, is het volgende. Volgens mij zit hier een vrij welwillende Kamer. Er is van rechts tot links echt niemand te vinden die zegt: er moet geen veilig schoolklimaat zijn. Dat vinden we echt allemaal. We vinden ook dat daar een norm voor moet zijn, maar die norm hebben we allang. We hebben allang een Wet veiligheid op school. Ik vind het dus lastig — ik zeg dit in alle eerlijkheid en met alle respect voor de staatssecretaris — dat in de beantwoording het beeld wordt geschetst dat als wij deze wet niet aannemen, er geen norm is voor een veilig schoolklimaat. Die is er echt allang. Die is al in heel veel verschillende wetten vastgelegd. Wij bespreken hier met elkaar of een registratieplicht, een extra registratieplicht, want er is allang een registratieplicht, het veiliger gaat maken op scholen. Het lijkt me wel belangrijk dat de staatssecretaris haar antwoorden daar ook op … Het wordt anders een heel breed debat, waarbij de Kamer eigenlijk niet kan beoordelen of deze wet het nou daadwerkelijk veiliger maakt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De wet waar mevrouw Moorman naar verwijst, is in 2021 geëvalueerd. Een aantal zaken daaruit hebben we meegenomen in deze Wet vrij en veilig onderwijs, die je ook een wetsaanscherping zou kunnen noemen. Dat is wat we gedaan hebben. Mevrouw Moorman heeft geen ongelijk, maar ik gebruik dit wel om even uit te leggen dat we in deze wet een aantal dingen opnemen om ervoor te zorgen dat het veiligheidsbeleid er niet alleen is, maar ook elk jaar wordt geëvalueerd op basis van feiten. Je achterhaalt die feiten door als school zelf te registreren welke veiligheidsincidenten er hebben plaatsgevonden, zodat je …\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Mevrouw Moorman. Ik hoorde een punt, sorry.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het was een komma.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Die wetsevaluatie heb ik natuurlijk gelezen. In die wetsevaluatie staat vooral dat scholen geholpen moeten worden om een veilig klimaat te krijgen. Daar zijn we het volgens mij ook allemaal mee eens. Ik mag het blijkbaar niet meer over de Raad van State hebben, maar er wordt nu ook door het veld zelf aangegeven dat dit het niet veiliger gaat maken. Sterker nog, er wordt aangegeven dat dit contraproductief gaat werken. Mijn vraag aan de staatssecretaris ligt dus in het verlengde van die van de heer Boomsma. Is het nou niet verstandig om … Zoiets is ook gebeurd in 2012 onder het kabinet-Rutte II, toen er een vergelijkbare wet lag en de Kamer samen met de regering tot het inzicht is gekomen dat het beter was om die wet terug te nemen, omdat die niet zou helpen. Ik neem het de staatssecretaris zelf persoonlijk echt niet kwalijk, want het is een wet uit een vorige periode. Zou het niet verstandig zijn, al die kritiek uit de Kamer horende, om deze wet op dit moment terug te nemen, goed te evalueren en hier een wet neer te leggen die het onderwijs daadwerkelijk veiliger gaat maken?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De bedoeling van deze wet is om het onderwijs veiliger te maken met de norm dat een school een goed veiligheidsbeleid heeft. Dat stond inderdaad in de wet waar mevrouw Moorman naar verwees: dat elke school dat beleid heeft. We weten inmiddels dat niet elke school dat beleid ook daadwerkelijk gebruikt. Beleid kan papier zijn, maar uiteindelijk willen we graag dat scholen dat van het papier af krijgen en ervoor zorgen dat dat veilige schoolklimaat tot stand komt. In deze wet zetten we dan dus dat beleid geëvalueerd moet worden en dat dat moet gebeuren op basis van feiten. Die feiten komen voort uit de registratie. Dat is wel vaker zo. Als je ergens inzicht in wil krijgen, moet je toch data hebben, informatie. Dat is het ene. Het andere wat mevrouw Moorman zegt, is — dat is, denk ik, heel terecht — dat scholen ook zeggen: help me er dan mee, want ik vind het lastig. Dat gebeurt zeker als we het hebben over scholen waar veel op af te dingen is als het gaat over veiligheid. Dat staat niet in de wet, maar daar hebben we wel beleid op. We hebben de Stichting School &amp; Veiligheid, we hebben de subsidie schurende gesprekken en zo zijn er nog een aantal voorbeelden. Scholen worden daarmee echt geholpen om hun veiligheidsbeleid, maar ook de uitvoering daarvan, dus het van het papier af krijgen van het beleid, in de praktijk te brengen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voorzitter, ik doe echt mijn best. Hier vinden de staatssecretaris en ik elkaar: we willen niet dat het een papieren tijger is. Maar dit wordt juist een papieren tijger, want dit wordt juist registratie. Dit wordt juist alleen maar — zo wordt het ook steeds gezegd — alles op papier, terwijl dat een open klimaat, waarin je met elkaar kan bekijken hoe we het veiliger krijgen en hoe we zorgen voor preventie, in de weg staat. Als we het er met elkaar over eens zijn dat het geen papieren tijger moet zijn, dan is dat toch juist de reden om te zeggen: we gaan dit gewoon nog eens met elkaar overdoen? Dat zeg ik niet omdat we iemand daar de schuld van geven, maar gewoon omdat we het goed willen doen en omdat we willen voorkomen dat we een wet aannemen waarvan de evaluatie straks laat zien dat het alleen maar slechter is geworden. Voordat we dan echt tot een goede wet komen, zijn we gewoon tien jaar verder. Dat wil ik voorkomen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat zou ik ook niet willen. Ik wil ook niet dat we wetten in kasten zetten en er verder niets mee doen. Daarom vind ik het zo belangrijk dat in deze wet is opgenomen dat scholen hun veiligheidsbeleid elk jaar evalueren, zodat het niet iets is wat je een keertje gemaakt hebt met z&#x27;n allen op de hei en vervolgens in de kast stopt, maar iets wat gaat leven en waar scholen mee bezig zijn. Om dat goed te kunnen doen, is informatie nodig. Ik zei al dat heel veel scholen dat ook al doen. Dat is ook heel logisch. Als een vechtpartij voor de zoveelste keer leidt tot blauwe plekken en ik-weet-niet-wat voor dingen, wordt dat ergens bijgehouden. Zo weet niet alleen de conciërge dat deze plaatsvond, maar weten ook het personeel en de schoolleiding dat. Dan kunnen ze patronen herkennen. Dan kunnen ze zien dat het wel vaak op die of die dag is, of dat het altijd is als dat of dat in de buurt gebeurt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>We moeten echt vaart gaan maken. Ik stel voor dat we het derde blokje, maatregelen, eerst helemaal gaan afronden, en dan gaan bekijken of er bij het derde blokje interrupties zijn.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>In dit blokje heb ik nog een paar dingen, onder andere in antwoord op mevrouw Moorman en meneer Boomsma, over kritiekpunten uit het advies van de Raad van State. Er werd een beetje gesuggereerd dat we dat advies hebben genegeerd, maar dat is helemaal niet zo. Een aantal kritiekpunten uit het advies hebben we meegenomen, zoals het uit het voorstel schrappen van de personeelsmonitor en de uitbreiding van de aangifteplicht naar meerderjarige studenten. Zoals ik al heb gezegd in de memorie van toelichting, hebben we duidelijker uitgelegd welke afwegingen we maken als het gaat over die balans tussen administratieve last en het daadwerkelijke veiligheidseffect.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Overigens wil ik daarbij nog benadrukken dat ook ik echt heel kritisch ben op wat we aan administratieve lasten vragen en op het vergroten van administratieve lasten. Wat mij betreft gaan we ervoor zorgen dat er de komende jaren veel minder administratieve lasten zijn; zo kijk ik naar elk voorstel dat ik langs zie komen. We zijn ook bezig met een vereenvoudigingswet. Ik ben het er dus helemaal mee eens als de Kamer zegt: mevrouw de staatssecretaris, die administratieve last moet minder. Maar met deze wet vind ik die last proportioneel.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter. Over maatregelen gesproken. Dit is best wel een dik mapje, zo lijkt het.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>We gaan het helemaal afmaken.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik ga kijken hoe ik zo min mogelijk herhalingen kan hebben en zo veel mogelijk effectief debat met uw Kamer kan voeren. Meneer Kisteman vroeg hoe de leerlingenmonitor eigenlijk werkt in de praktijk. Die monitor wordt nu al jaarlijks heel digitaal afgenomen. Vaak gebeurt dat in de klas, maar scholen kunnen er ook voor kiezen om leerlingen te vragen om die op een andere manier in te vullen. De school moet er uiteraard altijd voor zorgen dat de leerling die monitor anoniem in kan vullen en dat de resultaten niet herleidbaar zijn. Er werd net al iets gezegd over geld. Er is €800.000 voor de PO-Raad en de VO-raad om scholen daarbij te helpen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Over de incidentenregistratie hebben we al veel gezegd, maar er waren nog een aantal vragen over hoe die nou kan helpen. Ik ga daar toch nog een paar dingen over zeggen. Los van het feit dat scholen inzicht krijgen en daarmee ook hun veiligheidsbeleid kunnen evalueren, helpt registratie ook om in gesprek te zijn met bijvoorbeeld ouders, de wijkagent of jongerenwerk om inzicht te krijgen in wat er nu misgaat op school en hoe zij daarbij kunnen helpen. Ik denk dat het gegeven dat scholen daar hulp bij hebben, deels aansluit bij wat mevrouw Moorman uitlichtte uit de wetsevaluatie. Dan helpt het om inzicht te hebben in wat er nog niet goed genoeg gaat en om daar grip op te hebben.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Kisteman zei dat het kan gebeuren dat een leerling zich helemaal niet veilig voelt en dat de school zegt zoiets niet te zien. Met het wetsvoorstel verplichten we elke school om vertrouwenspersonen te hebben bij wie een leerling altijd terechtkan als die iets vervelends meemaakt. De vertrouwenspersoon kan vervolgens met de leerling nadenken over wat er is en of er wellicht toch wel iets mee moet gebeuren. Als het nodig is, kan een vertrouwenspersoon, uiteraard met medeweten en goedkeuring van de leerling, met de schoolleiding in contact treden om een veiligheidsincident wél als veiligheidsincident te benoemen. Dat moet er uiteraard toe leiden dat leerlingen zich wel veilig voelen en niet met buikpijn naar school hoeven.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Kisteman vroeg ook of scholen bij de inspectie gaan melden en wat dan de consequenties zijn. We verplichten scholen alleen om bij de inspectie incidenten te melden waar echt ernstige fysieke, psychische of sociale schade uit voortkomt. Ik denk ook dat scholen dat doen; voor een heel groot deel doen ze dat nu al. Dat heeft eigenlijk weinig te maken met artikel 23, waar meneer Kisteman naar verwees. Uiteindelijk gaat het gewoon om veiligheid en die staat los van levensovertuiging.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Kisteman vroeg naar discriminatie: is ook discriminatie een veiligheidsincident? In de wet hebben we &quot;stelselmatige discriminatie&quot; opgenomen, maar discriminatie mag natuurlijk nooit; meneer Ergin vroeg daar in zijn termijn ook naar. De vraag is inderdaad op welk moment het stelselmatig is. Het is een beetje aan de scholen om dat zelf te beoordelen, maar wat mij betreft is de norm gewoon dat discriminatie überhaupt niet goed is en onveiligheid oplevert. Dat is ook het antwoord op de vraag van meneer Ergin daarover; ik zag hem al knikken.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mevrouw Armut had een aantal vragen over de meld- en aangifteplicht. Hoe kan ik voorkomen dat scholen eerst zelf gaan beoordelen of het ernstig genoeg is? Dat is precies wat uit die evaluatie voortkwam. Het was zo dat scholen daar eigenlijk zelf mee aan de slag gingen en daarbij niet altijd een op expertise gebaseerde afweging maakten. Nu zeggen we in de wet dat seksuele intimidatie gemeld, overlegd en aangegeven moet worden. Daar wordt ook het contact met de vertrouwensinspecteur aan verbonden. Ik hoop dat de vertrouwensinspecteurs scholen daarbij ook de benodigde hulp kunnen bieden. Dat is ook precies wat we met deze uitbreiding beogen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ceder vroeg naar de samenhang tussen alle interventies. Daar hebben we het net natuurlijk al een beetje over gehad. Dit is een wet, maar die wet staat uiteindelijk natuurlijk niet helemaal op zichzelf. Hij regelt alleen wel iets belangrijks, namelijk de norm. Daarnaast betrekken we er een aantal andere zaken bij, zoals subsidie aan de sectorraden, de Subsidieregeling Schurende Gesprekken, de Stichting School &amp; Veiligheid en de Alliantie tegen seksueel grensoverschrijdend gedrag, die ook al een handreiking heeft voor scholen met betrekking tot dat onderwerp. Er zijn dus echt wel meer instrumenten, die met elkaar moeten zorgen voor een veilig schoolklimaat.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mevrouw Armut vroeg naar meerderjarige leerlingen en studenten. Ze vroeg of scholen bijvoorbeeld hulp kunnen bieden bij het doen van aangifte. In het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs is het aan vertrouwenspersonen om leerlingen bij te staan en te kijken wat een handige vervolgstap is. Daarom vind ik het ook zo belangrijk dat die vertrouwenspersonen er komen, zoals we nu met de wet regelen. Instellingen in het vervolgonderwijs, dus mbo, hbo en universiteit, moeten daar zelf een protocol voor opstellen. De vertrouwensinspectie kan in het kader van de meld-, overleg- en aangifteplicht adviseren over de vraag of er aangifte gedaan moet worden, maar ook met instellingen kijken hoe het incident goed kan worden afgehandeld. De inspectie kan aanbieden om te kijken welke steun daarbij nodig is en hoe daaraan invulling moet worden gegeven.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ceder vroeg waarom ouders niet geïnformeerd hoeven te worden bij een aangifte. Dat is natuurlijk altijd een gevoelige kwestie. Dat is voor scholen ook heel ingewikkeld om mee om te gaan. Gelukkig is daar wel expertise voor beschikbaar. Maar het aangifte doen van een zedenmisdrijf kan soms leiden tot een gevaarlijke situatie bij een leerling thuis. Dat maakt dat we daar wat behoudend in zijn. Denk aan het risico op eerwraak of een andere reden, zoals de dreiging van geweld. Als de school dat zo inschat, liefst in overleg met bijvoorbeeld de vertrouwenspersoon en de Stichting School &amp; Veiligheid, dan kan de school dus afzien van het informeren van de ouders. Daarbij is de professionaliteit van scholen en de expertise die ze kunnen gebruiken, van groot belang. Ik denk dat we daarop moeten leunen om die inschatting goed te maken.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ceder vroeg ook naar de bewaartermijn van gegevens wat betreft de meld-, overleg- en aangifteplicht. Die mogen eigenlijk maar drie jaar worden bewaard, maar wat als er weer iets aan de hand is rondom die persoon, die leerling? Ik ben met de heer Ceder eens dat je in ieder geval moet kunnen rekenen op goede ondersteuning en begeleiding als je slachtoffer bent geweest. Ik geloof namelijk dat dat de achtergrond van zijn vraag was. Als het nodig is voor de toekomst, zou het best weleens kunnen dat die data beschikbaar moeten zijn. De gegevens die nodig zijn voor extra ondersteuning en begeleiding, mogen onder de huidige wetgeving al wel langer bewaard worden dan drie jaar. Dat gebeurt dan op grond van de wettelijke taak van het bevoegd gezag om leerlingen die extra ondersteuning behoeven, individuele begeleiding te bieden. Dat kan dus al. Als de noodzaak voor individuele begeleiding er niet is, dan moeten de gegevens wel worden verwijderd. Dat is dus de afweging.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mevrouw Moorman vroeg naar het middelbaar beroepsonderwijs, omdat dat nu toch in de wet staat, terwijl het middelbaar beroepsonderwijs vervolgonderwijs is, wat meer in lijn is met het hoger beroepsonderwijs en het wetenschappelijk onderwijs. Het punt is dat het vervolgonderwijs alleen voor het onderdeel meld-, overleg- en aangifteplicht is opgenomen. Dan gaat het inderdaad om zowel mbo als hbo en universiteit, waar mevrouw Moorman eigenlijk al van uit wilde gaan. Bij de aangifteplicht gaat het alleen om minderjarigen. Bij het middelbaar beroepsonderwijs is er natuurlijk vaker sprake van minderjarigen en meerderjarigen ten opzichte van bijvoorbeeld hbo en universiteit, maar ze worden dus op dezelfde manier opgenomen in deze wet.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ceder vroeg naar de vertrouwensinspecteurs, die graag de meld-, overleg- en aangifteplicht zouden willen uitbreiden naar de promovendi. De heer Ceder verwees volgens mij met name ook naar de buitenpromovendi. Waarom zouden we dat niet meteen regelen, vroeg hij. Buitenpromovendi — de heer Claassen vroeg daar al naar — zijn promovendi zonder dienstverband. Maar zij doen wel gewoon onderzoek en ook zij moeten natuurlijk gewoon onder goede, veilige omstandigheden onderzoek kunnen doen. Ik vind het ook best een goed idee van meneer Ceder om dat ook voor hen te regelen. Volgens mij is er een amendement ingediend door meneer Ceder, dus daar kom ik straks op terug.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Dan een aantal vragen over de klachtenprocedure. Mevrouw Armut en meneer Ceder vroegen naar de toch wel wat grote hoeveelheid structuren van klachtencommissies, maar verwezen ook naar de politie, de rechter en al de instanties rondom onveiligheidsvraagstukken. Is dat wel nodig? Dat was eigenlijk de korte vraag. Zoals ik al benoemde, laat de evaluatie van het klachtenstelsel — die is in 2019 gedaan — zien dat leerlingen, ouders en personeelsleden veel vertrouwen hebben in vertrouwenspersonen en klachtencommissies, maar uit die evaluatie komt ook een aantal aanbevelingen naar voren. Alle scholen zouden bijvoorbeeld een in- en externe vertrouwenspersoon moeten hebben. Dat regelen we dus bij deze wet. Alle scholen zouden zich ook moeten aansluiten bij de landelijke klachtencommissie, omdat blijkt dat die een betere kwaliteit biedt en professioneler is dan sommige lokale, kleine klachtencommissies. Daarom hebben we dat ook in deze wet meegenomen, om te zorgen dat een goede klachtenprocedure kan voorkomen dat nog grotere stappen, bijvoorbeeld naar de rechter of de politie, nodig zijn. Dat kan bijvoorbeeld met behulp van mediation. Dat kan zo&#x27;n landelijke klachtencommissie goed opzetten.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mevrouw Armut vroeg ook naar de spanning tussen de klachtenprocedures en waar ouders nou terechtkunnen. Mensen dienen vaak niet zomaar een klacht in. Daarom zijn juist die vertrouwenspersonen zo belangrijk. Daarom regelen we in deze wet dat scholen een in- en externe vertrouwenspersoon hebben, die laagdrempelig beschikbaar zijn en met wie ook gewoon een gesprek gevoerd kan worden, om samen te sparren over wat een goede stap is. Een landelijke klachtencommissie zal vaak eerst de vraag stellen &quot;bent u er zelf met de school uit gekomen?&quot; voordat ze procedures optuigen. Ik denk dat dat op die manier goed met elkaar in balans is.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ergin vroeg naar het gebruik van de Nederlandse taal als het gaat om vertrouwenspersonen en klachtencommissies: hoe zorgen we nou dat mensen die de taal niet goed spreken, wel toegang hebben tot die vertrouwenspersonen? De vertrouwenspersonen krijgen bij deze wet in ieder geval de taak om ouders, leerlingen en personeel met klachten bij te staan. De bijstand die ze als vertrouwenspersoon leveren kan bestaan uit uitleggen, informatie delen en meedenken over hoe het verder moet als er echt een klacht is. Scholen stellen zelf de vertrouwenspersonen aan.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Boomsma vroeg zich af waarom kinderen onder de 12 klachtrecht krijgen. Wat mij betreft is het belangrijk dat alle kinderen, van welke leeftijd dan ook, zich veilig kunnen voelen op school en dat er, als ze zich onveilig voelen, laagdrempelig toegang is tot een vertrouwenspersoon bij wie een leerling terechtkan. Als het niet lukt om er met de school uit te komen, dan kan de vertrouwenspersoon een kind helpen om een klacht in te dienen. Dan zijn natuurlijk vaak ook de ouders betrokken. Maar dat is ook voor kinderen onder de 12, net zoals we in de wet ouders en kinderen ook hoorrecht hebben gegeven aan kinderen onder de 12. Het is dus in lijn met andere wetgeving.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Hoever zijn we in blokje drie?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb nog vijf vragen of zo.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Kisteman vroeg naar de veiligheidscoördinator. Hij vroeg aan welke kwaliteitseisen die persoon moet voldoen. Die persoon wordt verantwoordelijk voor het coördineren van het veiligheidsbeleid, inclusief het antipestbeleid. Uiteindelijk gaat het schoolbestuur over de aanstelling. Met Stichting School &amp; Veiligheid wordt daarvoor nu een functieprofiel opgesteld. De inspectie kijkt of die veiligheidscoördinatoren er zijn.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Kisteman vroeg ook naar de samenhang tussen alle personen die rondom een school meedenken en meewerken aan een veilig schoolklimaat. Denk aan de antipestcoördinator — dat wordt de veiligheidscoördinator — de preventiemedewerker, vertrouwenspersonen, brugfunctionarissen, enzovoort, enzovoort. Ik herken wel wat meneer Kisteman zegt: het voelt soms wel als veel waar scholen mee te maken hebben. We vragen echt wel veel van scholen. Zeker als het gaat om veiligheid kan dat soms wat zwaar voelen. Tegelijkertijd is het nemen van verantwoordelijkheid voor veiligheid natuurlijk ook heel belangrijk en lukt het de meeste scholen om dat goed te doen. Dit geldt echter nog niet voor alle scholen. Daarom stellen we deze wetswijziging voor. De antipestcoördinator wordt dus de veiligheidscoördinator. We gaan terughoren van scholen in hoeverre ze daar nog hulp bij nodig hebben. Zoals het er nu uitziet, is het overzichtelijk, zeker ook met dat profiel van de veiligheidscoördinator dat er binnenkort aan komt.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Kisteman vroeg ook of scholen in dunbevolkte gebieden, die vaak wat kleiner zijn, kunnen samenwerken om bepaalde functies te combineren. Ja, dat kan. Het is aan de bestuurder om dat eventueel samen te voegen en te bekijken hoe ze de taken en functies verdelen, maar het is zeker mogelijk en ook wel verstandig om dat samen te doen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Dan nog een punt over de evaluatie. Mevrouw Rooderkerk vroeg of de jaarlijkse evaluatie van het veiligheidsbeleid, waar ik een aantal keer aan refereerde, ook daadwerkelijk een verbetering gaat opleveren. Daar gaan we wel van uit. Dat is ook de reden dat we &#x27;m hebben opgenomen in deze wet. Het gaat hierbij om alle informatie die jaarlijks wordt opgehaald bij een school om het veiligheidsbeleid te evalueren. We willen daarbij de medezeggenschap betrekken, zodat het een continu patroon wordt om met elkaar te praten over hoe veilig de school is, en zodat verbeteringen aan te brengen zijn en het liefst zo veel mogelijk preventie plaatsvindt. Stichting School &amp; Veiligheid kan daar goed bij helpen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ergin, meneer Ceder en mevrouw Armut vroegen naar de ondersteuning voor scholen. Daar hebben we het al over gehad als het gaat over bijvoorbeeld Stichting School &amp; Veiligheid, zowel op het gebied van beleid als op het gebied van tools en handreikingen in de klas. De Stichting School &amp; Veiligheid heeft ook een adviespunt. Stel dat er iets gebeurt op school. Dan kan de Stichting School &amp; Veiligheid meedenken over hoe verder. Er is bijvoorbeeld ook een e-learning voor vertrouwenspersonen over hoe je om kan gaan met incidentenregistratie en ik verwees al naar het functieprofiel van de veiligheidscoördinator. Er is dus heel veel beschikbaar voor scholen om niet zelf het wiel opnieuw uit te hoeven vinden.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter. Tot slot van dit blokje: meneer Ceder vroeg of er een plan ligt om de suïcidepreventieprogramma&#x27;s te ontsluiten en om bij scholen te inventariseren of dat voldoende voor de bril is bij hen, om het maar in mijn termen te zeggen. Er zijn heel veel interventies en manieren waarop scholen bezig zijn met mentaal welzijn en suïcidepreventie. We zijn met een aantal organisaties in gesprek om daar de synergie te vinden. Denk bijvoorbeeld aan MIND Us, die daar heel veel over heeft, net als 113. We proberen dat bij elkaar te brengen in een overzichtelijk aanbod, om dat te ontsluiten. Daar kom ik in het najaar op terug. Dan kan ik het overzichtelijk met u delen. Volgende week is er overigens het commissiedebat Mentale gezondheid scholieren en studenten. Ik vermoed dat we het er dan ook nog over zullen hebben.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Dat was mijn blokje over maatregelen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat was het blokje. We gaan een ronde maken. Allereerst mevrouw Armut.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Armut (CDA):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik ben even zoekende en ik denk eerlijk gezegd dat de rest van de Kamer dat ook een beetje is. Ik merk een worsteling. We hebben het er net over gehad dat een heel groot deel van de scholen bijvoorbeeld de incidentenregistratie al best wel op orde heeft. Ik wil het even hebben over die scholen. De meeste scholen doen dit best wel goed. Wat hoopt de staatssecretaris dat deze wet voor die scholen als uitkomst of resultaat heeft?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Een bevestiging van hun manier om met veiligheid, veiligheidsbeleid en -regels en onveiligheidsincidenten om te gaan, als het goed is. Ik hoop dat het hun laat zien dat ze het best goed doen, dat ze het veiligheidsbeleid op orde hebben, dat er weinig incidenten zijn en dat ze een daling van het aantal incidenten hebben. Ik hoop dus dat het een bevestiging is voor de scholen dat ze dingen goed doen en dat ze voldoen aan de norm die wij stellen aan veiligheid op scholen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Armut (CDA):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Als het vooral voor de scholen die het goed doen — dat is het grootste deel van alle scholen — een bevestiging is dat ze het al goed doen, kan de staatssecretaris zich dan voorstellen dat dit tegelijkertijd betekent dat de regeldruk enorm toeneemt? Waarom vindt de staatssecretaris dat proportioneel?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De vraag is of de regeldruk dan toeneemt. Als zij hun incidentenregistratie op orde hebben, hoeven zij niet iets anders of extra te doen. Nogmaals, ik vraag niet van hen om eens in de zo veel tijd een hele database ergens naartoe te transporteren om een landelijk Excelbestand te kunnen vullen. Het is echt bedoeld voor henzelf, voor het goed kunnen toetsen van het eigen veiligheidsbeleid. Het zou kunnen zijn dat scholen zeggen: we hebben het eigenlijk wel goed op orde, maar we missen nog een vertrouwenspersoon. Eén op de vijf scholen heeft nog geen interne of externe vertrouwenspersoon. Nou, dan zullen ze dat moeten gaan doen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Armut (CDA):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Toch even tot slot. Het is mij tot nu toe niet duidelijker geworden wat volgens deze wet wel of niet geregistreerd moet worden. Dat is het lastige hieraan. Zonet zijn allemaal voorbeelden genoemd: iemand wordt uitgescholden op het plein, iemand slaat een andere leerling. Dat hoort allemaal bij de les; dat gebeurt elke dag. Leraren weten heel snel hoe ze daarop moeten reageren en wat ze vervolgens moeten doen. Zij handelen daarop. Ik merk niet dat de staatssecretaris begrijpt dat dit er wél voor kan zorgen dat scholen die dit allemaal al doen, overladen worden. Zij krijgen immers allemaal nieuwe regels waar zij rekening mee moeten houden. De uitkomst is volgens de staatssecretaris dat het uiteindelijk een bevestiging wordt: je deed het al goed, maar je moet het wel net iets anders gaan doen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>&quot;Je moet het net wat anders gaan doen&quot;: ik weet niet of dat een misverstand is, maar daarmee maken we het misschien groter dan het is. Wat we zeggen, is dat fysiek geweld met lichamelijk letsel in ieder geval een veiligheidsincident is. Waarschijnlijk registreren de scholen dat al. Veiligheidsincidenten zijn in ieder geval: seksuele intimidatie en seksueel misbruik, stelselmatige discriminatie, bedreiging en grove pesterijen, ernstige vernieling en diefstal, handel in drugs, bezit of gebruik van drugs, het bezit van een wapen, handel in wapens en het gebruiken van een wapen. Dat zijn gewoon ernstige veiligheidsincidenten. De meeste scholen zullen die wel registreren. Gaan we de vechtpartijtjes, de opstootjes, het messenbezit — nou ja, dat zit er al in — registeren of niet? Dat is aan scholen zelf. Daarom moet het ook geen papieren tijger zijn. Ik ga niet controleren of ze dat registreren. Ik wil graag dat op scholen dat gesprek plaatsvindt: hebben we onze veiligheid nu op orde en is het nodig om daarop extra in te zetten of niet? Ik denk dat mevrouw Armut daar goed aan refereert: heel veel docenten hebben er wel of niet een gevoel bij of dat hen gaat helpen om een veiliger schoolklimaat te realiseren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik ga vanaf nu op de 30 seconden letten. De heer Ceder.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Allereerst een korte vraag. De minister is bijna aan het einde van het blokje. Komt de klachtencommissie in dit blokje nog naar voren? Dat is voor ons als hoeder van artikel 23 misschien nog wel het grootste probleem.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, ik heb die benoemd. Daarvan heb ik gezegd dat die twee dingen volgens mij niet met elkaar in strijd zijn. Sterker nog … Even kijken wat meneer Ceder daarover zei. Ik heb wel bij meneer …\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dan weet ik dat de staatssecretaris daar alles over gezegd heeft. Dan weet ik dat. Daar vind ik iets van, maar daar kom ik zo op terug.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mijn tweede punt. Stel je voor dat deze scholen met de wet aan de slag gaan en zich afvragen: hoe moeten we dit interpreteren, hoe moeten we dit aanvullen, wanneer doen we het goed en wanneer niet? Bij welke instantie of waar elders kunnen scholen volgens de staatssecretaris dan terecht? Mijn vraag richt zich vooral op de implementatieperiode.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Primair bij de Stichting School &amp; Veiligheid of bij een sectorraad. Ieder van hen heeft natuurlijk een iets andere rol. Bij de Stichting School &amp; Veiligheid zit vooral heel veel expertise over zowel het veiligheidsbeleid als de dagelijkse gang van zaken. De sectorraden hebben natuurlijk heel veel expertise op het gebied van het maken van beleid enzovoort enzovoort. Bij beide kan men voor hulp terecht.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Daarmee is gelijk de markt gesloten voor het blokje maatregelen. Kom dus nu naar voren als u nog een extra vraag heeft in dit blokje. Mevrouw Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>In 30 seconden. Wat we al hebben, is een Wet veiligheid op school, een kwaliteitswet, de Wet seksuele misdrijven, het Besluit verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling, arbowetgeving, cao-afspraken, WVO 2020, WPO en WEC. Dit is wat wij allemaal al hebben! Dan is het echt heel logisch dat de Kamer vraagt: is dit doelmatig en doeltreffend? Ik vond het net een hele goede interruptie van mevrouw Armut: is het nou echt zo dat wij met een wet — een wet, dat is nogal wat — alleen maar een bevestiging gaan geven aan de scholen dat het al wel goed is, met enorme regeldruk daarbovenop, terwijl wij niet weten of het voor de paar scholen die hulp nodig hebben daadwerkelijk de meest effectieve maatregel is? Dat is toch een hele logische vraag?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat is het ook. Ik betwijfel de kracht van die vraag niet. Wat ik heb proberen te zeggen, is dat dit een aanvullende wet is, op basis van de evaluatie van de Wet veiligheid op school — dat is de eerste wet die mevrouw Moorman noemt — en op basis van een aantal andere evaluaties. Er is natuurlijk wel meer. Iedereen moet zich aan de wet houden. Er zijn wel meer wetten waarmee we vooral de norm stellen, om ervoor te zorgen dat de achterblijvers meekomen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Het tweede deel van de vraag van mevrouw Moorman is: is het effectief? Ik ben daarvan overtuigd, want anders stond ik hier niet. Ik ben ervan overtuigd dat het evalueren van het veiligheidsbeleid op basis van feiten scholen daadwerkelijk gaat helpen om in te zien waar hun problemen zitten. Waar hebben zij hulp nodig? Bij wie moeten zij terecht om die hulp te krijgen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik wil de staatssecretaris best wel geloven als zij zegt: ik geloof erin. Maar ik constateer ook dat een massief aantal Kamerleden — ik heb ze nog niet geteld — zeggen: wij hebben daar echt stevige twijfels bij. Wij worden daarin ondersteund door de verschillende reacties die wij krijgen vanuit het veld en van de Raad van State. Ik zeg het toch maar weer eens; een belangrijk instituut binnen onze democratie. Begrijpt de staatssecretaris dan dat deze fundamentele vragen er zijn over de doelmatigheid en de doeltreffendheid van een wet? Wat gaat de staatssecretaris dan doen om de Kamer te overtuigen? Ik heb het idee dat de Kamer niet zomaar overtuigd is.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Uiteraard heeft mevrouw Moorman daar goede vragen over gesteld, maar dit is volgens mij ook de reden waarom wij het debat voeren. Ik denk toch echt dat ik niet alleen met passie en gedrevenheid, maar ook met inhoudelijke argumenten en antwoorden probeer om duidelijk te maken waarom deze wet daadwerkelijk bijdraagt tot het verbeteren van de veiligheid op alle scholen. Niet alleen bij de 90% waar het al goed gaat — ook daar zien we natuurlijk dat het veiligheidsvraagstuk groter wordt, omdat de samenleving de school binnenkomt — maar juist ook bij die andere scholen. Ik vind daadwerkelijk dat alle kinderen recht hebben op een school die zijn uiterste best doet om een veilig schoolklimaat te creëren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De heer Boomsma over het blokje maatregelen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Nog even een meer praktische vraag. Oké, je hebt een incident op een school. Een leerling heeft een blauwe plek. Dat kun je aanduiden als fysiek letsel en dat moet dus worden geregistreerd. Wat gebeurt er dan als het niet wordt geregistreerd?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat hangt van heel veel dingen af. Ik vind dat altijd heel ingewikkeld. Ik snap wel waar meneer Boomsma achter probeert te komen. Dat zijn vragen die wijzelf natuurlijk ook wel hebben. Op zichzelf genomen gebeurt er niet zo veel, tenzij blijkt dat het op die school heel erg onveilig is en dat de inspectie reden heeft om op een gegeven moment aan die school te vragen: hoe ziet het veiligheidsbeleid er eigenlijk uit? Hoe ziet de incidentregistratie er eigenlijk uit? Dan kan de inspectie zeggen: op basis van wat we nu zien, denken we dat het niet zo gek is dat jullie niet zo&#x27;n veilige school zijn, want jullie houden dingen niet bij. Aan de andere kant: stel dat dit eens een keertje gebeurt, maar dat de school het niet opschrijft. Als het verder een veilige school is, met een goed veiligheidsbeleid, waar ernstige incidenten geregistreerd worden en er elk jaar een evaluatie is, dan is er niks aan de hand.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Als een school zich niet houdt aan de registratieplicht of incidenten niet registreert, dan volgt in principe geen sanctie en is er niemand die er iets van zegt. Of hebben ouders of anderen dan toch een grond om te zeggen: hé, u voldoet nu niet aan de wet? Welk gevolg wordt daar dan aan gegeven?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb straks een overzicht gegeven van de dingen die volgens de wet geregistreerd moeten worden. Meneer Boomsma zegt &quot;fysiek geweld met lichamelijk letsel tot gevolg: een blauwe plek kan dat ook zijn&quot;. In theorie kan dat zo zijn. Ik denk dat de gemiddelde interpretatie van deze wet dat niet per se als zodanig zou benoemen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Volgens mij moet het debat niet gaan over wat we registreren, maar met welk doel we dat doen. Dat vind ik heel belangrijk, want alles wat we hier willen, zorgt uiteindelijk voor extra regeldruk. Daar moeten we ook gewoon eerlijk over zijn. Wat ik dan niet begrijp aan de wet, is dat discriminatie op één hoop wordt gegooid, waardoor in de jaarlijkse evaluatie totaal geen zicht is op welke discriminatie het vaakst voorkomt en hoe je als school daarin moet handelen. Ziet de staatssecretaris in dat het juist waardevol is om ook te registreren welke vorm van discriminatie zich voordoet?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, waarbij ik ook denk dat dit wel terug gaat komen in de appreciatie van het amendement van de heer Ergin, maar goed, we gaan het toch vragen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Discriminatie is gewoon altijd niet goed, punt. Op welke gronden: soms kom je daar niet eens makkelijk achter. Als we het al hebben over registratielast, dan vraagt dit wel heel veel. Het registreren van stelselmatige discriminatie is volgens mij voldoende duidelijk voor scholen om daarmee aan de slag te gaan.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik vroeg niet aan de staatssecretaris hoe zij kijkt naar discriminatie, want dat weet ik wel. Dat hoef ik niet te vragen aan de staatssecretaris. Maar ik zie bijvoorbeeld wel een amendement waar een coalitiepartij onder staat, die bijvoorbeeld antisemitisme wel specifiek wil registreren. Is het dan niet gewoon verstandig dat we hier in de Kamer zeggen, en dat de staatssecretaris dat ook beaamt, dat we gewoon alle vormen van discriminatie netjes registreren, zoals we dat gewoonlijk ook doen? Als we dat niet gaan doen, dan vind ik het wel ingewikkeld om de staatssecretaris te steunen in wat zij nu probeert te doen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat snap ik, maar vindt u het goed, voorzitter, als ik daar bij de appreciaties op terugkom?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat vind ik een uitstekend idee. Meneer Kisteman, uw eerste interruptie. Netjes, als u &#x27;m kort doet.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Daar ben ik altijd van, voorzitter. De staatssecretaris geeft aan dat het belangrijk is dat we die incidenten gaan registreren zodat scholen daar beter zicht op krijgen. Maar hoeveel incidenten worden nu dan geregistreerd en wat is daarin de afgelopen jaren de ontwikkeling?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Rondom veiligheid wordt er op verschillende manieren geregistreerd. De cijfers die ik straks noemde, zijn registraties bij de vertrouwensinspecteur. Dat is een specifiek onderdeel van de inspectie voor incidenten waarbij ook echt heftige dingen aan de hand zijn. Een deel van de registraties gaat, zoals ik ook al zei in antwoord op de heer Van Houwelingen, over kinderen die van school verwijderd of geroyeerd worden — &quot;geschorst&quot; heet dat — naar aanleiding van zoiets. Wat er verder op scholen wordt geregistreerd houden wij niet bij en het is dus ook niet zo dat wij dat gaan registreren. We vragen echt de scholen om dat te doen met als doel — dat zei de heer Ergin ook al — om hun eigen veiligheidsbeleid te verbeteren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Zou de staatssecretaris ons een beeld kunnen geven van wat die scholen dan intern hebben gedaan met dit soort registraties of meldingen? Wat is daar vervolgens uit voortgekomen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Daar kan ik niet zo een-twee-drie antwoord op geven. De bedoeling van de wet is dat scholen met wat ze bijhouden, hun veiligheidsbeleid verbeteren en zeggen: het is toch wel gek dat we heel vaak dit soort incidenten hebben, in die periode van het jaar, op dat moment in de week, als dit of dat aan de hand is. Zo kunnen ze daadwerkelijk grip krijgen op wat er misgaat als het gaat om veiligheid.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De allerlaatste vraag bij dit blokje van de heer Ceder, en wel één.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voorzitter, u bent zeer galant. Scholen hebben de vrijheid om zelf te registreren. Dan gaat onvermijdelijk de vraag opspelen hoeveel je registreert en waarop. Is het volgens de staatssecretaris gewenst dat scholen niet alleen incidenten gaan registreren maar die ook uitsplitsen op leeftijd, geslacht, etniciteit, geaardheid? Of laat zij dat aan scholen over, als zij dat nodig vinden om de veiligheid te kunnen waarborgen? Hoeveel ruimte heeft de school daarin?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat vind ik een lastige vraag. Mijn primaire reactie zou zijn: laten we dat allemaal niet doen. Volgens mij hebben we allemaal regels en wetten over wat je wel en niet aan persoonsgegevens en bijzondere persoonsgegevens bijhoudt. Het gaat hier vooral om welke veiligheidsincidenten er zijn en om daar grip op te krijgen, zodat het veiligheidsbeleid verbetert.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Oké. We gaan naar overig. De staatssecretaris doet echt haar best en het gaat hartstikke goed, maar we gaan proberen het nog ietsje sneller te doen. Is het een dunner of een dikker mapje dan maatregelen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Overig is altijd dik, hè.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ach jee. Nou, kom op.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Maar er zitten wellicht wat dubbelingen in. Ik doe mijn best, voorzitter, zoals u al bevestigde.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Zeker.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Mevrouw Rooderkerk vroeg naar de groeiende lijn van online. Zoals ik in de inleiding al zei, valt online hier ook onder, juist omdat online pesten inderdaad een even grote of misschien soms wel grotere impact kan hebben. Nogmaals, deze wet staat niet op zichzelf. Rondom online pesten hebben we natuurlijk ook nog andere beleidsinstrumenten en bijvoorbeeld ook de ontwikkeling van digitale geletterdheid en mediawijsheid, waar we in de kerndoelen bijvoorbeeld aandacht aan hebben besteed. Dat soort dingen hoort daar dus ook allemaal bij. Dit staat niet op zichzelf.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mevrouw Rooderkerk vroeg hoe we zorgen dat meldingen ten aanzien van onlineveiligheid sneller worden opgepakt, bijvoorbeeld als het gaat over politie en Openbaar Ministerie. Dat is natuurlijk echt iets van de minister van Justitie en Veiligheid. Binnen het ministerie van Justitie en Veiligheid werken ze nu aan een actieplan online en hybride geweld. Daar wordt de Kamer in september verder over geïnformeerd.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ceder vroeg naar mentale weerbaarheid en de rol van social media, manosphere en dat soort zaken, en in hoeverre ik daar met collega&#x27;s binnen het kabinet over spreek. Nou, veel, want dat is natuurlijk een belangrijk onderdeel van een deel van onze scholieren, zeg maar. Volgende week hebben we een commissiedebat, dus dan zal ik ook samen met de minister van OCW en de minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport met uw Kamer in debat gaan om daar wat dieper op in te gaan.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ceder, mevrouw Rooderkerk en mevrouw Raijer vroegen naar de veiligheid van het onderwijspersoneel in deze wet. Deze wet gaat inderdaad ook over personeel, want veiligheid geldt zowel voor scholieren als voor personeel. Daar zit natuurlijk al andere wetgeving omheen. Volgens mij zat die ook in het rijtje van mevrouw Moorman, namelijk de Arbowet, die moet zorgen voor de veiligheid van personeel. Dat gaat dan via een verplichte risico-inventarisatie en evaluatie. In deze wet hebben we ook een aantal dingen voor het personeel geregeld, maar we hebben geprobeerd om dubbel werk en dubbele regels te voorkomen. We monitoren de veiligheid van het personeel niet. Dat laten we aan werkgevers en werknemers over. De sociale partners hebben daar al een voorzet voor gedaan door hun eigen personeelsmonitor aan werkgevers aan te reiken. Daarmee is ook de vraag van meneer Ceder beantwoord.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ceder vroeg ook naar specifieke groepen zoals Joodse leerlingen. Ik refereerde daar in mijn inleiding ook al even aan. Wat mij betreft is het de plicht om te zorgen voor de veiligheid van alle leerlingen op school. Scholen moeten dus ook die veiligheid monitoren en daar waar nodig incidenten registreren. Afhankelijk van de context kan het natuurlijk aan de school zijn om zijn eigen veiligheidsbeleid op specifieke doelgroepen te richten, als blijkt dat dat in de context van de school nodig is.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Claassen en mevrouw Raijer vroegen of de huidige aanpak genoeg bescherming biedt aan Joodse leerlingen en docenten. Ze refereerden ook aan Cheider, de school in Amsterdam. Helaas zien we dat de huidige dreiging op deze groep Joodse leerlingen en docenten groot is. Daarom is er ook noodzaak voor fysieke extra bescherming. De gemeente Amsterdam is actief met de joodse scholen en leerlingen in contact om die fysiek te beschermen. Vanuit de Strategie Bestrijding Antisemitisme is er extra geld voor een veiligheidsfonds voor onder andere joodse scholen. Met dit wetsvoorstel verscherpen we de zorgplicht. Daarmee hopen we die veiligheid in ieder geval enigszins te kunnen verbeteren.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ceder vroeg ook nog naar het UNESCO-onderzoek als het gaat om antisemitisme in het klaslokaal. Dat UNESCO-onderzoek toonde een heel hoog percentage docenten dat te maken had met holocaustontkenning en holocaustbagatellisering of -verdraaiing. We hebben zelf vorig jaar, in 2025, een onderzoek gedaan naar die vraagstelling, namelijk: hoeveel docenten hebben te maken met holocaustontkenning en -verdraaiing? Ik geloof dat ik daar een paar weken geleden via een brief nog wat informatie over heb gestuurd. Die cijfers zijn een stuk lager dan die van het UNESCO-onderzoek. Dat laat onverlet dat de percentages nog steeds te hoog zijn: 14% van de docenten heeft te maken met holocaustontkenning en 38% met -bagatellisering of -verdraaiing. We zijn nu ook in gesprek met docenten over wat zij nodig hebben om daarmee om te gaan. Onder andere de subsidie voor schurende gesprekken — die heb ik al een paar keer genoemd — wordt aangeboden om docenten daarbij te helpen, maar we proberen scherp te krijgen wat ze er eventueel nog meer voor nodig hebben. Dit sluit aan bij een aantal andere vragen, die ik dan voor het gemak daarbij heb gezet.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mevrouw Rooderkerk vroeg naar de onveiligheid onder lhbtqi-personen, -scholieren en -docenten. Daar refereerde ik in de inleiding ook al even aan. Ook deze mensen hebben echt nodig dat wij zorgen dat de zorgplicht van scholen rondom veiligheid stevig is. We werken daar hard aan, naast deze wet over veiligheid en naast de ondersteuning die we bieden met bijvoorbeeld Stichting School &amp; Veiligheid en wat we met het COC doen voor de veilige schoolomgevingen. Ook daar geldt weer dat we, binnen de kerndoelen, in de lessen zorgen dat daar inhoudelijk meer acceptatie en begrip uit voortkomt.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mevrouw Moorman vroeg dan specifiek naar de Gender &amp; Sexuality Alliances, de GSA&#x27;s. Die zijn heel effectief op school. Tenminste, we zien hele positieve effecten als het gaat om sociale veiligheid en acceptatie van lhbtqi+. Via de Alliantie Kleurrijk en Vrij, die ik dan weer financier vanuit mijn rol als staatssecretaris Emancipatie, worden die Gender &amp; Sexuality Alliances ook ondersteund.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Kisteman en mevrouw Raijer vroegen naar wapenbezit en ernstige geweldsincidenten. Zij vroegen hoe scholen daar steun bij vinden. Wij vinden dat uiteraard belangrijk. Dit zijn namelijk dingen waarvan je een beetje hoopt dat het geen patroon is op school en dat vraagt dus om actie bij het schoolbestuur en de schoolleiders. Het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid en de Stichting School &amp; Veiligheid helpen scholen bij de aanpak van wapens. Zowel het ministerie van Justitie en Veiligheid als het ministerie van OCW geven daar subsidies voor. Dan zijn er ook hele praktische dingen, zoals een checklist voor wapen- en kluisjescontroles, een toolbox met informatie, ondersteuning en praktijkvoorbeelden. Er is ook een adviespunt waar scholen terechtkunnen als er rondom wapens of ernstig geweld iets gebeurt wat ze niet hadden voorzien en waarvan ze ook niet goed weten wat ze ermee moeten. Dan kan de Stichting School &amp; Veiligheid daar ook weer bij helpen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Boomsma vroeg naar de toename van criminele uitbuiting en hoe we ervoor zorgen dat signalen door docenten en vertrouwenspersonen worden opgepakt en dat ze daar iets mee doen. Ik herken wel wat meneer Boomsma daarover zegt. Jonge mensen zijn heel kwetsbaar. We zien in de praktijk dat ze daarop geronseld en geworven worden. Onderwijspersoneel kan het wel signaleren, maar niet zo makkelijk oplossen. Dat is echt wel iets waar de politie ook een rol in speelt. Daarom is het dus heel fijn als de wijkagent en de school een goede relatie hebben, zodat men kan opschalen als onderwijspersoneel dat tegenkomt. Ook daarvoor geldt dat de Stichting School &amp; Veiligheid kan helpen. Er is ook een handreiking over welke gegevens je wel en niet kan delen en welke organisaties er zijn, om ervoor te zorgen dat je die signalen kan opvolgen. De aanpak van criminele uitbuiting ligt in de kern natuurlijk bij de minister van Justitie en Veiligheid.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mevrouw Moorman vroeg of ik bereid ben om een plan te maken over hoe jongerenwerk op school steviger kan worden. Ze refereerde daar in een van de interrupties ook al aan. Ik denk en ik zie dat dat een heel goed effect heeft op scholen die goed contact hebben en samenwerken met jongerenwerk. Dat zien we gewoon in de praktijk. Jongerenwerk ligt natuurlijk niet in mijn pakketje, om het maar zo te zeggen. Dat moet ik dus samen met VWS en Binnenlandse Zaken oppakken. Het lijkt me goed om te bekijken hoe we dat handen en voeten kunnen geven. Dat doe ik dus graag, als dat de vraag was van mevrouw Moorman. Ja, dat was haar vraag, zie ik.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mevrouw Moorman vroeg ook naar de AVG en hoe we ermee omgaan dat de AVG de zorgvuldigheid van de omgang met gegevens en persoonsgegevens borgt, maar dat samenwerken soms wel om gegevensdeling vraagt. Ik hoor ook vaak dat het soms complex kan zijn. We weten dat de MBO Raad inmiddels een handreiking heeft gedaan met de titel Handreiking delen signalen zorgwekkend gedrag MBO. Ik denk dat het goed is om te kijken of die handreiking van de MBO Raad ook voor de basisscholen en middelbare scholen beschikbaar kan zijn. Ik geloof dat dat ook al in gang is gezet.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Van Houwelingen vroeg nog naar het ziekteverzuim in relatie tot onveiligheid en de omvang van een school. Hij zei daarbij dat ziekteverzuim stijgt als het aantal medewerkers groter is. Die stelling kunnen wij niet onderbouwen met cijfers. We hebben daar onderzoek van DUO op nageslagen. Dat laat een heel gemengd beeld zien. Het verzuimpercentage was in 2024 bij kleinere scholen in het basisonderwijs juist heel erg hoog. In 2023 was het verzuimpercentage bij de grootste scholen het hoogst. Daar is dus geen eenduidige trend in te herkennen. Dat laat onverlet dat het belangrijk is om ziekteverzuim te voorkomen en te verminderen. Uiteraard kan onder andere een veilig schoolklimaat daar een rol in spelen, maar niet als enige.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Volgens mij heb ik alle vragen beantwoord.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel. Dat ging keurig. We gaan straks naar de amendementen. Zijn er over het blokje overig nog vragen? Dat is niet het geval. Dan gaat de staatssecretaris nu over op het appreciëren van de amendementen. Ik stel voor dat we vragen gaan stellen per zelfingediend amendement.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik dacht dat ik nog geen antwoord had gehad op mijn vragen over het onderwijspersoneel. We zien dat leraren uit deze wet zijn gehaald. We zien ook dat leraren veel onveiligheid kunnen ervaren. Vaak gaat dat samen met leerlingen die dan bijvoorbeeld slaags met elkaar raken. Hoe zorgen we ervoor dat we, in aanvulling op wat er volgens de arbo al moet, oog houden voor de veiligheidsbeleving van leraren en het verbeteren daarvan?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Op zich zijn leraren niet uit de wet gehaald. Het veilig schoolklimaat geldt voor iedereen. Je kan je voorstellen dat je als school ook een incidentenregistratie voor personeel hebt. Wat we alleen niet doen, is een personeelsmonitor. Die monitor zit namelijk al vast rond de Arbowet en de verantwoordelijkheden rondom de risico-inventarisatie en -evaluatie. Ik gaf aan dat de bonden, samen met de werkgevers, al een aanzet hebben gegeven om te zorgen dat werkgevers en scholen daar wel mee aan de slag kunnen. Zoals ik al zei, is daar dus een oplossing voor.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik had ook een vraag gesteld. We hebben een explosieve toename gezien van antisemitisme, met name in de afgelopen twee jaar. Mijn vraag was of en, zo ja, in hoeverre, er wordt gemonitord wanneer scholieren of studenten de onderwijsinstelling verlaten vanwege antisemitische intimidatie.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat wordt volgens mij niet bijgehouden. Heb ik die vraag gewoon overgeslagen? Mag ik daar zo op terugkomen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb hem namelijk wel ergens gezien, maar … O, ik heb hem.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>O, daar is ie!\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, er zijn wel signalen. We hebben ook gevallen waarin dat duidelijk is en beschreven is, maar er is geen volledig landelijk beeld als het gaat over Joodse scholieren en studenten die thuisblijven of hun school of studie stoppen vanwege antisemitisme. Wel weten we — daar verwees de heer Boomsma al naar — dat sommige Joodse studenten zich echt onveilig voelen en dat dit ook kan gebeuren. We hebben daar geen landelijk beeld van, maar we weten dat het voorkomt en we zijn er ook alert op.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Oké. Dan mevrouw Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voorzitter, excuus. De staatssecretaris gaat nu natuurlijk beginnen met de appreciatie van de amendementen en iedereen mag alleen maar over zijn eigen amendement interrumperen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat was wel het plan, ja.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb geen amendement, dus ik heb nog eventjes mijn eigen bijdrage bekeken om te zien of al mijn vragen zijn beantwoord. Ik heb nog wel een punt gemaakt over de wat formalistische benadering. Op pagina 55 lezen we dat de administratie van een ernstig veiligheidsincident vijf minuten kost. Het gaat dan niet om iets als een duw of zo, maar om een ernstig veiligheidsincident. Dat kost dan vijf minuten. Ik zou daar toch nog wel graag een reactie van de staatssecretaris op willen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik denk dat mevrouw Moorman eraan refereert dat het ook weleens langer zou duren, al is het alleen al omdat je moet bedenken wat je wel en niet wil opschrijven. Dit is onze inschatting van wat het gemiddeld kost.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Maar wat is dan volgens de staatssecretaris een ernstig veiligheidsincident? Ik bedoel, vijf minuten voor een ernstig veiligheidsincident: dat geeft toch wel aan dat we eigenlijk geen idee hebben wat er dan op scholen gebeurt?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik weet niet helemaal wat mevrouw Moorman met dat laatste bedoelt. We hebben opgeschreven wat &quot;een ernstig veiligheidsincident&quot; is. Dat heb ik net ook volgens mij een keer genoemd. De meeste tijd moet dus ook niet in het registreren gaan zitten. Volgens mij zijn we het daarover eens. Het gaat erom dat we zicht krijgen op wat er wel en niet op scholen gebeurt en dat we daar vervolgens ook iets mee kunnen doen, zowel op het moment dat zo&#x27;n incident gebeurt als wat betreft het evalueren en bijsturen van het veiligheidsbeleid.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Mijn fundamentele probleem met dit hele debat is dat we niet weten wat deze cijfers straks zeggen. We weten niet wat het betekent als de inspectie daar binnenkomt en er geen registraties zijn. Waren er geen incidenten of is het niet geregistreerd? De staatssecretaris zegt opnieuw dat het aan de school is om daarmee om te gaan. Ik heb daar eigenlijk niet eens meer een vraag over. Ik constateer aan het einde van dit debat gewoon dat er willekeur gaat ontstaan tussen scholen, dat de inspectie niet weet hoe ze daarmee om moet gaan en dat deze wet daarmee dus helemaal geen extra veiligheid biedt op scholen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Uw punt is gemaakt. Ik verzoek de staatssecretaris om de amendementen te appreciëren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik wil daar toch wel eventjes op reageren. Ik hoef dat niet persoonlijk te nemen, dus dat doe ik ook niet. Aan de ene kant wordt mij in mijn ambt verweten dat ik voor een te hoge registratiedruk zorg, dat ik het te ingewikkeld maak en dat het te veel administratieve last oplevert. Aan de andere kant zou ik vervolgens geen zicht op bepaalde dingen hebben. Deze wet is er dus niet voor bedoeld dat ik zicht ga hebben op hoe het met de veiligheidsincidenten op alle scholen in Nederland staat, dat ik daar een kaartje van maak, dat naar de Kamer stuur en daar dan met de Kamer over in debat ga. Daar gaat het niet om. Het doel van deze wet is veiligere scholen, doordat er veiligheidsbeleid is waardoor de bevoegde gezagen, oftewel degenen die verantwoordelijk zijn voor de veiligheid op school, daadwerkelijk weten wat er gebeurt en hun beleid daar goed op kunnen inzetten, evalueren en verbeteren, met het oog op het voorkomen van veiligheidsincidenten.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, helder.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Raijer (PVV):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik stel hele korte vragen, dus dat scheelt. Ik hoor de staatssecretaris zeggen wat het doel van deze wet is, maar de oude Wet veiligheid op scholen had in feite hetzelfde doel, behalve dat er nu geregistreerd wordt. Ik weet dat je je aan een wet moet houden. Ik hoor u ook zeggen dat een aantal scholen zich niet aan de vorige wet hielden. Wat garandeert nu dat de scholen die zich niet aan de oude wet hielden, zich nu wel aan de nieuwe wet gaan houden?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik wil het niet platslaan, maar soms doe ik dat toch een beetje. In de vorige wet werd gezegd: u moet een veiligheidsbeleid hebben. Je kunt dan in 2013 een mooi veiligheidsbeleid opstellen, dat je vervolgens in de kast legt en dan is dat het. We willen met deze wet eigenlijk juist dat het van het papier af komt. Dat betekent dat we scholen dus verplichten om ervoor te zorgen dat het elk jaar geëvalueerd wordt en dat ze dat niet doen op basis van &quot;het voelt wel veilig hier op school&quot;. We willen dat ze dat doen op basis van het aantal veiligheidsincidenten en op basis van de vraag of dat betekent dat hun beleid werkt of dat ze misschien hulp moeten zoeken bij de wijkagent, bij de jongerenwerkers, bij elkaar of bij de Stichting School &amp; Veiligheid. Dat is wat deze wet extra maakt. Deze wet moet ervoor zorgen dat de wet die er al was ook daadwerkelijk gaat leven op al die scholen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>We hebben negentien amendementen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, best veel, hè?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, best veel.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik kijk bij de amendementen ook redelijk naar de balans tussen de wet aan de ene kant een beetje administratief slank houden en die tegelijkertijd effectief laten zijn. Zo heb ik naar de amendementen gekeken.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik begin met het amendement-Ceder\u002FKostić op stuk nr. 10 over suïcide-incidenten. Het korte antwoord zou zijn dat we dit niet moeten doen, omdat we er niet nog meer incidenten in moeten zetten. In dit geval maak ik een uitzondering, omdat ik deze wel impactvol genoeg vind. Ik vond ook dat meneer Ceder daar goed woorden aan gaf in zijn bijdrage. Ik zou dit amendement dus oordeel Kamer willen geven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 10: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 11 ontraad ik. Daarmee vraagt meneer Ceder om de evaluatie van deze wet te verkorten naar drie jaar. Ik denk dat dat te snel is. We hebben dan gewoon te weinig basis om de wet goed te kunnen evalueren. Ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 11: ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dan ga ik door naar het amendement op stuk nr. 14. Meneer Ceder en mevrouw Rooderkerk vragen daarmee om ernstige intimidatie en stelselmatige verbale agressie op te nemen als een van de specifieke categorieën. Wat mij betreft zat dat eigenlijk al wel in het lijstje dat we hadden, maar ik kan me voorstellen dat dit wel bijdraagt aan de helderheid van die lijst. Ik geef dit amendement dus oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Amendement op stuk nr. 14: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 15 is van meneer Ceder. Hij wil de term &quot;onverwijld&quot; vervangen. Dan gaat het over de meld-, overleg- en aangifteplicht door dat vast te leggen. Eigenlijk is &quot;onverwijld&quot; juist een hele gebruikelijke term als het gaat over dit soort vraagstukken. Dus ik denk dat we het onszelf, en vooral ook de mensen die het betreft, lastiger maken.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja. Eén vraag van de heer Ceder.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dankzij de term &quot;onverwijld&quot; heb ik zes jaar lang als advocaat werk gehad. Voor een werkgever kan dat namelijk iets anders betekenen dan voor de werknemer. Je wil niet een situatie hebben waarin er geprocedeerd wordt omdat er een serieuze klacht ligt, maar de hele klacht van tafel is als het bestuur niet op tijd die melding gedaan heeft, terwijl het wel om een ernstige gedraging gaat. In zo&#x27;n situatie wil je gewoon niet komen. Ik heb geprobeerd om het in ieder geval af te bakenen. Volgens mij willen we dat het snel gebeurt. Misschien is 24 of 48 uur te snel. Maar je gaat hierdoor ongetwijfeld procedures krijgen ten koste van het slachtoffer. Dat probeer ik te voorkomen. Ik hoop dat de staatssecretaris opnieuw hiernaar wil kijken met dat in het achterhoofd. Want dit gaat geen winnaars opleveren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Meneer Ceder zegt &quot;te snel&quot;. Ik denk dat, als we die termen gebruiken, het soms te langzaam is. Denk aan zaken van seksuele intimidatie of zelfs seksueel misbruik. Dan zijn de termijnen die meneer Ceder aangeeft eigenlijk te lang. Dat is volgens mij precies waarom we &quot;onverwijld&quot; op moeten nemen. Soms kan het te snel zijn en soms te langzaam.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 15 is ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dan het amendement op stuk nr. 16 van meneer Ceder over overleg met de vertrouwensinspectie als het gaat over het informeren van de ouders. Ik heb geprobeerd in mijn antwoorden in de eerste termijn duidelijk te maken over wat voor gevallen we het dan hebben. Dit amendement wil ik graag ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 16: ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat ontraad ik dus ook. Ik zeg dat eigenlijk gek.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 18.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Meneer Ergin had het over een bewaartermijn voor de incidentenregistratie. Daar ben ik ook kort op ingegaan. Ik verwees volgens mij al naar het amendement in mijn inbreng. Ik denk dat het goed is om dat oordeel Kamer te geven. Dat doe ik dan ook.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 18: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 22 van meneer Boomsma, over het schrappen van de uitbreiding naar seksuele intimidatie, ontraad ik. Ik snap wel wat meneer Boomsma wil zeggen, maar ik denk dat hij dat hiermee niet zegt. We hebben bij de evaluatie hiervan onder andere gezien dat scholen soms echt een andere inschatting maken, soms vanwege handelingsverlegenheid en soms vanwege te weinig expertise. Het gaat dus niet over ongepast gedrag of dat soort zaken, waar ik ook weleens passages over heb gezien. Dit gaat echt over seksuele intimidatie.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 22: ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Die uitbreiding zou ik er graag in houden, zeker gezien alle ontwikkelingen rondom seksueel geweld.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Er is één vraag van de heer Boomsma.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Maar het is dus heel onduidelijk wat dat precies betekent. De wet zegt wel degelijk &quot;alle mogelijke vormen van intimidatie&quot;. Dat is dus heel wijd en breed geïnterpreteerd. Dat is de reden waarom men vanuit het veld en vanuit scholen aangaf — de Raad van State deed dat ook — dat juist dit aspect leidt tot die verkramping en ertoe leidt dat je niet meer dat gezonde gesprek kunt voeren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat ben ik gewoon niet helemaal met meneer Boomsma eens. Ik heb opinieartikelen gezien waarin werd gevraagd of het dan seksuele intimidatie is als je eens een troostende arm om iemand heen slaat. Nee, dat is het niet. Sterker nog, in de memorie van toelichting staat dit voorbeeld niet precies zo geformuleerd, maar wel geparafraseerd. Daar hebben we het dus niet over. Het gaat dus echt over seksuele intimidatie. Ik denk dat de meeste mensen hier wel een beetje gevoel hebben voor wat dat dan is.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 22: ontraden. We gaan naar het amendement op stuk nr. 24.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 24 van de leden Rooderkerk en Kisteman gaat over &quot;digitaal&quot;. Ik weet niet hoe vaak ik het woord &quot;online&quot; heb genoemd. Waarschijnlijk te weinig, maar wat mij betreft gaat dit wetsvoorstel ook over online. Ik vind het prima om het amendement dat dat nog een keer expliciet maakt, oordeel Kamer te geven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 24: oordeel Kamer. Het amendement op stuk nr. 25.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 25 van meneer Ergin gaat over registratie buiten de school. Volgens mij gaan we dan echt overladen met registratielast. Dat maakt het niet simpeler, maar wel veel groter. Ik denk ook dat het enigszins het doel voorbijschiet. Dat ontraad ik dus.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 25: ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 26 van meneer Boomsma gaat over het vervangen van &quot;de verplichting om jaarlijks te evalueren&quot; door &quot;evalueren wanneer de inspectie zegt dat dat moet&quot;. Dat zou ik willen ontraden, juist omdat we die papieren tijger dus levend willen maken — dat betekent dat scholen er zelf mee bezig zijn — om ervoor te zorgen dat hun veiligheidsbeleid ook daadwerkelijk effectief is. Daar hebben ze ook informatie over. Het moet dus niet alleen op aanwijzen van de inspectie; het moet gewoon een lopend patroon zijn. Dus ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 26: ontraden. Het amendement op stuk nr. 28.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 28 van meneer Ceder, meneer Stoffer en meneer Boomsma, over het schrappen van de opvolgingsplicht, zou ik graag ontraden. De uitspraken van een klachtencommissie zijn onafhankelijk en professioneel. Ik vind het belangrijk dat ze ook zo worden beoordeeld en dat dat er dus ook iets met die uitspraken gebeurt. Dat die worden opgevolgd is, denk ik, ook belangrijk voor het vertrouwen in klachtenprocedures. Dus ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja. Het amendement op stuk nr. 28: ontraden. Het amendement op stuk nr. 29.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 29 is van mevrouw Rooderkerk en meneer Ergin. Discriminatie is op zichzelf al opgenomen als categorie. Als we daar een aparte categorie van maken, is dat volgens mij verwarrend en ook weer extra. Dat ontraad ik dus.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 29: ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 30 van de heren Ceder, Kisteman en Claassen over antisemitisme is volgens mij het amendement waar de heer Ergin al aan refereerde in zijn interruptievraag. Ik zou dat willen ontraden, omdat discriminatie in alle vormen gewoon onder het kopje discriminatie valt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 30: ontraden. Het amendement op stuk nr. 31.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 31 is van meneer Van Houwelingen. Dat amendement wil wat veranderen aan het schoolplan, en het bevoegd gezag bij de directeur leggen. Dat is echt wel iets wat buiten dit wetsvoorstel ligt. Daar maken we de wet niet helderder mee. Dat zou ik hiermee dus zeker niet willen gaan regelen. Dat ontraad ik dus. Gedachten daarover bij andere debatten zijn natuurlijk wel interessant, maar laten we niet het stelsel in een andere wet per amendement volledig wijzigen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 31: ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Eigenlijk geldt een beetje hetzelfde voor het amendement op stuk nr. 32. Dat ontraad ik dus ook.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 32: ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 33 van meneer Ergin en mevrouw Rooderkerk gaat over het schrappen van &quot;stelselmatige&quot; bij &quot;discriminatie&quot;. Ik heb uiteraard geluisterd in de eerste termijn, maar ik denk wel dat het handig is om dat woord &quot;stelselmatige&quot; hier te laten staan, ook omdat je anders een soort ingewikkelde analyse, inzicht enzovoort enzovoort moet hebben om erachter te komen of iets daadwerkelijk discriminatoir is of toch niet. Als we dat weghalen, denk ik dat dat te veel administratielast oplevert en dat dat het niet veiliger maakt. Dus ik ontraad dat amendement.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik vind dit wel een rare redenering, want je moet überhaupt beoordelen of iets daadwerkelijk discriminatoir is. Ook als het stelselmatig is, moet de school bekijken of iets daadwerkelijk discriminatoir is. Waar het hierom gaat, is dat we de scholen niet moeten opschepen met een discussie over wanneer iets stelselmatig is. Is dat bij twee keer, bij drie keer of bij vijf keer? Ziet de staatssecretaris dat haar eigen redenering hier eigenlijk knelt?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Als je een aantal praktijkvoorbeelden pakt — dat ga ik nu niet doen — denk ik dat we precies in die ingewikkeldheid komen, terwijl het met &quot;stelselmatig discriminatoir&quot;, zoals we het nu in de wet hebben staan, een stuk helderder is dan met wat meneer Ergin suggereert. Volgens mij verschillen we inhoudelijk dus niet van mening, maar wel over hoe we dat opschrijven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>We gaan naar het amendement op stuk nr. 34.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 34. Dat ontraad …\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Oké, mevrouw Rooderkerk heeft ook één vraag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, nog een vraag daarbij, want ik begrijp gewoon niet waarom bij andere vormen van geweld wel bij een eenmalig geval moet worden gemeld of opgetreden, maar bij discriminatie niet. Er zijn namelijk ook strafbare vormen van discriminatie die ook bij één keer strafbaar kunnen zijn, zoals het oproepen tot haat of geweld.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, en die staan eigenlijk al in een ander lijstje. Dat heb ik nu net in mijn snelheid weggelaten. We hebben een lijstje in de wet opgenomen, waarin onder andere ook bedreiging, grove pesterijen en stelselmatige discriminatie staan. Daarom zei ik al: als we een aantal van dit soort casussen aflopen, komen we er best wel snel achter. Die moet je dus gewoon opschrijven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Oké. Het amendement op stuk nr. 34.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja. Het amendement op stuk nr. 34, van de leden Ceder, Stoffer en Boomsma, over het aansluiten bij een landelijke klachtencommissie uit te wet halen, ontraad ik. De verplichte aansluiting bij een klachtencommissie staat er juist in omdat we uit de evaluatie begrijpen dat een landelijke klachtencommissie echt beter is dan een aantal kleine, lokale commissies en dat je die ook beter aan de hand kan nemen. De landelijke klachtencommissie is gewoon veel professioneler en heeft veel meer expertise in het behandelen van klachten, en kan dat daardoor ook makkelijker en beter. Dat zouden we graag eenduidig hebben. Nogmaals, met deze wet stellen we een norm daarvoor, dus ik ontraad het amendement.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb hierop geen interruptie gedaan tijdens de beantwoording, omdat ik al dacht die te doen bij de amendementen. Dit raakt voor ons wel aan de vrijheid van onderwijs. De combinatie van maar twee klachtencommissies betekent dat er een x-aantal mensen is die voor alle scholen in het land gaan beoordelen of er sprake is van een bepaalde gedraging. Die doen dat vanuit hun eigen visie, beeld en context. De verplichting om dat op te volgen raakt volgens mij wel echt aan de vrijheid van de schoolbesturen. Ik heb dus twee amendementen, één om te zorgen dat als het twee commissies worden, het advies belangrijk en zwaarwegend, maar niet bindend is, en één om de mogelijkheid te creëren om juist de minder kwalitatieve klachtencommissies eruit te laten via een register. Mijn vraag is of de staatssecretaris begrijpt dat hiermee een aantal mensen verantwoordelijk worden voor alle scholen in alle richtingen en dat dat maar vanuit een beperkte visie kan. Begrijpt zij dat dat wel degelijk raakt aan de grondwettelijke vrijheid die schoolbesturen hebben?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De stelling dat het maar vanuit een bepaalde visie is, onderschrijf ik gewoon niet. De landelijke klachtencommissie is een professionele, onafhankelijke commissie die zich buigt over klachten, hopelijk zo min mogelijk, omdat er al heel veel op scholen zelf kan worden opgelost. Dat beeld herken ik niet. Ik vind dus de onafhankelijkheid en de professionaliteit van de klachtencommissie dermate belangrijk dat ik dit amendement ontraad.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Nee, meneer Ceder. We hebben ook nog een tweede termijn. We doen één vraag per amendement. We gaan er niet op het eind nog ineens twee doen. Er is nog een tweede termijn van de Kamer. Er is voldoende ruimte om nog in debat te gaan met de staatssecretaris.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>We gaan naar het amendement op stuk nr. 35.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 35, van meneer Stoffer, ontraad ik ook. Dat lijkt een beetje op een ander amendement dat ik al ontraden heb.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement van meneer Ceder op stuk nr. 36 gaat over het uitbreiden van de meld-, overleg- en aangifteplicht naar promovendi zonder dienstverband. Daar had ik al een antwoord over gegeven. Het amendement geef ik oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter. Dan heb ik zelf ook nog een amendement. Dat noemen we dan een nota van wijziging. Die wordt nu naar uw Kamer gestuurd. Die gaat over één woord dat ontbreekt in de wetstekst. Het gaat om het woord &quot;intimidatie&quot; achter &quot;seksuele&quot; in het eerste lid van artikel 3.39. Dat was wel een dermate omissie dat ik het ...\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Die krijgt ook oordeel Kamer?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Jaja, precies. Ik hoop dat de Kamer dat een goed idee vindt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Goed. Ik schors voor een ogenblik. Ik nodig de woordvoerders even uit bij het rostrum voor kort overleg.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heropen de vergadering. Er is kort overleg geweest. We hebben nog een tweede termijn van de Kamer en een tweede termijn van het kabinet tegoed. We willen om 14.00 uur gaan stemmen. Dat betekent dat we daarvoor helaas niet meer de tweede termijn van de Kamer kunnen houden als we ook voldoende tijd willen hebben voor de lunch. Dat betekent dat we een uur schorsen voor de lunchpauze en om 14.00 uur verdergaan met de stemming over de moties ingediend bij het tweeminutendebat Visserij en Landbouw- en Visserijraad.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De algemene beraadslaging wordt geschorst.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik schors de vergadering tot 14.00 uur.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De vergadering wordt van 13.02 uur tot 14.00 uur geschorst.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Aan de orde is het vervolg van de wetsbehandeling van de Wet vrij en veilig onderwijs.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>We waren aangekomen bij de tweede termijn van de zijde van de Kamer. De eerste spreker van de zijde van de Kamer is het lid Ceder. Die nodig ik graag uit voor zijn tweede termijn. Ga uw gang.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel, voorzitter. We hebben net een uitvoerig debat met elkaar gehad. Dit debat was ook enkele weken uitgesteld. Ik had gehoopt dat dat tot iets meer rust zou leiden, waardoor we ook met elkaar het goede gesprek over het voorstel zouden kunnen voeren. Dat is voor een deel gelukt, maar ik constateer dat we toch iets van te weinig tijd hebben. Of zo ervaar ik dat in ieder geval; misschien komt dat doordat ik wat lang van stof ben. Maar er zitten wel wat fundamentele vragen onder dit wetsvoorstel. Ik snap en onderschrijf de doelstelling dat we veilige scholen moeten hebben. Tegelijkertijd is er niemand in deze Kamer, en ook de staatssecretaris niet, die probeert te beweren dat het momenteel niet veilig is op vrijwel alle scholen. Het is dus een goede poging, maar de vraag over nut en noodzaak is voor ons nog wel een ingewikkelde. Daarbij kunnen we een register nog wel begrijpen. Ik vind het goed dat de staatssecretaris nogmaals duidelijk aangeeft dat dit een intern karakter heeft, dus dat dit niet bedoeld is om later nog uitgevraagd te worden, waardoor we of vanuit de Kamer of vanuit andere gremia als gevolg van die registraties gericht op scholen acties gaan ondernemen. Dat vond ik dus goed. Het roept tegelijkertijd wel de vraag op of dit een verbetering of een gedragsverandering in de hand werkt, waarbij men, waar men het nu gewoon met een goed gesprek oplost en zo normerend optreedt, het dan vooral naar het registreren trekt.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik had nog een vraag openstaan over de rol van de inspectie. Kan de staatssecretaris nog de toezegging doen dat die informatie inderdaad intern blijft, en dat, als de onderwijsinspectie een gericht bezoek brengt, die data dan wel opvraagbaar zijn — want natuurlijk moeten die er zijn — maar de onderwijsinspectie ze dan niet als instrument gaat gebruiken? Ik voorzie dat het anders wel degelijk een extern karakter krijgt. Ik vraag dus of de minister dat concreet wil toezeggen en daar misschien in een gesprek of in beleidsregels of op welke wijze ook, aandacht aan kan geven.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Het tweede is dat ik net heb gevraagd hoever het registreren van persoonsgegevens gaat. Ik las net in een artikel ... Ik weet nu even niet welk, maar het was iets met &quot;vier&quot;. Ik kom er zo op terug. Daarin stond dat bijzondere persoonsgegevens wel degelijk verwerkt mogen worden. Oké, dat snap ik, maar het roept wel de vraag op waar dat ophoudt. Dat omdat ik graag wil weten, en scholen ook moeten weten, of zij, als zij een incident registreren in het kader van veiligheid, zij ook moeten registreren wat de leeftijd van zo iemand is, wat de geaardheid van zo iemand is, wat de etniciteit en nationaliteit van zo iemand is. Waar houdt het op en wat is dan nog proportioneel of niet? Volgens mij ligt er wel een grondslag in de wet voor in ieder geval bijzondere persoonsgegevens, waar de onderdelen die ik net noemde, volgens mij onder vallen. Daarover zou ik dus ook graag wat meer duidelijkheid hebben in de tweede termijn.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik heb mijn amendement gewijzigd ten aanzien van het overleg met de vertrouwenspersoon en ten aanzien van het beoordelen of je de ouders wel of niet moet inlichten. Nou, ik hoop dat dat wat meer zuurstof geeft en dat de staatssecretaris het dan positief kan appreciëren.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Tot slot, voorzitter, heb ik nog een aantal moties, die ook naar aanleiding van het debat voor ons belangrijk zijn. Voordat ik daar nog op inga, het laatste punt. Een aantal amendementen zijn positief geapprecieerd, waarvoor dank. Een aantal zijn er ontraden. Daar heb ik wat bedenkingen bij, zoals bij het &quot;onverwijld&quot;-amendement, waarvan werd gezegd dat dat tot juridisering leidt. Maar goed, daarover hebben we van gedachten gewisseld. Wat mij het meest steekt, is die klachtencommissie. Die wordt landelijk en het worden er twee. Dat is een hele verschuiving. Maar de koppeling van dat wat we uitspreken ook gelijk bindend is, is voor mij wel echt een verschuiving van de rol die schoolbesturen nu hebben naar een ander orgaan. Ik vind dat we zowel in het debat als in de memorie van toelichting te weinig over die verschuiving hebben gesproken, en ook over de vraag in hoeverre dit raakt aan de vrijheid die de scholen zelf hebben. De vraag is dus of de minister nog iets van een toelichting wil geven hoe dit niet raakt aan artikel 23.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Dan de moties, voorzitter.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat veiligheidsinstrumenten zoals meldroutes, vertrouwenspersonen en klachtenprocedures niet voor iedere leerling even toegankelijk zijn;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat leerlingen met een beperking, ondersteuningsbehoefte of neurodivers profiel vaak andere vormen van communicatie en ondersteuning nodig hebben om signalen van onveiligheid te kunnen delen;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat toegankelijkheid een noodzakelijke voorwaarde is voor daadwerkelijke bescherming;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering om in samenspraak met school- en leerlingenorganisaties te borgen dat veiligheidsvoorzieningen op scholen aantoonbaar toegankelijk zijn voor alle leerlingen van de school, ongeacht ondersteunings- en communicatiebehoefte,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door de leden Ceder en Rooderkerk.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 39 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat onveiligheid op school vaak samenhangt met problemen buiten de school, zoals online-intimidatie of radicalisering, jeugdcriminaliteit en problematische thuissituaties;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat scholen deze problematiek niet alleen kunnen oplossen en een effectieve aanpak samenwerking vraagt tussen onderwijs, jeugdzorg, gemeenten, politie en andere betrokkenen;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat preventie en vroegsignalering in de leefomgeving van kinderen en jongeren kunnen bijdragen aan meer veiligheid en rust in de klas;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering om samen met de betrokken departementen en lokale partners te komen tot een integrale, preventieve aanpak gericht op het voorkomen van geweld, intimidatie en sociale onveiligheid op school, met aandacht voor de rol van sociale media, de thuissituatie en andere factoren in de leefomgeving van leerlingen,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door de leden Ceder en Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 40 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat het van belang is dat scholen de bestaande ondersteuning op het gebied van suïcidepreventie goed weten te vinden en effectief kunnen benutten;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering om uiterlijk voor het einde van het jaar een plan aan de Kamer te sturen waarin wordt uitgewerkt hoe het bestaande aanbod rond suïcidepreventie goed wordt ontsloten voor scholen;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering tevens om na implementatie van dit plan onder scholen te inventariseren in hoeverre het aanbod voldoende toegankelijk en bruikbaar is en ook voldoende wordt gebruikt, en indien nodig aanvullende maatregelen te treffen,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door de leden Ceder en Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 41 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>En tot slot, voorzitter. Ik zie u al kijken.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat onderwijsprofessionals in toenemende mate te maken krijgen met verbale agressie en zelfs fysiek geweld door leerlingen en ouders;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat dergelijke agressie en geweld onacceptabel is;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering om met een samenhangende, structurele aanpak scholen te ondersteunen bij het bevorderen van de veiligheid van het onderwijspersoneel, door onder meer in te zetten op heldere handvatten voor schoolbesturen bij incidenten, versterking van de samenwerking met gemeente, politie en zorg en aandacht voor weerbaarheid, opvang en nazorg,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door de leden Ceder en Rooderkerk.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 42 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel, voorzitter.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Eén moment. De motie over na de implementatie bij scholen te inventariseren et cetera, et cetera had medeondertekenaars.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, dat is mevrouw Moorman. Als u die erbij kunt schrijven, dan graag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Oké, Moorman. Die voegen we toe.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel. De volgende spreker van de zijde van de Kamer is mevrouw Moorman. Gaat uw gang.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voorzitter. Veel van wat ik heb gezegd hier in de Kamer over deze wet ging over preventie. Daarom begin ik even met drie moties op het gebied van preventie.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat 41% van de jongeren niet gelooft in gelijkwaardigheid van lhbti+-personen, dat de acceptatie van homoseksualiteit in verschillende regio&#x27;s fors afneemt en dat lhbti+-jongeren tot drie keer vaker worden gepest;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat uit onderzoek blijkt dat GSA&#x27;s helpen om de situatie voor lhbti+-personen op Nederlandse scholen te verbeteren en dat op scholen met een GSA de houding tegenover lhbti+-mensen positiever is en lhbti+-jongeren minder gepest worden en zich op school beter thuis voelen;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering om de versterking van het GSA-netwerk in de OCW-begroting op te nemen,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door het lid Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 43 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dan mijn tweede motie, over jongerenwerk in school.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat veiligheid ontstaat door school, thuis, de straat en de onlinewereld te verbinden en dat de aanwezigheid van jongerenwerk in school een effectieve manier is om dit te doen;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering om bij de OCW-begroting met een plan te komen over op welke manier jongerenwerk in school versterkt kan worden,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door het lid Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 44 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>En tot slot, voorzitter, een motie over de manosfeer, ook omdat we daar vorige week een rondetafel over hebben gehad en de staatssecretaris daar ook aan refereerde.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat onlinehaat en intolerantie via algoritmes snel verspreid worden, waaronder content uit de manosfeer;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat docenten aangeven dat zij te maken hebben met discriminerende en haatdragende uitingen in de klas als gevolg hiervan en meer dan de helft van de docenten aangeeft behoefte te hebben aan extra ondersteuning;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering om scholen voldoende ruimte te bieden, in tijd, middelen en curriculum, om gelijkwaardigheid te stimuleren in het kader van burgerschapsonderwijs en te zorgen dat docenten toegang krijgen tot trainingen om te leren omgaan met onlinehaat die het klaslokaal bereikt, en de Kamer hier voor het herfstreces over te informeren,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door het lid Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 45 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voorzitter, dan de wet. Tot mijn verdriet stond preventie daar nauwelijks in. In de eerste termijn waren wij al zeer kritisch, dat is duidelijk. Ik ben echt met een hele open, positieve houding de eerste termijn van de staatssecretaris ingegaan. Het heeft een paar weken geduurd voordat wij die kregen, maar ik wilde het echt graag horen, omdat wij zo kritisch waren. Helaas heeft de staatssecretaris mij geen antwoorden gegeven die mij overtuigen, op drie punten. Het eerste is dat de wet contraproductief kan werken en dat scholen juist angstiger zullen worden om met incidenten om te gaan, omdat ze bang zijn dat ze hierop aangesproken gaan worden. Dat leidt dan dus juist tot een minder open en veilig schoolklimaat.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Dan heb ik nog een aantal hele praktische vragen gesteld. Hoe gaan wij er bijvoorbeeld mee om als leerlingen elkaar uitschelden of duwen? Als wij daar goed het gesprek over aangaan en het is opgelost, moet het dan nog worden geregistreerd? Helaas kreeg ik daar ook geen antwoord op.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik heb ook gevraagd: als er geen extra middelen zijn, ten koste waarvan gaat het dan? Daarvan zegt de staatssecretaris: scholen doen het al. Dan ontstaat precies het probleem dat wij hebben met deze wet: hoe doelmatig en doeltreffend is deze wet dan eigenlijk? Deze wet leidt echt tot een veiliger schoolklimaat, of &quot;we doen het al&quot;, en dan is de wet niet nodig, of zelfs contraproductief.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Als wij dat allemaal zo naast elkaar zetten, dan vragen wij ons echt af hoe wij nu weten dat deze registratie straks echt tot een veiliger schoolklimaat gaat leiden, vooral ook omdat de staatssecretaris zegt: die registratie kan eigenlijk per school op de eigen manier gedaan worden. Wat kan de inspectie dan nog beoordelen? Ik ben heel benieuwd naar het antwoord op de vraag van de heer Ceder in de tweede termijn van de staatssecretaris. Hier ontstaat dus willekeur. We hebben dan een wet die onduidelijk is en tot willekeur leidt en eigenlijk niks extra&#x27;s biedt, maar wel leidt tot heel veel extra registratie. We moeten hier wel met elkaar het goede doen. Ik snap dat de staatssecretaris iets wil doen voor de veiligheid van scholen, maar we nemen hier wel een wet aan, en dat moeten we heel erg serieus doen. Ik neem het advies van de Raad van State echt heel erg serieus, ook al zegt de staatssecretaris daarvan: het is ook maar een advies. Ik denk dus echt dat deze wet niet gaat bijdragen aan een veiliger schoolklimaat. Sterker nog, deze kan bijdragen aan een onveiliger schoolklimaat. Zo moeten we volgens mij de wet ook beoordelen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik vraag dan ook de staatssecretaris: als ik alle kritiek uit de Kamer hoor, hoe denkt zij dan met een minderheidskabinet tot een meerderheid te komen? Ik hoor hier van links tot rechts heel erg fundamentele kritiek. Graag en reactie daarop, want wij willen hier met elkaar serieuze wetten maken, die echt impact hebben. We moeten niet over vijf jaar constateren dat dit niet de bedoeling was en dan pas nog weer vijf jaar later een nieuwe wet hebben. We moeten het nu goed doen. Dus mijn vraag, tot slot, aan de staatssecretaris is: is het niet gewoon verstandiger om, zoals de Raad van State ook zegt, nu niet deze wet in stemming te brengen, maar het wetsvoorstel terug te nemen en met elkaar tot een betere wet te komen? Dank u wel.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel. De volgende spreker van de zijde van de Kamer is mevrouw Rooderkerk. Terwijl zij onderweg is naar het spreekgestoelte, heet ik Colin en zijn klasgenootjes van harte welkom. Goed opletten. Wie weet treden jullie nog in de voetsporen van mama. Mevrouw Rooderkerk, gaat uw gang.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel, voorzitter. Voor goed onderwijs is veiligheid een voorwaarde. Als ik deze leerlingen zie, maar ook de leerlingen op de school waar ik maandelijks kom om mee te helpen in de klas, dan is dat natuurlijk wat we allemaal willen met elkaar. Maar ook daar zie ik in de praktijk dat een wet alleen dat absoluut niet gaat oplossen. Je kunt nog zo goed een schoolleider hebben die hiermee bezig is en leraren die zich er bewust van zijn dat veiligheid van belang is en een veiligheidscoördinator, maar uiteindelijk is het mensenwerk en gaat het erom dat het in de praktijk goed wordt opgelost. Dat is ook waar we naar moeten streven. Wij zijn als D66 dan ook altijd kritisch geweest om scholen extra administratie en regeldruk op te leggen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Wat wij vooral van belang vinden, zijn de preventie en ondersteuning van scholen, waar scholen ook heel erg om vragen, omdat zij zeggen: wij willen voor de veiligheid van leerlingen staan. Om die reden hebben wij verbeteringen van de wet aangedragen, bijvoorbeeld met het amendement om de onlineveiligheid in de wet op te nemen — en überhaupt in de onderwijswet — omdat het er nu helemaal niet instaat. Het woord &quot;online&quot; komt er niet in voor. Ik denk dat het van belang is dat we dat expliciet maken, zoals de staatssecretaris ook aangaf. Het gaat erom dat scholen dit serieus nemen en aanpakken, en waar nodig met OM en justitie daarover in gesprek gaan. Daarnaast heb ik nog een tweetal moties ingediend met de heer Ceder, een over toegankelijkheid en een over de veiligheid van leraren.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Tot slot, voorzitter. Het doel is goed onderwijs en ik zie dat dat ook breed in de Kamer wordt gedeeld. Hoe komen we daar? Daar komen we ook door de discussie die bij deze wet heeft geklonken. Maar laten we daar in ieder geval met elkaar voor staan.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik ben het volstrekt eens met mevrouw Rooderkerk dat onveiligheid zich ook online afspeelt. Maar ook hier de praktische vraag. Stel dat een leraar constateert dat twee leerlingen elkaar online in de haren vliegen en dat er hele lelijke dingen worden uitgewisseld. Vindt mevrouw Rooderkerk dan dat dat geregistreerd moet worden? Betekent dat verder dat leraren de hele tijd de onlinewereld moeten afspeuren om te kijken of dat gebeurt? Welke praktische implicaties heeft dit?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Zoals ik aangaf, is mijn focus niet gericht op registreren en regeldruk voor scholen. Mijn focus is er gewoon op gericht dat leraren … We zien in toenemende mate dat zij in de klas merken dat er sprake is van onlineonveiligheid. Dat is net zo goed iets waar zij mee aan de slag gaan als wanneer het gaat om fysieke onveiligheid. Het kan zijn dat leerlingen AI-naaktbeelden van meisjes willen hebben. Dat zijn beelden die vaak worden gedeeld. Ik spreek ook met studentes die dat is overkomen. Dan hoop je dat dat ook iets is wat tot een gesprek in de klas leidt, dat het serieus wordt genomen en dat scholen actie ondernemen, als dat nodig is, tegen degene die zoiets verspreidt. Dat zijn voorbeelden die we in de praktijk gewoon al zien gebeuren. Het is iets waar gelukkig veel leraren zich al bewust van zijn, maar we moeten er zelf onze ogen ook niet voor sluiten. Dat betekent ook dat het in een wet hoort over het onderwijs of over schoolveiligheid. Maar dat is wat mij betreft de focus, dus echt daadwerkelijke preventie en ondersteuning wanneer dat nodig is.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ook nu kan ik mevrouw Rooderkerk eigenlijk heel goed volgen. Ik ben het met mevrouw Rooderkerk eens dat in het schoolveiligheidsbeleid preventie de allerbelangrijkste factor is en dat dat ook gaat over online. Maar we zien dat deze wet vooral gaat over registratie, want dat hele deel preventie komt eigenlijk in de wet niet voor. Is mevrouw Rooderkerk het dan met mij eens dat deze wet beter een wet had kunnen zijn over preventie en over hoe we ervoor zorgen dat het schoolveiligheidsbeleid zo goed mogelijk vormgegeven kan worden en tot uitvoering kan worden gebracht? Is dat niet gewoon een enorme gemiste kans van deze wet?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat deel ik wel met mevrouw Moorman. Dat heb ik ook in mijn bijdrage gezegd. Ik denk dat het vooral van belang is dat we scholen hierin goed ondersteunen. Ik heb daar overigens ook vragen over aan de staatssecretaris gesteld. Hij is daarbij ook ingegaan op het aanpalende beleid dat wij hebben. Maar ja, ik zie wel graag dat we daar ook verdere stappen op nemen. Daarom heb ik ook zelf voorstellen gedaan bij deze wet. Er zijn overigens meerdere voorstellen gedaan door collega&#x27;s. We zullen die goed met elkaar moeten bekijken, want uiteindelijk is ons doel natuurlijk dat de veiligheid in de klas verbetert.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot, voorzitter. Mevrouw Rooderkerk en ik vinden elkaar vaak op het gebied van onderwijs en goed onderwijs. We zijn het ook helemaal met elkaar eens dat dat veilig moet zijn. Ik ken ook haar inzet op preventie. Maar als D66 deze wet in z&#x27;n totaliteit weegt, ziet D66 dan ook in dat het een contraproductief effect in de klas zou kunnen hebben en dat we dus eigenlijk een wet aannemen die nu juist niet doet wat we beogen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat hangt ervan af. Er zijn bijna 30 amendementen ingediend en ik denk dus dat het sowieso belangrijk is dat we weten welke amendementen het gaan halen. Er zijn ook de voorstellen die we zelf hebben gedaan om het ook echt meer richting preventie en het aanscherpen daarvan te doen. Ik ben voornemens om bij elke wet die ik behandel, een bijdrage te leveren, zodat het daadwerkelijk wat oplevert voor de klas. Dus dat zullen we gewoon goed gaan bestuderen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Een vervolgvraag of een nieuwe vraag, maar in ieder geval een interruptie van de heer Ceder.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik ben heel erg benieuwd wat de coalitiepartijen gaan doen. Ik weet dat de amendementen voorwaardelijk zijn, nu ik mevrouw Rooderkerk hoor. Laat helder zijn dat ze dat voor mij ook zijn. Maar welke kant moet het dan op bewegen? Als wij met elkaar afspreken dat we alle amendementen gaan steunen en als D66 dan zegt &quot;dan gaan we ervoor&quot;, dan weet de Kamer waar ze aan toe is. Ik ben dus even benieuwd waar voor haar de weging in zit, want die amendementen zijn bedoeld om de wet beter te maken. Betekent het dat u tegen de wet gaat stemmen als ze niet aangenomen worden? En zo nee, welke amendementen zijn voor u als fractie dan zo belangrijk dat ze aangenomen moeten worden?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Hoe ik de amendementen beoordeel? Ik wil gewoon dat ze de regeldruk en de administratiedruk niet vergroten, en nog liever verlichten, want dat is ook waar de scholen zo veel bezwaren tegen hebben. Andere onderdelen van de wet, daar vind ik minder mis mee. Ik denk dus dat het vooral belangrijk is dat we bij het stemmen over de amendementen zorgen dat die wet daadwerkelijk verbetert en dat de zorgen kunnen worden weggenomen die scholen nu hebben.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Begrijp ik dan nu, even los van de amendementen — want stel je voor dat ze allemaal worden weggestemd — dat de wet in z&#x27;n huidige vorm voor de D66-fractie onvoldoende is?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat is een als-danvraag. Ik heb altijd geleerd: als mijn oma wieltjes had, dan was ze een trein. Wat ik zeg is: wij vinden het van belang dat we die veiligheid vergroten. Er zijn onderdelen van de wet die dat doen. Er zijn ook onderdelen die scholen vooral regeldruk en administratie opleggen en daar zijn ook amendementen op ingediend. Die zullen we dus moeten bekijken. Het is lastig om mij nu op 30 amendementen een specifiek antwoord te vragen. Ik probeer hier aan te geven hoe wij daarnaar kijken, dat we die veiligheid willen vergroten en dat we een en ander daarop zullen beoordelen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot, voorzitter. Ik vind dit geen als-danvraag. Voor mij ligt er gewoon een wetsvoorstel vanuit het kabinet in de Kamer. Mijn vraag aan mijn collega is of haar fractie, als ze dat wetsvoorstel op z&#x27;n merites beoordeelt, voor of tegen zal gaan stemmen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Wat ik dus steeds aangeef, is dat de wet zoals die er lag, wat mij betreft niet voldoende was. Daarom heb ik ook zelf voorstellen gedaan om &#x27;m te verbeteren, bijvoorbeeld op het punt van de onlineveiligheid, waarvan ik echt geloof dat het belangrijk is die in de wet op te nemen en dat daar ook aandacht voor is op scholen. Zo zijn er ook onderdelen waarbij je de regeldruk wilt verlagen. Ik weet dat de heer Ceder daarop zelf ook voorstellen heeft gedaan. Dan zou het, denk ik, wel goed zijn als wij er als Kamer voor zouden stemmen om dat soort onderdelen eruit te halen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel. De volgende spreker van de zijde van de Kamer is de heer Kisteman, die spreekt namens de fractie van de VVD.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voorzitter. Ik wil de staatssecretaris danken voor haar antwoorden. We hebben over meerdere weken dit debat hier gevoerd, met nog een extra lange schorsing tussendoor. Dat heeft bij mij en mijn fractie wel een paar vraagtekens weggehaald. Veel scholen zijn hier al mee bezig en voor de veiligheid van de leerlingen is het goed dat veel meer scholen dit gaan doen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik heb, ook om het kort te houden, nog één motie en die gaat over wapenbezit.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat signalen over wapenbezit en ernstig geweld onder jongeren en op school toenemen;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat schoolleiders, docenten en onderwijsondersteunend personeel behoefte hebben aan een duidelijk handelingsperspectief bij vermoedens van wapenbezit;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering in gesprek te gaan met scholen en te inventariseren wat scholen aanvullend nodig hebben om effectief op te treden bij redelijke vermoedens van wapenbezit en hen vervolgens handelingsperspectief te bieden,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door de leden Kisteman en Armut.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 46 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik ben toch even benieuwd. De VVD is natuurlijk een partij die altijd strijdt, of zegt te strijden, tegen regeldruk en overbodige bureaucratie en administratieve lasten. Hoe kan het dan dat de VVD in geval van zo&#x27;n wet, waarbij al die dingen evident het geval zijn, daaroverheen stapt en daarmee lijkt te willen instemmen? Of zie ik het verkeerd?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Wat ik net aangaf en ook in m&#x27;n eerste termijn al heb gezegd, is: heel veel scholen doen dit al en een aantal scholen doet dit nog niet. Voor ons is het belangrijk dat scholen dat gaan doen, al kun je daar maar één incident mee voorkomen. Het is belangrijk dat scholen bezig zijn met een veiligheidsplan, met een visie op hoe te zorgen voor een gezonde en veilige omgeving. Dat is voor ons voldoende reden om te zeggen: oké, we moeten dit doorzetten.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>In brede zin maakt dit de VVD toch totaal ongeloofwaardig? In het coalitieakkoord is afgesproken dat er jaarlijks een vereenvoudigingswet komt. Minder regels, minder regeldruk. U bent ook woordvoerder ondernemerschap. Alles wat extra regeldruk veroorzaakt, moeten we schrappen. De Omnibus moet erdoorheen. Maar als het om onderwijs gaat, kan het er allemaal bij? En ja, sommige scholen doen het al, maar we weten ook dat dit voor heel veel scholen betekent registreren, registreren, registreren, in plaats van waar ze normaal gesproken aan het normeren waren.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Mijn vraag is gewoon, ook richting de VVD: wat kunnen wij in de Kamer verwachten van de VVD? Bent u voor meer regels als het de VVD uitkomt? Bent u voor minder regels? Of zegt u &quot;dat moeten we per geval bekijken&quot;? Als het dat laatste is, laat dat dan ook de campagne zijn: per geval bekijken we dat. Ik vraag collega Kisteman om hierop een toelichting te geven, want ik merk dat zijn reactie op de vraag van de heer Boomsma bij mij vragen oproept. Dat gesprek gaan wij vaker met elkaar hebben, want ik hoor de heer Kisteman in onderwijsdebatten geregeld voor meer regels en regeldruk pleiten.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Bij dat laatste wat de heer Ceder zei, sluit ik mij zeker niet aan. Volgens mij pleit ik nooit voor meer regels in het onderwijs, maar maken wij hier een afweging. Wat is nu belangrijker? Is dat de veiligheid van de leerlingen op school en dat er scholen zijn die dit al doen, waar dat dus niet voor meer regels gaat zorgen? Of is dat dat er scholen zijn die dit nog niet doen, die dit nu wel moeten gaan doen en die meer moeten gaan registreren? In dit geval zeggen wij: dat laatste vinden wij belangrijker. Daarnaast kijken we altijd naar proportionaliteit: voor hoeveel regels gaat dit dan zorgen? Dat wegen wij af. In dit geval zeggen wij dat wij dit voldoende vinden. Het belang ervan voor de leerlingen op school is belangrijker.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot. Maar die afweging maken we toch elke week? Als het om internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen gaat, dan maak je die afweging met elkaar. Als je het hebt over een slagvaardige overheid, dan maak je die afweging met elkaar. Als je het hebt over het ambtenarenapparaat, dan maak je die afweging met elkaar. Dit is niets nieuws. Dit doen we elke dag met elkaar. Mijn vraag is: de VVD, die bekendstaat, of bekend wil staan, om het verminderen van de regeldruk … Ik constateer — misschien is dat een constatering en geen vraag — dat de VVD bij onderwijs structureel het tegenovergestelde doet. Dat vind ik jammer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Daar sluit ik me niet bij aan. Ik heb ook aan de staatssecretaris gevraagd of er bepaalde functies in het onderwijs zijn die samengevoegd kunnen worden. Dat heeft ze ook aangegeven. De ene functie verdwijnt en de andere komt erbij. Ook dat zorgt voor minder regels. Volgens mij is dat een duidelijk signaal dat wij als VVD zoeken naar mogelijkheden om regels binnen het onderwijs af te schaffen of te vereenvoudigen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Van Houwelingen (FVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De VVD wil dus dat scholen die nu niet registreren, ook massaal aan het registreren slaan. Dan is mijn vraag: waar baseert de VVD nou het idee op dat zij die afweging om wel of niet te registeren beter kan maken dan de scholen zelf? Want dat pretendeert de heer Kisteman natuurlijk.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het lijkt mij heel verstandig dat scholen bezig zijn met een plan voor veiligheid op school. Als scholen dat nog niet doen, lijkt het me niet meer dan normaal dat zij dit gaan doen. Je zou je ook bijna kunnen afvragen waarom scholen dit nog niet doen en waarom ze zich nog niet bezighouden met de fysieke veiligheid in de school.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Van Houwelingen (FVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat komt misschien doordat die scholen zelf een andere afweging maken. Daar is het hele debat net over gegaan. Die denken misschien: we kunnen onze tijd wel beter besteden dan aan registreren en vertrouwenspersonen inhuren. Die maken op basis van hun eigen expertise hun eigen afweging. Daar gaat de VVD nu doorheen met deze landelijke wet. Die denkt het beter te weten. Nogmaals, hoe komt het dat de VVD het beter weet dan de mensen die in de scholen werken?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik zeg niet dat wij het beter weten. Wij kijken naar het aantal signalen dat er is geweest. Dat groeit enorm bij de scholen die dit wel bijhouden. Daarom zeggen wij dat het goed zou zijn als alle scholen in Nederland dat gaan bijhouden en registreren, zodat ze intern een plan kunnen maken: hoe zorgen wij voor een veilige omgeving voor deze leerlingen op school?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Van Houwelingen (FVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot. &quot;Het zou goed zijn.&quot; Dat is het dus niet. Met deze wet wordt het afgedwongen. Het wordt verplicht. De VVD denkt het dus beter te weten dan de scholen zelf. Dat kunnen we hier constateren.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik ben ook een beetje verbaasd over het meten met twee maten van de VVD. Ik ken de VVD inderdaad ook als een partij die het altijd heeft over minder regels, maar dat blijkt alleen maar te gelden voor ondernemers en niet voor leraren. Maar dan mijn vraag. Is de VVD het met mij eens dat het ook wel iets moet betekenen als je door die extra regeldruk gaat registreren? Dus: als wij zien dat een registratie wel of niet is gedaan, dan moeten we ook weten wat er dan op papier staat. Is de VVD dat met mij eens?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Maar dat is toch iets waar een onderwijsinspectie eventueel straks naar kan kijken als die op een school komt? Wat heeft een school hiermee gedaan? Wat is er gebeurd? Welke incidenten zijn hier en hoe pakken ze die op?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dan toch mijn vraag aan de VVD, want blijkbaar weet de VVD hier iets wat ik niet weet. Hoe gaat de inspectie dat dan doen? Stel, er zijn tien registraties. Zegt de inspectie dan dat dat te veel of te weinig is? Hoe weet de inspectie dat er misschien wel meer waren, die niet zijn geregistreerd? Wat doet een inspectie met een school die zegt: ik heb nul registraties; het is allemaal perfect gegaan? Weet de VVD dan hoe dat gaat?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De VVD heeft vertrouwen in de schoolleiders en de leraren die er zijn. Wij gaan ervan uit dat zij dit goed oppakken en netjes uitvoeren. Misschien heeft mevrouw Moorman of de partij van mevrouw Moorman daar minder vertrouwen in, maar wij gaan er gewoon van uit dat de schoolleiders gaan zorgen voor een veilige omgeving, dat ze dit gaan registreren en bijhouden en aan de hand daarvan met een plan komen om te zorgen voor meer veiligheid voor de leerlingen op school.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Nou breekt mijn klomp! Eigenlijk zit in dit hele betoog van de heer Kisteman: &quot;Ik heb geen vertrouwen, want we moeten die 5% à 10% van de scholen aanjagen en porren. Daar heb ik geen vertrouwen in en daarvoor hebben we een hele wet nodig.&quot; Nu is het antwoord van de VVD eigenlijk: met deze wet gaat het misschien nog steeds niet gebeuren, maar ik heb vertrouwen. Dat klopt toch niet? Het kan toch niet allebei tegelijk waar zijn?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Wij vinden het belangrijk dat scholen hiermee bezig gaan, en wij vertrouwen erop dat zij dit gaan registreren en voor een veilige omgeving op school gaan zorgen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Dank u wel.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel. De heer Ergin is de volgende spreker van de zijde van de Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voorzitter. Ik heb even een vraagje aan u: zouden we de voorspelling van de uitslag van het wetsvoorstel kunnen toevoegen aan Scorito? Ik heb namelijk te weinig punten voor het WK. Ik heb heel veel wedstrijden niet goed kunnen voorspellen. Maar als ik zo kijk naar het debat, gaat het heel spannend worden! Ik hoor &quot;hoofdelijk&quot;. Ook dat nog!\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter. Als ik terugkijk op de behandeling van het wetsvoorstel … Ik zie mevrouw Moorman staan.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik ben nu eigenlijk wel benieuwd naar de inzet van de heer Ergin.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat ga ik nu dus uitleggen, als mevrouw Moorman dat toestaat.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>DENK is niet tegen het registreren van incidenten op scholen. Ik denk dat het goed is als scholen registreren wat er op hun scholen gebeurt. Geen enkele wet is perfect, dus daarom heb ik ook drie amendementen ingediend om de wet beter te maken, waarvan twee samen met mevrouw Rooderkerk. Een perfecte wet bestaat niet, maar als we onderaan de streep een afweging moeten maken over een wetsvoorstel, is het voor mijn fractie doorslaggevend dat we met dit wetsvoorstel geen signaal moeten afgeven dat iets, bijvoorbeeld discriminatie, pas geregistreerd wordt als het stelselmatig gebeurt. Wij willen echt niet richting scholen, onderwijzers en leerlingen het signaal afgeven dat het pas belangrijk is als ze vaker dan één of twee keer worden gediscrimineerd. Dat is voor ons dus wel een belangrijk punt dat we meewegen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter. Het tweede is — dat zeg ik misschien in de richting van mevrouw Moorman als antwoord op haar vraag, en ik kijk ook naar de heer Kisteman — dat als er straks met deze wet geregeld gaat worden dat een vorm van discriminatie, namelijk antisemitisme, boven alle andere discriminatiegronden geplaatst gaat worden, dus als antisemitisme belangrijker is dan bijvoorbeeld het aanpakken van moslimhaat of het aanpakken van discriminatie op basis van huidskleur, dan zal DENK zeker tegen dit wetsvoorstel stemmen. Wij gaan niet meewerken aan een wet waarmee willekeur ontstaat tussen discriminatiegronden. Die garantie kan ik de Kamer zeker geven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Als indiener voel ik mij hier aangesproken. Erkent de heer Ergin dat we de afgelopen jaren bezig zijn om het groeiende antisemitisme in Nederland tegen te gaan, en dat we daarbij dus inderdaad ook specifieke maatregelen proberen te nemen? Erkent de heer Ergin dat? Onderschrijft hij dat het belangrijk is om het groeiende antisemitisme, waarvan de cijfers schrikbarend zijn, tegen te gaan?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Uiteraard. Mijn pleidooi is ook niet om antisemitisme niet te registreren; mijn pleidooi is om alle vormen van discriminatie te registreren. Als op een bepaalde school bijvoorbeeld antisemitisme een groter probleem is, lijkt het mij verstandig dat die school aanvullende maatregelen neemt om antisemitisme tegen te gaan. Maar als op een school bijvoorbeeld moslimhaat of discriminatie op basis van huidskleur een groter probleem is, vind ik dat deze wet ook het signaal moet afgeven dat er op die school gerichte maatregelen getroffen moeten worden, bijvoorbeeld in de richting van die discriminatiegronden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Volgens mij vinden we elkaar. Ik vind namelijk ook dat als er moslimdiscriminatie plaatsvindt, de school dat moet registreren. Mijn punt is — volgens mij heeft de staatssecretaris dat toegelicht — dat scholen moeten registreren, maar vervolgens vrij zijn in hoe ze dat doen. Daarbij kan de situatie ontstaan dat antisemitisme geregistreerd wordt als een haatmisdrijf, of op welke wijze dan ook, maar er onvoldoende duidelijk wordt in hoeverre er sprake was van een antisemitisch motief. In het licht van wat we de afgelopen jaren aan het doen zijn en van het tegengaan van antisemitisme denk ik dat het relevant is dat scholen het registreren wanneer er sprake is van antisemitisme, om zo te kunnen zien of het daadwerkelijk afneemt over de jaren heen. Ik vraag mij dus af of de heer Ergin het met mij eens is dat het aannemen van dit amendement niet zou betekenen dat andere vormen, zoals moslimdiscriminatie, niet geregistreerd zouden worden, maar dat dit een voortzetting is van de lijn die we bij Kamermeerderheid hebben afgesproken. Die is dat we het groeiende antisemitisme de kop moeten indrukken.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Als ik het amendement van de heer Ceder goed heb gelezen, verplicht het tot het specifiek registreren van antisemitisme. Ik ben tegen willekeur van welke discriminatiegrond dan ook. Als ik gewoon kijk naar de werking van het amendement van de heer Ceder, zie ik dat er in dat amendement staat dat antisemitisme apart geregistreerd moet worden. Maar voor andere vormen van discriminatie ontstaat geen verplichting; dan is het opeens de vrijheid van de school. Nee, laten we gewoon álle vormen van discriminatie registreren. Sterker nog, ik zou de heer Ceder willen adviseren om ook goed te kijken naar de amendementen die ik samen met mevrouw Rooderkerk heb ingediend. Wij zeggen namelijk: registreer alle vormen van discriminatie. Sterker nog, doe dat niet alleen als het stelselmatig is. Eigenlijk gaan de amendementen waar DENK onder staat veel verder dan het amendement dat door de heer Ceder is ingediend, want wij zeggen: maak van alles een registratie, in plaats van dat iemand eerst een paar keer antisemitisch behandeld moet worden voordat er een registratie wordt gemaakt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot, meneer Ceder.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Tot slot. Even voor de kijker en ook voor de notulen: het aannemen van dit amendement betekent niet dat andere gronden niet geregistreerd zouden moeten worden. Die registratieverplichting is er en zou dan ook opgevolgd moeten worden. Het is wel zo dat scholen daarin de uitsplitsing kunnen maken — dat behoort tot de vrijheid van die school — afhankelijk van wat er op een bepaalde school speelt. Dat snap ik ook wel. De heer Ergin vermoedt dus dat als wij het amendement aannemen, andere vormen van discriminatie niet geregistreerd zouden worden. Dat is niet waar. Die verplichting blijft bestaan. Het enige wat wij vragen, is dat deze specifieke uitsplitsing intern wel geregistreerd wordt. Dat is namelijk een voortzetting van wat we hier als Kamer met elkaar constateren en zien. Het is een maatschappelijk probleem dat we willen tegengaan. Dan is het goed om te markeren dat je dit wel verplicht wil registreren. Als scholen moslimdiscriminatie, waar u het over had, verplicht intern willen registreren, staat hun dat vrij. Ik wil het dus even corrigeren. Het is geen vraag. Het is niet zo dat het aannemen hiervan registratie op andere gronden minder maakt of tenietdoet.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Uw punt is helder. De heer Ergin kan reageren en daarna zijn betoog vervolgen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De heer Ceder slaat het nu wel heel plat. Het staat een school dus vrij om discriminatie op basis van huidskleur te registreren, maar wordt volgens het amendement wel verplicht om antisemitisme te registreren. Wat ik eigenlijk zeg: laten we dan álle discriminatie registeren in plaats van dat we aan willekeur gaan doen op basis van wat de heren Ceder, Kisteman en Boomsma belangrijk vinden of wat de partijen van de indieners belangrijk vinden. Laten we gewoon kijken naar de wet. De wet is duidelijk over welke discriminatiegronden er zijn. Laten we een uitsplitsing maken naar álle vormen van discriminatie. Aan willekeur gaan wij niet meewerken. Ik zie gewoon een beweging dat dit wel gaat gebeuren. Dat maakt het voor ons nog een complexe puzzel. We zullen aan de hand van de amendementen die wij zelf hebben ingediend, maar ook de amendementen die door de collega&#x27;s zijn ingediend uiteindelijk kijken of we dit wetsvoorstel wel of niet steunen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De heer Ergin begon natuurlijk al een beetje grappend met te zeggen dat het de vraag is of deze wet het gaat halen. Ik denk inderdaad dat het niet vaak zó spannend is rond een wet. Misschien heeft dat ook wel ermee te maken dat er een minderheidskabinet zit en dat het niet per definitie zo is dat een wet het haalt. Maar ook in de boodschap van de heer Ergin hoor ik nu een hele fundamentele zorg, die ik eigenlijk wel heel goed begrijp, namelijk dat er willekeur kan ontstaan. De heer Ergin zegt dat hij het beoordeelt op basis van de verschillende amendementen en wat er wel en niet wordt aangenomen. Maar er zijn sowieso bijna 30 amendementen. Er zijn zo veel amendementen, waarvan het ook nog onduidelijk is hoe dat uiteindelijk gaat landen in de wet, dat wij het als Kamer eigenlijk helemaal niet kunnen overzien. Daarnaast hebben wij fundamentele kritiek, die ook gedeeld wordt door de sector. Is de heer Ergin het dan niet met mij eens dat het beter zou zijn om gewoon met een betere wet te komen dan er nu ligt in plaats van dat wij als Kamer er onzeker over blijven?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Er zijn zelden wetsvoorstellen waarbij ik vier amendementen indien of mede-indien. Dus dat klopt. Ik ben nu bijvoorbeeld bezig met een wetsvoorstel dat we morgen gaan behandelen. Dan zie je dat alles beter is uitgedacht dan in dit wetsvoorstel. Daarbij kom ik met één amendement en probeer ik dingen met moties te regelen. Dus ja, ik heb wetsvoorstellen behandeld in dit huis die veel beter waren uitgedacht dan dit wetsvoorstel. Maar tegelijkertijd vind ik het ook goed dat de Kamer nu in de gelegenheid is om dit wetsvoorstel zelf te verbeteren. Idealiter is dat al bij het kabinet, bij de regering, gebeurd. Als dat niet het geval is, dan kunnen wij onze controlerende taak uitvoeren. Ik ben dus eigenlijk wel blij dat dit wetsvoorstel naar de Kamer is gestuurd, waardoor de Kamer nu met 30 amendementen kan bijsturen en er eindelijk, na lange tijd, iets niet van tevoren duidelijk is.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>We hebben dus tussen de 0 en 30 amendementen, maar het zijn er 19. Het begint nu een beetje een eigen leven te leiden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voorzitter, dank voor de correctie, maar dan nog is negentien natuurlijk ongelofelijk veel. Dat maken we eigenlijk nooit mee. Ja, het is mooi dat de Kamer inderdaad zelf ook haar bijdrage levert. Tegelijkertijd hoor ik dat D66 zegt: als de administratielast verhoogd wordt, dan doen we het niet. Ik hoor de heer Ergin zeggen: de ene discriminatiegrond mag niet boven de andere discriminatiegrond staan. Het is voor niemand meer te volgen. We weten ook allemaal niet wat voor wet er straks ligt en waar we mee in moeten stemmen. Ik stel dus nogmaals de vraag aan de heer Ergin of het niet verstandig zou zijn … De Kamer heeft haar werk nu gedaan. De Kamer heeft laten horen waar we kritisch op zijn. Zou het dan niet verstandig zijn om de tijd te nemen met elkaar om met een betere wet te komen, waar bijvoorbeeld de discriminatiegrond gewoon goed in staat?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik had gehoopt dat er in de tussentijd, in die twee weken, ontwikkelingen zouden plaatsvinden waardoor we zouden denken dat tijd de oplossing is geweest. Maar volgens mij ligt de wet er nog. Volgens mij zijn er geen extra amendementen bij gekomen. Als het mijn initiatiefwetsvoorstel was geweest en ik dan die vraag van mevrouw Moorman had gekregen, had ik het nu in kunnen trekken, maar het is niet mijn initiatiefwetsvoorstel. Ik controleer het kabinet. Ik voer mijn controlerende taak uit. Ik heb vier concrete zaken geconstateerd, waarover ik amendementen heb ingediend. Als die amendementen het halen, of als andere amendementen waar ik meer bezwaar tegen heb het ook halen, dan moet ik onderaan de streep een belangenafweging maken. Daar ben ik nog niet. DENK is daar nog niet. Het is een puzzel voor ons. Ik denk dat het belangrijk is dat mevrouw Moorman die vragen aan het kabinet voorlegt — ze heeft dat tijdens het debat ook wel gedaan — en niet aan mij, want het is niet mijn initiatiefwetsvoorstel.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik begrijp de reactie van de heer Ergin wel, omdat we ook een beetje op onontgonnen terrein zijn. Het komt gewoon niet vaak voor dat we hier met zo&#x27;n onzekere meerderheid, of eigenlijk misschien zelfs geen meerderheid, voor de keuze staan of die wet aangenomen gaat worden. We kunnen als Kamer nu twee dingen doen. We kunnen gewoon kijken bij de stemming aanstaande dinsdag of de wet het gaat halen of niet. Dat is zeer onzeker, want u gaat eerst het amendement afwachten, net als mevrouw Rooderkerk. Dan krijgen we hier heel veel onduidelijkheid. We kunnen als Kamer ook bij meerderheid zeggen: &quot;Staatssecretaris, neem &#x27;m nou terug. Laten we een betere behandeling met elkaar doen. Laten we er nog eens een keer met het veld over gaan praten.&quot; Ik denk dat dat een helder en duidelijk signaal is. Daar kunnen we toch met elkaar voor kiezen, meneer Ergin?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb net de puzzel toegelicht die wij als fractie nog moeten leggen. Als we zien dat het wetsvoorstel beter wordt met de amendementen die zijn ingediend — dat zijn er dus 19 in plaats van 30 — dan kunnen we wellicht instemmen met het wetsvoorstel. Ik heb net een aantal kaders toegelicht. Als we zien dat het een verkeerde kant opgaat, dan gaat de fractie van DENK tegenstemmen en moet de minister sowieso aan de slag met een nieuw wetsvoorstel.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>U gaat verder met uw betoog.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>In reactie op wat mevrouw Moorman buiten de microfoon zegt: we gaan het zien; we gaan het zien!\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter. Ik heb geen moties. Ik heb alles al in de amendementen verwerkt. Nogmaals, we kijken naar de amendementen en op basis daarvan zullen we onze positie bepalen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel. De volgende spreker van de zijde van de Kamer is de heer Boomsma.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel, meneer de voorzitter. Natuurlijk moeten kinderen veilig zijn op school. Op sommige scholen in Nederland gaat dat niet goed en kampen mensen met ernstige problemen. Daarover heb ik twee moties. De eerste motie gaat over het signaleren van mensenhandel, want ook dat komt voor op onze scholen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat leerlingen slachtoffer zijn van seksuele of criminele uitbuiting, maar dat zich vaak in de verborgenheid afspeelt en moeilijk te herkennen is;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat criminele uitbuiting van jongeren de afgelopen jaren sterk is toegenomen;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat het recente onderzoek Van kwaad tot erger van het Centrum Kinderhandel en Mensenhandel en ook andere rapporten constateren dat vertrouwenspersonen op scholen een cruciale rol hebben in het herkennen van signalen van misbruik en\u002Fof uitbuiting om zo snel mogelijk op te kunnen treden;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering met een voorstel te komen om vertrouwenspersonen en andere betrokkenen op scholen via trainingen en\u002Fof anderszins beter in staat te stellen om signalen van misbruik of uitbuiting te herkennen, en er daarbij ook zorg voor te dragen dat scholen ook weten hoe om te gaan met die signalen en meldingen,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door het lid Boomsma.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 47 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De tweede dien ik eigenlijk in omdat we blijkbaar niet goed weten hoe vaak het de afgelopen jaren is voorgekomen dat Joodse scholieren of studenten hun onderwijsinstelling hebben verlaten wegens antisemitisme.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat niet bekend is hoe vaak Joodse scholieren, studenten en\u002Fof medewerkers in het onderwijs stoppen met hun school, studie of betrekking wegens antisemitisme en intimidatie, omdat scholen, universiteiten en hogescholen dit volgens het kabinet niet bijhouden;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat bekend is dat sommige Joodse studenten en medewerkers stoppen vanwege Jodenhaat op hun leer- of werkplek en dat dit onacceptabel is;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat het een fundamentele plicht is van de Nederlandse overheid en instellingen om ervoor te zorgen dat alle leerlingen en studenten worden beschermd tegen discriminerende intimidatie, zeker gezien de enorme toename van antisemitisme de afgelopen twee jaar;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering in overleg en samenwerking met onderwijsinstellingen te onderzoeken hoe vaak scholieren en studenten de afgelopen twee jaar van een school of universiteit zijn gegaan als gevolg van antisemitisme, bijvoorbeeld door (desnoods anoniem) navraag te doen bij vertrekkende leerlingen en studenten, en dit de komende tijd te blijven monitoren,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door het lid Boomsma.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 48 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Voorzitter. Dan over de wet. JA21 had zeer fundamentele zorgen over deze wet, zoals aangegeven in de eerste termijn. Dank aan de staatssecretaris voor de beantwoording. Onze zorg was dat deze wet niet gaat zorgen voor betere veiligheid, maar wel voor meer regeldruk. Ik herhaal: te veel regels en protocollen kunnen er juist voor zorgen dat goede schoolbestuurders zich gebonden gaan voelen en dus minder snel kordaat gaan handelen en dat slechte schoolbestuurders zich juist gaan verschuilen achter die protocollen en regels. Het is niet voor niets dat de onderwijsorganisaties en de Raad van State waarschuwen dat die maatregelen niet alleen voor extra regeldruk zorgen, maar juist ook averechts kunnen gaan werken, omdat het leidt tot schijnveiligheid. Ik moet zeggen dat de beantwoording ons gewoon niet gerust heeft gesteld. Ik begrijp de gedachtegang van de staatssecretaris die hierachter zit denk ik wel, namelijk dat het goed is dat scholen waar het nu nog niet goed gaat, gedwongen worden om na te denken over hun veiligheidsbeleid en dat ze dat doen op basis van incidenten. Maar ik denk gewoon niet dat het zo gaat werken. Ik denk dat je dan beter andere wetgeving kunt opstellen, veel meer gericht op de scholen waar het niet goed gaat, om die op andere manieren te ondersteunen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Specifiek over ons amendement met betrekking tot seksuele intimidatie: niemand is natuurlijk voor seksuele intimidatie, maar de formulering in de wet is toch wel heel algemeen en vaag. Ik denk gewoon dat dit gaat leiden tot verkramping en dat dit het open gesprek en oplossingen gaat verhinderen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Kortom, JA21 denkt dat we deze wet gewoon beter niet kunnen aannemen. Ik denk dat het ook goed is als de Kamer een keer zegt: we gaan een keer niet akkoord met de bureaucratische logica en met de bureaucratische reflex van meer regels; we gaan een keer niet akkoord met nog meer regels. We moeten gewoon een keer zeggen: nee, dit niet; kom terug met een beter alternatief. De staatssecretaris zei dat die papieren tijger moet gaan leven, maar dat kan die nou eenmaal niet.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Tot zover.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank je wel. De volgende spreker van de zijde van de Kamer is mevrouw Raijer. Zij spreekt namens de fractie van de PVV.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Raijer (PVV):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel, voorzitter. Allereerst wil ik de staatssecretaris bedanken voor haar antwoorden. Ik heb ook uitgebreid geluisterd naar de staatssecretaris, die het had over het registreren, het melden, het evalueren, klachtencommissies en vertrouwenspersonen. Maar ik heb haar nog niet horen uitleggen hoe een leerling die morgen gepest wordt, hiermee daadwerkelijk geholpen wordt. Ik wil dus aan de staatssecretaris vragen of zij dat nog even concreet kan maken.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik heb nog een paar vragen. Die heb ik in een interruptie ook gesteld. Wat gaat u doen als scholen zich niet aan deze wet gaan houden? We hebben met de oude wet ook gezien dat er scholen waren die zich er niet aan hielden. Ik wil daarnaast ook gemeld hebben dat wij tegen deze verhoogde regeldruk zijn. Ik kan mij aansluiten bij wat de heer Boomsma en mevrouw Moorman hierover zeiden. Het is dus beter dat we deze wet niet aannemen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Dat neemt niet weg dat wij toch nog een aantal moties hebben.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat het bezit van wapens onder leerlingen toeneemt;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat steekwapens en vuurwapens een directe bedreiging vormen voor de veiligheid op scholen;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering om per direct een zerotolerancebeleid in te voeren, waarbij iedere leerling die op school of in de schoolomgeving met een vuur- of steekwapen wordt betrapt, direct van school wordt verwijderd, en het doen van aangifte zodat vervolging mogelijk wordt,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door de leden Raijer en Van Houwelingen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 49 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat gepeste leerlingen regelmatig langdurig uitvallen of zelfs van school wisselen;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat het belang van het slachtoffer altijd voorop moet staan;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering te onderzoeken hoe scholen beter kunnen worden ondersteund bij het aanpakken van structureel pestgedrag, waarbij de bescherming van het slachtoffer centraal staat,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door de leden Raijer en Van Houwelingen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 50 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat steeds meer leerlingen en docenten slachtoffer worden van geweld op school;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat het recht op veilig onderwijs zwaarder weegt dan het belang van geweldplegers om in de klas te blijven;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering scholen de mogelijkheid te geven geweldplegers sneller en definitief van school te verwijderen,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door de leden Raijer en Van Houwelingen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 51 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Raijer (PVV):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dan kom ik bij de laatste motie.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>constaterende dat Joodse leerlingen en studenten steeds vaker worden geconfronteerd met intimidatie en antisemitisme;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>overwegende dat iedereen zich veilig moet kunnen voelen op school;\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering te komen tot een gerichte aanpak van antisemitisme binnen het onderwijs,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door het lid Raijer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 52 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Raijer (PVV):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb gewoon een korte vraag. Begrijp ik uit de bijdrage van mevrouw Raijer goed dat de PVV niet voor deze wet gaat stemmen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Raijer (PVV):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb al eerder gezegd dat deze wet zo veel regeldruk geeft voor scholen, dat we er, zoals die nu voorligt, niet voor zullen gaan stemmen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Zijn er dan nog amendementen waardoor de PVV van gedachte kan veranderen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Raijer (PVV):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik moet de amendementen eerst nog grondig bestuderen voordat ik daar een antwoord op kan geven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel. De volgende en laatste spreker van de zijde van de Kamer is de heer Van Houwelingen van Forum voor Democratie.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Van Houwelingen (FVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u, voorzitter. Ik denk dat het allemaal al meermaals gezegd is: dit is wat ons betreft een draak van een wet. Hij leidt alleen maar tot meer regelgeving, meer registratieplicht, meer vertrouwenspersonen. Dat komt de veiligheid niet ten goede, denken wij. Wat de veiligheid wellicht wel ten goede zou kunnen komen, is — ik heb het al gezegd — als het scholen makkelijker wordt gemaakt om in de toekomst iemand die zich niet gedraagt, van school te sturen. Die moties van mevrouw Raijer gingen daar eigenlijk ook over. Nu is dat heel moeilijk voor scholen, begrijpen we, want dan moet zo&#x27;n school een vervangende school zoeken. Dat is natuurlijk heel moeilijk en dan verplaatst het probleem zich natuurlijk ook naar die nieuwe scholen. Daar schieten we dus niets mee op. Daar heb ik dus een aanzet voor. Dat is mijn enige motie.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De Kamer,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>gehoord de beraadslaging,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>verzoekt de regering de laatste twee zinnen van artikel 40, lid 11 van de Wet op het primair onderwijs te schappen,\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>en gaat over tot de orde van de dag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze motie is voorgesteld door het lid Van Houwelingen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Zij krijgt nr. 53 (36777).\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Van Houwelingen (FVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat betekent dus dat als er iets gebeurt, de school een leerling die pest of zich misdraagt en het dus voor de hele klas verziekt, van school zetten zonder dat er eerst moet worden gekeken of er een andere school is waar die leerling naartoe kan. Dat lijkt me een goede zaak.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Dank.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel. Daarmee is er een einde gekomen aan de tweede termijn van de zijde van Kamer. De staatssecretaris heeft aangegeven een kwartier schorsing nodig te hebben, dus we gaan om 15.15 uur verder met de beantwoording van de vragen en de appreciatie van de moties. Ik schors de vergadering tot 15.15 uur.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De vergadering wordt van 15.00 uur tot 15.14 uur geschorst.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heropen de vergadering. Aan de orde is de tweede termijn van de zijde van het kabinet in de behandeling van de Wet vrij en veilig onderwijs. Ik geef het woord aan de staatssecretaris voor de beantwoording van de vragen en de appreciatie van de moties.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dank u wel, voorzitter. Zowel in de eerste als in de tweede termijn hebben we uitvoerig met elkaar gedebatteerd en van gedachten gewisseld over de Wet vrij en veilig onderwijs. Ik hoorde enkelen van uw Kamerleden zeggen &quot;ik ben controleur van de regering&quot;, maar u bent natuurlijk ook medewetgever. Dat maakt het zo belangrijk en goed dat we zo&#x27;n uitgebreid debat hierover voeren.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>We hebben stilgestaan bij het doel van de wet, namelijk zorgen dat er op alle scholen in Nederland een veilig schoolklimaat heerst doordat scholen een stevig veiligheidsbeleid hebben. Er zijn vijf elementen in de wet opgenomen om dat stevige veiligheidsbeleid te ondersteunen. Dat zijn de interne en externe vertrouwenspersonen, de klachtenafhandeling, het vaststellen van beleid, de registratie van incidenten en de evaluatie van het beleid, die afhankelijk is van de kennis en data daarover.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Een van uw leden zei in de tweede termijn: we hebben alleen maar dingen gehoord over registratie. Ja, dat komt voor een deel doordat daar veel vragen over zijn gesteld. Ik denk dat het goed is om te benoemen dat de wet meer is dan alleen die registratie en dat die geen doel op zichzelf is, maar een onderdeel om te zorgen dat het beleid steviger is. Daarmee hebben we overal in Nederland veilige scholen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik hoor de leden ook twijfelen, wegen en zoeken wat betreft de vraag of deze wet wel of niet aangenomen moet worden en welke amendementen wel en niet aangenomen moeten worden, dus ik gun iedereen een zorgvuldige weging. Ik voel ook de spanning, maar ik zie het niet als een wedstrijd. Soms lijkt het in debatten alsof dat zo is, maar het is geen wedstrijd. Het gaat erom dat we als medewetgevers met elkaar een wet vaststellen die daadwerkelijk gaat leiden tot veiligere scholen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Sommigen zeggen: heel veel scholen doen dit al, dus waarom zouden we hier nu een wet voor gaan instellen? Nou ja, volgens mij is het superbelangrijk dat alle scholen het doen. Met deze wet stellen we een norm, namelijk dat we het belangrijk vinden dat alle scholen een goed veiligheidsbeleid hebben en dat evalueren op basis van feiten, dat alle scholen daar ook mee aan de slag zijn, dat er op alle scholen vertrouwenspersonen zijn en dat er een goede klachtenafhandeling is. Dat zijn we met elkaar aan het wegen.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Daar zijn nog een aantal aanvullende vragen over gesteld. Ik heb onder andere nog een vraag uit de eerste termijn van de heer Ceder over het gebruik van de registratie van de veiligheidsincidenten door de inspectie. Ik knikte al een beetje, maar ik wist het niet zeker. Daarom vroeg ik of ik dat in de tweede termijn mocht doen. Ik kan bevestigen wat ik non-verbaal al een beetje aangaf: er is geen wettelijke verplichting voor scholen om een incidentenregistratie aan te leveren aan de inspectie. De inspectie kan dus ook niet van tevoren zonder bezoek en contact met de school … Meneer Ceder zei: dan komt er een soort uitvraag en dan krijgen we een overzicht. Nee, dat kan dus niet. Dat is echt uitgesloten. Pas als de inspectie bij een school een gegronde reden heeft om te twijfelen aan de stevigheid van het veiligheidsbeleid en de registraties die daaronder liggen, kan de inspectie die registratie opvragen. Meneer Ceder vroeg om een toezegging. Die geef ik dan ook.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Hoe weten we dan dat ze het doen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik snap wat mevrouw Moorman daarmee bedoelt. Je zit als inspecteur niet de hele dag te kijken naar wat er allemaal op school gebeurt. Als ze het niet doen en je bent er niet bij, dan kan je niet controleren of wat er opgeschreven staat in de registratie er wel of niet is. Maar het feit dat er een registratie van veiligheidsincidenten is, is natuurlijk gewoon al een aanwijzing dat een school er wat mee doet. Als een school geen veiligheidsincidentenregistratie kan overleggen op het moment dat de inspectie vermoedens heeft dat het veiligheidsbeleid op die school niet zo goed wordt uitgevoerd als we nu in deze wet met elkaar vastleggen, dan is dat ook een duidelijk signaal.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Hoe beoordelen we dan of die incidentenregistratie, die dus niet openbaar is en alleen maar bij signalen opgevraagd kan worden door de inspectie, juist is? Het lijkt alsof deze hele wet wordt ingericht — tenminste, het registratiedeel daarvan — voor dat deel van de scholen waarover we ons nu zorgen maken dat ze de incidenten niet goed registreren, want de rest willen we eigenlijk alleen maar complimenten maken met deze wet. We doen het dus alleen maar voor dat deel. Maar stel dat die scholen zeggen: nou ja, dit zijn incidenten waarvan wij het gevoel hebben dat we die niet hoeven te registreren, want het is eigenlijk allemaal nog heel erg onduidelijk. Hoe beoordelen we dat dan? Wat doet deze wet in de praktijk, behalve heel veel scholen het gevoel geven dat ze heel veel extra moeten doen, zoals ook blijkt uit de evaluatie van de wet die nu is gedaan?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik hoop dus dat dit debat een aantal van dit soort verwarrende conclusies kan wegnemen. Dat lukt mij nog niet honderd procent; daarvan ben ik mij bewust. Die registratie is dus geen doel. Die registratie is een middel voor het veiligheidsbeleid. Het is ook niet aan ons om te controleren of die registratie helemaal klopt, want het is geen doel. Het is een middel om te laten zien dat het veiligheidsbeleid goed is en dat het goed wordt geëvalueerd en bijgestuurd op basis van incidenten, die dan geregistreerd staan. Zoals iedereen hier in de Kamer ook al heeft gezegd, gaat het er uiteindelijk om dat die scholen gewoon veilig zijn. Als de inspectie op grond van feiten en observaties, die de inspectie als inspecterend orgaan, als toezichthoudend orgaan, goed ziet, twijfelt of dat veiligheidsbeleid goed op orde is, dan kan de inspectie zeggen: nou, laat het maar eens zien. Maar dat hoeven wij hier in de Tweede Kamer niet te doen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik denk dat dit de kern van de discussie hier is. Ik denk dat de memorie van toelichting juist op heel veel manieren laat zien dat het wel degelijk een doel is. Nu zegt de staatssecretaris: nee, het is een middel om tot een doel te komen. Daarover zeggen heel veel verschillende partijen: dit is niet doelmatig en niet doeltreffend. Met dit middel bereiken wij dat doel helemaal niet. Hoe we wel het doel kunnen bereiken, is bijvoorbeeld door middel van preventie, maar dat staat het nou juist in de weg, omdat het een open schoolklimaat juist in de weg staat. Als wij dan hier — ik probeer het voor de laatste keer — met elkaar constateren dat het doel een veilig schoolklimaat is, dat het middel daartoe zeer onzeker is en hier ook in de Tweede Kamer tot veel kritiek leidt, zouden we dan niet nog een keer goed naar het middel moeten kijken voordat we daar een wet over aannemen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Wat ik ingewikkeld vind, is het volgende. Ik voel nu de neiging bij mezelf om de memorie van toelichting en het nader rapport in reactie op de Raad van State te gaan voorlezen, maar dat lijkt me niet heel erg recht doen aan de situatie en ook niet aan de inzet en de voorbereiding van de Kamerleden. Toch heb ik het gevoel dat we langs elkaar heen blijven praten. Een groot deel van de kritiek die de Raad van State heeft geleverd op het wetsvoorstel hebben we volgens mij op een goede manier geprobeerd te duiden. Ook het debat hierover is altijd onderdeel van de wetsgeschiedenis. De manier waarop we hierover met elkaar in debat zijn, is dus wel degelijk van belang voor wat we uiteindelijk als wet gaan vaststellen. We doen dit vanwege het simpele feit dat het veiligheidsbeleid op zichzelf voor een aantal scholen nog te weinig — ik zeg het toch maar — een levend document is op basis waarvan scholen het beleid en daarmee ook de veiligheid kunnen versterken. Daarom maken we beleid, om dingen te doen en niet om een papieren tijger te creëren. In mijn overtuiging is de manier waarop we omgegaan zijn met het advies van de Raad van State, ook met dit debat, heel duidelijk.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Even voor de administratie, omdat we willen voorkomen dat we de eerste termijn overdoen: de staatssecretaris heeft een x-aantal vragen. Ik stel voor dat we eerst de vragen in zijn totaliteit gaan beantwoorden, dan kijken of er interrupties zijn en dan overgaan tot de appreciatie. Is dat goed?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat is zeker goed. Ik wil er nog één ding aan toevoegen, want volgens mij is dit nu ook een paar keer langsgekomen. Deze wet alléén gaat het te grote aantal veiligheidsincidenten dat we nu nog zien niet helemaal oplossen. Dat is altijd aanpalend en met ander beleid. Daar heb ik ook in mijn eerste termijn een aantal handvatten voor gegeven, volgens mij.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ceder vroeg naar de registratie als het gaat over leeftijd en afkomst. Ik geloof dat hij dat soort dingen noemde. We hebben expliciet in de wet opgenomen wat je wel en niet mag opschrijven. Al die extra persoonsgegevens mogen niet worden geregistreerd. Nou ben ik natuurlijk het lijstje kwijt. Ja, daar komt ie. Wat je mag bijhouden voor de registratie is de aanduiding van het veiligheidsincident, het rijtje dat ik al een paar keer heb genoemd, de aanduiding van de betrokkene — daarbij worden de volgende categorieën gebruikt: gaat het om een leerling, een medewerker, een ouder of iemand anders, ofwel een derde? — de datum van het incident en de locatie van het incident. Dat is het eigenlijk.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Meneer Ceder vroeg ook hoe het nou zit met de klachtencommissie en artikel 23. Hij zegt, in mijn woorden en ik hoop dat ik het goed begrijp: er zit straks een klachtencommissie met mensen die vanuit hun openbaaronderwijsvisie klachten moet gaan beoordelen die komen van bijvoorbeeld een gereformeerde, islamitische of daltonschool. Ik heb geprobeerd uit te leggen dat het wat mij betreft heel belangrijk is dat de expertise, professionaliteit en onafhankelijkheid van de klachtencommissie worden geborgd doordat het een grotere commissie is. We weten dat de klachtencommissie die nu vanuit de gereformeerde scholen is ontstaan — ik doel op de landelijke — samengaat met de andere klachtencommissie, dus dat wordt er één. Daar verwees meneer Ceder al naar. Dat is op eigen verzoek. Daarbij is wel de afspraak gemaakt dat er voor elke denominatie experts aanwezig zijn. Er blijft dus nog steeds veelkleurigheid in de klachtencommissie.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Tegelijkertijd staat het iedereen nog steeds vrij om een klachtencommissie op te richten, als die maar landelijke dekking heeft. Op die manier hebben wij dus gemeend dat er echt voldoende vrijheid is om vanuit de verschillende onderwijsvrijheidsrichtingen — zo noem ik het maar eventjes — een plek te vinden binnen de landelijke klachtencommissie zoals die er komt, met de mensen die daarin zitten, maar er is ook altijd de vrijheid om een nieuwe klachtencommissie te vormen, met als enige criterium dat het landelijk moet zijn.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Er is nog een laatste vraag, en die is van mevrouw Raijer. &quot;Stel dat een leerling nu gepest wordt en deze wet morgen al ingaat&quot; — dan hebben we een aantal stappen overgeslagen, maar stel dat dat zo is — &quot;wat is dan het verschil?&quot; Het verschil is dat we dan in ieder geval zeker weten dat die leerling terechtkan bij een vertrouwenspersoon. Dat is nu bij één op de vijf scholen nog niet zo. Wat we ook weten is dat, als er om dat pesten echt een stevige intimidatie- of bedreigingssfeer zit, dat ook als incident wordt geregistreerd. Dat klinkt een beetje ver weg, maar dat is heel belangrijk.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Voorzitter, ik wil het toch nog even zeggen: een onveilig schoolklimaat verander je niet van dag één op dag twee in een veilig schoolklimaat. Daar is heel veel voor nodig: goede bestuurders en docenten die zich medeverantwoordelijk voelen voor dat héle schoolklimaat en deze wet, denk ik, maar ook de tijd om dat voortdurend te blijven evalueren, zodat je het beleid, de preventie en het inzicht verbetert, samen met de ondersteunende factoren die we hebben, zoals de Stichting School &amp; Veiligheid.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Dan ga ik naar de moties.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Nee, wacht even. We doen eerst een veegronde interrupties. Ik zou zeggen: heb je nog vragen openstaan, meld je dan bij de interruptiemicrofoon. Daarna gaan we naar de appreciaties. De heer Ceder.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik moet zeggen dat het antwoord van de staatssecretaris over de klachtencommissie mij wat positiever stemt. Zij zegt dat er ruimte is voor meerdere klachtencommissies, mits die een landelijke dekking hebben. Het is natuurlijk wel zo dat de minister die volgens de wet aanwijst. Nu zijn het er volgens mij twee. Ik ken de staatssecretaris als zeer streng doch rechtvaardig, maar dit roept wel de vraag op wanneer het ministerie vervolgens ook een klachtencommissie toestaat om die landelijke dekking te hebben, mocht die wens er na verloop van tijd zijn. Mijn vraag is of de staatssecretaris daar iets over kan zeggen. Daar ligt voor mij wel de kern: dat je zo de vrijheid van richting met elkaar borgt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De precieze juridische teksten daarover kan ik niet zo oplepelen. Dat klinkt weer een beetje pedant, maar ik kan wel zeggen dat daar op zichzelf geen maximum of zo op staat. De enige voorwaarde is dat zij een landelijke dekking heeft en het hele land er dus terechtkan. De impliciete wens is natuurlijk dat met de klachtenafhandeling gewoon onafhankelijk en professioneel wordt omgegaan.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Zou ik hierop een toezegging mogen? Kan ik hierover voor de stemming een nadere duiding krijgen? Misschien is die namelijk voor mij voldoende, als die tegemoetkomt aan de zorgen die daarover heb, om één amendement in te trekken.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik hoor heel goed wat meneer Ceder zegt. Ik ben mij ervan bewust dat mijn juridische parafrases inderdaad iets te wankel zijn. Ik snap het dus helemaal. We zetten dat eventjes in goede teksten op papier en dan sturen we dat naar u. We horen straks van u wanneer de stemmingen zijn, voorzitter, maar dan houden we daar rekening mee.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat houden we nog even als verrassing. De moties dan.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, een verrassing. Oké. Haha. Sorry.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De eerste motie is de motie van de heer Ceder en mevrouw Rooderkerk op stuk nr. 39. Daarin wordt de regering verzocht om samen met school- en leerlingenorganisaties te borgen dat veiligheidsvoorzieningen toegankelijk zijn, ongeacht de ondersteunings- en communicatiebehoefte. Daar ben ik het heel erg mee eens. Denk aan zo&#x27;n voorziening als de vertrouwenspersoon. Daar moet iedereen echt bij terechtkunnen. Ik heb dat een aantal keren gezegd, maar als het nodig is dat we dat gewoon nog even goed met school- en leerlingenorganisaties afstemmen, dan neem ik die behoefte heel goed mee. Deze motie kan dus oordeel Kamer krijgen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 39 krijgt oordeel Kamer. De motie op stuk nr. 40.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie-Ceder\u002FMoorman op stuk nr. 40 verzoekt de regering om samen met de betrokken departementen en lokale partners, zoals dat zo mooi heet, te komen tot een wat bredere aanpak op het gebied van schoolveiligheid. Ik denk dat dat een mooie beschrijving is, want in de ene gemeente of de ene wijk is de veiligheid in en om de school natuurlijk weer anders dan in de andere. Ik geloof dus wel in de integraliteit daarvan. Met de Stichting School &amp; Veiligheid hebben we, denk ik, al een heel praktische handreiking beschikbaar. Samen met het ministerie van Justitie en Veiligheid gaan wij nu met gemeenten en lokale partners na hoe we dat goed kunnen onderschrijven. Ik ben het met deze motie inhoudelijk wel eens. Die geef ik dus oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De tweede motie, die op stuk nr. 40: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Nu de motie op stuk nr. 41.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 41 gaat over het aanbod rondom suïcidepreventie, van de leden Ceder en Moorman. Volgens mij hebben we daar in het debat wel wat over gewisseld. Oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 41: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 42.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 42.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Moment. U had &#x27;m al binnen, meneer Ceder ...\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik ben dan ook zeer blij met het oordeel. Een dubbelcheck: onder &quot;scholen&quot; worden alle vormen verstaan, dus vanaf lagere school tot aan de universiteiten?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 41 krijgt dus oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 42.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 42 gaat over de veiligheid van medewerkers op school en ervoor zorgen dat er ook voor die groep heldere handvatten en een samenhangende structurele aanpak zijn — om het zo maar te noemen. Ik heb in mijn termijn al genoemd dat het personeel wat mij betreft natuurlijk ook onder de doelgroep van een veilig schoolklimaat valt. Ik kan ook deze motie dus oordeel Kamer geven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 42: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 43.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 43 van mevrouw Moorman vraagt om nu al in de begroting op te nemen hoe we het Gender and Sexuality Alliance-netwerk kunnen versterken. Tja, dat kan ik gewoon niet zeggen, want dat is een financieel vraagstuk, terwijl de behoefte om te zorgen dat dat GSA-netwerk in zo veel mogelijk scholen kan doen wat het doet ... Ik zei daarstraks ook al dat ik heel positief ben over de effecten daarvan. Ik vind dat natuurlijk goed, maar ik kan daar nu niet op vooruitlopen als het gaat om de financiële middelen. Ik moet deze motie dus ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 43: ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 44 van mevrouw Moorman sluit volgens mij eigenlijk aan bij de tweede motie, die op stuk nr. 40, als het gaat om een brede integrale aanpak samen met lokale partners. Kijk, jongerenwerk in school is niet per se iets van mijn departement, maar het hoort er natuurlijk wel bij. Ik ga dus graag in gesprek met de ministeries van VWS en Binnenlandse Zaken, en met de gemeenten, om te bekijken hoe we dat op elkaar kunnen laten aansluiten en die integrale preventie samen kunnen pakken. Dus als ik &#x27;m zo mag lezen en goed heb begrepen, is het: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik kijk even naar ... Ja. Oordeel Kamer voor deze motie op stuk nr. 44.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 45 van mevrouw Moorman gaat over de manosfeer. Ik denk dat we daar hetzelfde gevoel bij hebben, bij wat dat allemaal doet. Vandaaruit ben ik ook al in gesprek met docenten om op te halen wat ze daarbij tegenkomen, maar vooral ook voor welk houvast en welke extra ondersteuning ze daarbij nodig hebben. Er is al wel die subsidie voor Schurende Gesprekken en het Expertisepunt Burgerschap, maar ik denk dat er meer nodig is. En dat hoor ik ook wel terug van docenten. Dus oordeel Kamer voor deze motie.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 45: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 46.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 46 van de leden Kisteman en Armut gaat over de behoefte als het gaat om wapenbezit. Er ligt al een handreiking, gemaakt door de Stichting School &amp; Veiligheid in samenwerking met het expertisepunt voor criminaliteit en veiligheid. Die is vrij beschikbaar. Maar ook hierbij geldt dat, als ik toch met leraren in gesprek ben om te bekijken wat zij nog nodig hebben om inderdaad ook inhoudelijke handvatten rondom veiligheid te geven, ik graag ook dit vraagstuk daarbij meeneem. Ik had zelf ook afgelopen week weer een aantal interessante verhalen daarover, dus ik neem dat mee. Oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 46: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 47.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 47 van de heer Boomsma gaat over vertrouwenspersonen, om hen te helpen om misbruik en uitbuiting te herkennen en daar ook op te kunnen handelen. In het najaar zou ik graag een brief willen schrijven waarin wij wat nader ingaan op hoe Stichting School &amp; Veiligheid nu al met e-learning en nietpluisinstrumenten voor vertrouwenspersonen en onderwijspersoneel aan de slag is. Er is natuurlijk heel veel, maar om dat eens te bundelen en te kijken of er daarvoor nog meer nodig is, weer vanuit de behoefte van scholen en leraren ... Oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 47: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Bijna, hè. Het is wel veel. De tiende motie, die op stuk nr. 48, van de heer Boomsma, gaat over antisemitisme en het effect daarvan op het verlaten van school of studie. Misschien is het wel goed om weer even te benadrukken dat het natuurlijk echt niet kan dat iemand vanwege onveiligheid door zijn religieuze achtergrond is genoodzaakt om van school te gaan of met zijn studie te stoppen. Dat moeten we voorkomen. Ik kan nu niet zomaar oplepelen hoe vaak dat voorkomt, ook omdat we natuurlijk allerlei kaders hebben rondom privacy en het registreren van gegevens. Wel ben ik veel in gesprek met onder andere de Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding, de Anne Frank Stichting enzovoort, enzovoort. Als ik de motie van meneer Boomsma zo mag interpreteren dat ik vanuit die gesprekken bundel wat we nu aan signalen zien — dat zijn dan dus geen cijfers op decimalen, maar wel een beeld van hoe vaak dit voorkomt, wat dit betekent en wat nodig is om dat te voorkomen — dan kan ik die oordeel Kamer geven.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 49 van mevrouw Raijer over zerotolerancebeleid als het gaat om vuurwapens. Eigenlijk is die overbodig, want dat zerotolerancebeleid is er al. Vuurwapens horen niet op school. Bij de appreciatie van de motie van meneer Kisteman heb ik het net gehad over wat er nog extra nodig is. Ik verwees al naar het inspectierapport. In het inspectierapport de Staat van het Onderwijs ziet u terug hoe vaak dat voorkomt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 49 krijgt &quot;overbodig&quot;.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 50 van mevrouw Raijer, waarin we moeten onderzoeken hoe we scholen beter kunnen ondersteunen bij de pestaanpak. Voor een heel groot deel doen we dat natuurlijk al, ook om te zorgen dat dat zo veel mogelijk bewezen effectieve programma&#x27;s zijn, maar ik denk dat het goed is om ook de antipestaanpakken te bespreken als we toch met scholen in gesprek zijn over bijvoorbeeld de manosfeer en wapens. Daar kan ik oordeel Kamer aan geven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 50: oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 51.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 51, over het verwijderen van geweldplegers, is ook overbodig. Uiteindelijk kan dat al. Ik ontraad &#x27;m dus. Hij is overbodig.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>We kunnen &#x27;m gewoon &quot;overbodig&quot; geven. De motie op stuk nr. 51: overbodig.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 52.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Datzelfde geldt eigenlijk voor de motie op stuk nr. 52 van mevrouw Raijer. Er is een kabinetsbrede aanpak als het gaat over de aanpak van antisemitisme. We hebben een Nationaal Plan Versterking Holocausteducatie en een nationale strategie. Eigenlijk doen we dus al op heel veel vlakken dat wat mevrouw Raijer voor ogen heeft om antisemitisme op scholen te bestrijden. De motie is dus overbodig.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie op stuk nr. 52: overbodig.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>O, jeetje. De motie op stuk nr. 53.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat is de laatste. Dat is die van meneer Van Houwelingen. Heel eerlijk gezegd vind ik het wel mooi om weer eens een handgeschreven motie te hebben, voorzitter.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, dit is prachtig!\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Schrijven zit ook in de kerndoelen. En ik kan &#x27;m lezen, dus wat dat betreft complimenten aan de heer Van Houwelingen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>En de appreciatie luidt …\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Helaas moet ik &#x27;m ontraden.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ah! De motie op stuk nr. 53: ontraden. Eerst een vraag van de heer Van Houwelingen over deze motie en dan de heer Ceder.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Van Houwelingen (FVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Heel kort. Dank voor de antwoorden, maar ik heb toch nog even een vraag, want de staatssecretaris zei net bij de moties van ambtsgenoot Raijer dat van school gestuurd worden al kan. Dit artikel beoogt om dat makkelijk en mogelijk te maken. Ik heb dat net toegelicht. Nu moet er een andere school worden gezocht. Ik vraag dus toch nog: waarom? Want dit is een belemmering.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>De motie vraagt om in een andere wet, die we vandaag niet aan de orde hebben, een wetsartikel te veranderen, wat we normaal bij initiatiefwet of amendement doen. Dat vergt echt een groter debat dan het kwartier dat we nu over dit onderwerp hebben gedaan. Met zorgvuldige wetsbehandeling in het achterhoofd vind ik het gewoon niet fair om dat te doen. Daarom ontraad ik &#x27;m ook.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb goed geluisterd naar de staatssecretaris en daarom ook mijn amendement aangepast, het amendement op stuk nr. 38. Misschien is het handig om daar ook een appreciatie op te krijgen, als dat mag.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik zag meneer Ceder lopen en dacht: ik had inderdaad ook nog een appreciatie op een gewijzigd amendement, namelijk het amendement op stuk nr. 38 ter vervanging van het amendement op stuk nr. 16, als ik het goed heb begrepen. Daar neemt de heer Ceder heel goed in op dat het wel of niet informeren van de ouders moet gebeuren in gezamenlijkheid met het bevoegd gezag en de vertrouwensinspectie. Die gezamenlijkheid vind ik heel belangrijk, dus ik kan dit amendement oordeel Kamer geven.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het amendement op stuk nr. 38 krijgt oordeel Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Dan zijn we aan een einde gekomen van de tweede termijn van het kabinet, denk ik.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ik heb alle papieren volgens mij meegegeven. Ik wil nog wel een slotwoord doen, maar ik zie dat er nog mensen zijn met vragen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>We gaan de heer Kisteman het laatste woord geven, want hij heeft een ordevoorstel. Eerst nog een vraag van mevrouw Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Het zou kunnen dat het nog in het slotwoord komt, maar ik heb ook nog de vraag gesteld hoe de staatssecretaris denkt het wetsvoorstel door de Kamers te krijgen. Ik wijs op de enorm kritische behandeling hier, waarbij heel veel partijen, van links tot rechts hebben aangegeven grote zorgen te hebben over dit wetsvoorstel. Als niet de juiste amendementen worden aangenomen — en die amendementen spreken elkaar ook nog eens tegen — wordt er niet ingestemd met het wetsvoorstel. Er zit een minderheidskabinet en we hebben ook nog de Eerste Kamer, met een samenstelling waarbij ik denk, als ik een en ander bij elkaar optel, dat het wetsvoorstel het nooit redt.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Staatssecretaris Tielen:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Naar mijn oprechte overtuiging heb ik de afgelopen periode mijn best gedaan om de Kamer mee te geven waar de wet voor bedoeld is, hoe die is opgesteld, waar de risico&#x27;s zitten, hoe we daarmee omgaan en waar de voordelen zitten. Eerst in de nota naar aanleiding van het verslag en vervolgens tijdens de wetsbehandeling de afgelopen uren. Het is heel veel gegaan over registratie, maar deze wet bevat meer. Uiteindelijk is registratie een middel en geen doel op zichzelf. Ik hoop dat ik daar inhoudelijk woorden over heb gesproken. Het mooie van een minderheidskabinet is dat je inderdaad nooit vanzelfsprekend ervan kunt uitgaan dat een wet door de Kamer komt. Daarom heb ik volgens mij in goede dialoog en debat met uw Kamer daaraan aandacht besteed. Uiteindelijk is het aan de medewetgevers die hier ook in de zaal zitten om dat te wegen. Ik heb mijn best gedaan en ben ervan overtuigd, nogmaals — ik ga het toch nog een keer zeggen — dat deze wet daadwerkelijk ertoe bijdraagt om de scholen die nu nog geen veiligheidsbeleid of een slecht of niet werkend veiligheidsbeleid hebben, vooruit te helpen met vertrouwenspersonen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Deze standpunten zijn volgens mij echt voldoende gewisseld. We moeten er ook echt een einde aan gaan brijen, want we hebben nog tien tweeminutendebatten na deze wetsbehandeling, en die willen we ook een beetje de ruimte geven. De laatste opmerking van mevrouw Moorman.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Laatste opmerking, want ik voel me als medewetgever aangesproken. Niet alle partijen zijn aanwezig, maar ik hoor wel bij de meerderheid hele kritische noten. Als de medewetgever dat dan zegt, is het dan verstandig om het wetsvoorstel in stemming te brengen? Dat vraag ik ook even aan mijn medewetgevers. Of zeggen we dan: laten we het nog even uitstellen, laten we er goed naar kijken en laten we aanpassingen doen waar nodig, zodat we hier niet tegen een muur aanrijden? Als dat al niet in de Tweede Kamer gebeurt, dan gebeurt het denk ik met de huidige samenstelling zeker in de Eerste Kamer. Het lijkt me gewoon ongelofelijk onverstandig. Dat is mijn laatste oproep.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Die oproep is vooral aan uw ambtsgenoten en niet zozeer aan het kabinet.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Tot slot de heer Kisteman.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Kisteman (VVD):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Over die stemmingen: ik zou graag willen voorstellen volgende week te stemmen over de amendementen en dan de week daarna over de wet en de moties. Ik kijk naar mijn collega&#x27;s of zij daarmee kunnen instemmen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dit is een ordevoorstel van de heer Kisteman. Even voor de duidelijkheid: conform de werkgroep-Kamminga zouden wij eigenlijk op 30 juni stemmen over zowel de ingediende amendementen als de wet, dus allemaal in één keer. De heer Kisteman doet nu het voorstel om die stemmingen uit elkaar te halen, waarbij het voorstel dus is om op 23 juni te stemmen over alle ingediende amendementen en op 30 juni te stemmen over de wet en de ingediende moties. Kan de Kamer daarmee instemmen?\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ceder (ChristenUnie):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat lijkt me heel verstandig, gezien de amendementen.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Armut (CDA):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja, steun daarvoor, voorzitter.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Boomsma (JA21):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Ja.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Rooderkerk (D66):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Dat lijkt me een heel goed idee.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Moorman (PRO):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Akkoord.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De heer Ergin (DENK):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Steun.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">Mevrouw Raijer (PVV):\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Steun.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>Er is een meerderheid voor het ordevoorstel.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Daarmee komt er een einde aan deze wetsbehandeling. Ik dank de staatssecretaris voor de beantwoording en haar betoog. Ik dank de Kamer.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>De algemene beraadslaging wordt gesloten.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003Cdiv class=\"speaker-turn\">\n\u003Ch3 class=\"speaker\">De voorzitter:\u003C\u002Fh3>\n\u003Cp>We gaan stemmen over de ingediende amendementen op 23 juni en over de wet op 30 juni.\u003C\u002Fp>\n\u003Cp>Ik schors de vergadering voor een enkel ogenblik en dan gaan we door met het tweeminutendebat Tweede cyclus van de Spreidingswet.\u003C\u002Fp>\n\u003C\u002Fdiv>\n\u003C\u002Fdiv>","\u002Fmedia\u002Fstenogram_pdfs\u002Fsf-st-2026D30673.pdf",[27,36,43,51,58,65,72,80,86,93,100,107,114],{"actor_naam":28,"actor_fractie":29,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":32,"volgorde":11,"person_slug":33,"person_thumbnail":34,"person_fullname":35},"D.G.M. Ceder","ChristenUnie","Deelnemer","Tweede Kamerlid","","don-ceder","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2827_thumb.webp","Don Ceder",{"actor_naam":37,"actor_fractie":32,"relatie":38,"functie":39,"spreektijd":32,"volgorde":11,"person_slug":40,"person_thumbnail":41,"person_fullname":42},"J.Z.C.M. Tielen","Bewindspersoon c.a.","staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap","judith-tielen","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2815_thumb.webp","Judith Tielen",{"actor_naam":44,"actor_fractie":45,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":46,"volgorde":47,"person_slug":48,"person_thumbnail":49,"person_fullname":50},"M. Moorman","GroenLinks-PvdA","15 min",2,"marjolein-moorman","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2960_thumb.webp","Marjolein Moorman",{"actor_naam":52,"actor_fractie":53,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":32,"volgorde":54,"person_slug":55,"person_thumbnail":56,"person_fullname":57},"I. Rooderkerk","D66",3,"ilana-rooderkerk","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2833_thumb.webp","Ilana Rooderkerk",{"actor_naam":59,"actor_fractie":60,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":32,"volgorde":61,"person_slug":62,"person_thumbnail":63,"person_fullname":64},"A. Kisteman","VVD",4,"arend-kisteman","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2875_thumb.webp","Arend Kisteman",{"actor_naam":66,"actor_fractie":67,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":32,"volgorde":68,"person_slug":69,"person_thumbnail":70,"person_fullname":71},"E. Armut","CDA",5,"etkin-armut","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2979_thumb.webp","Etkin Armut",{"actor_naam":73,"actor_fractie":74,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":75,"volgorde":76,"person_slug":77,"person_thumbnail":78,"person_fullname":79},"C.A.M. van der Plas","BBB","5 min",6,"caroline-van-der-plas","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2820_thumb.webp","Caroline van der Plas",{"actor_naam":81,"actor_fractie":82,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":32,"volgorde":76,"person_slug":83,"person_thumbnail":84,"person_fullname":85},"D.A. Ergin","DENK","dogukan-ergin","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2835_thumb.webp","Doğukan Ergin",{"actor_naam":87,"actor_fractie":88,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":32,"volgorde":89,"person_slug":90,"person_thumbnail":91,"person_fullname":92},"R.A.B. Claassen","Groep Markuszower",7,"rene-claassen","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_3021_thumb.webp","René Claassen",{"actor_naam":94,"actor_fractie":95,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":32,"volgorde":96,"person_slug":97,"person_thumbnail":98,"person_fullname":99},"D.J.H. (Diederik) van Dijk","SGP",8,"diederik-van-dijk","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2861_thumb.webp","Diederik van Dijk",{"actor_naam":101,"actor_fractie":102,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":32,"volgorde":103,"person_slug":104,"person_thumbnail":105,"person_fullname":106},"D.T. Boomsma","JA21",9,"diederik-boomsma","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2950_thumb.webp","Diederik Boomsma",{"actor_naam":108,"actor_fractie":109,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":32,"volgorde":110,"person_slug":111,"person_thumbnail":112,"person_fullname":113},"A.J. Raijer","PVV",10,"annette-raijer","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_2959_thumb.webp","Annette Raijer",{"actor_naam":115,"actor_fractie":116,"relatie":30,"functie":31,"spreektijd":32,"volgorde":117,"person_slug":118,"person_thumbnail":119,"person_fullname":120},"P. van Houwelingen","FVD",11,"pepijn-van-houwelingen","\u002Fmedia\u002Fpersons\u002Fperson_3001_thumb.webp","Pepijn van Houwelingen",[122,131,142,150,158,167,176,185,194,203,212,219,228,237,245,252],{"nummer":123,"soort":124,"onderwerp":125,"document_id":126,"frontend_url":127,"tk_url":128,"voting":129,"is_palestine_relevant":130},"2025Z13580","Wetgeving","Wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet primair onderwijs BES, de Wet op de expertisecentra, de Wet voortgezet onderwijs 2020, de Wet medezeggenschap op scholen, de Wet educatie en beroepsonderwijs, de Wet educatie en beroepsonderwijs BES, de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet op het onderwijstoezicht in verband met de versterking van het veiligheidsbeleid op scholen (Wet vrij en veilig onderwijs)",165942,"\u002Fdocumenten\u002Fwetsvoorstel\u002F165942-wijziging-van-de-wet-op-het-primair-onderwijs-de-wet-primair-onderwijs-bes-de","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2025Z13580",null,false,{"nummer":132,"soort":133,"onderwerp":134,"document_id":135,"frontend_url":136,"tk_url":137,"voting":138,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13434","Motie","Motie van de leden Raijer en Van Houwelingen over een zerotolerancebeleid voor leerlingen met een vuur- of steekwapen",182335,"\u002Fmotie\u002F64180-een-zerotolerancebeleid-voor-leerlingen-met-een-vuur-of-steekwapen","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13434",{"result":139,"voor":140,"tegen":141,"date":8},"VER",51,99,{"nummer":143,"soort":133,"onderwerp":144,"document_id":145,"frontend_url":146,"tk_url":147,"voting":148,"is_palestine_relevant":10},"2026Z13438","Motie van het lid Raijer over een gerichte aanpak van antisemitisme binnen het onderwijs",182338,"\u002Fmotie\u002F64183-een-gerichte-aanpak-van-antisemitisme-binnen-het-onderwijs","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13438",{"result":149,"voor":141,"tegen":140,"date":8},"AAN",{"nummer":151,"soort":133,"onderwerp":152,"document_id":153,"frontend_url":154,"tk_url":155,"voting":156,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13417","Motie van de leden Ceder en Rooderkerk over borgen dat veiligheidsvoorzieningen op scholen aantoonbaar toegankelijk zijn voor alle leerlingen van de school ",182325,"\u002Fmotie\u002F64170-borgen-dat-veiligheidsvoorzieningen-op-scholen-aantoonbaar-toegankelijk-zijn","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13417",{"result":149,"voor":157,"tegen":11,"date":8},149,{"nummer":159,"soort":133,"onderwerp":160,"document_id":161,"frontend_url":162,"tk_url":163,"voting":164,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13440","Motie van het lid Van Houwelingen over de laatste twee zinnen van artikel 40, lid 11 van de Wet op het primair onderwijs schrappen ",182340,"\u002Fmotie\u002F64184-de-laatste-twee-zinnen-van-artikel-40-lid-11-van-de-wet-op-het-primair","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13440",{"result":139,"voor":165,"tegen":166,"date":8},46,104,{"nummer":168,"soort":133,"onderwerp":169,"document_id":170,"frontend_url":171,"tk_url":172,"voting":173,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13428","Motie van de leden Kisteman en Armut over inventariseren wat scholen nodig hebben om effectief op te treden bij vermoedens van wapenbezit ",182332,"\u002Fmotie\u002F64177-inventariseren-wat-scholen-nodig-hebben-om-effectief-op-te-treden-bij","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13428",{"result":149,"voor":174,"tegen":175,"date":8},131,19,{"nummer":177,"soort":133,"onderwerp":178,"document_id":179,"frontend_url":180,"tk_url":181,"voting":182,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13419","Motie van de leden Ceder en Moorman over het bestaande aanbod rond suïcidepreventie goed ontsluiten voor scholen ",182327,"\u002Fmotie\u002F64172-het-bestaande-aanbod-rond-suicidepreventie-goed-ontsluiten-voor-scholen","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13419",{"result":149,"voor":183,"tegen":184,"date":8},150,0,{"nummer":186,"soort":133,"onderwerp":187,"document_id":188,"frontend_url":189,"tk_url":190,"voting":191,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13421","Motie van het lid Moorman over de versterking van het GSA-netwerk in de OCW-begroting opnemen ",182329,"\u002Fmotie\u002F64174-de-versterking-van-het-gsa-netwerk-in-de-ocw-begroting-opnemen","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13421",{"result":139,"voor":192,"tegen":193,"date":8},32,118,{"nummer":195,"soort":133,"onderwerp":196,"document_id":197,"frontend_url":198,"tk_url":199,"voting":200,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13423","Motie van het lid Moorman over scholen voldoende ruimte bieden om gelijkwaardigheid te stimuleren in het kader van burgerschapsonderwijs ",182331,"\u002Fmotie\u002F64176-scholen-voldoende-ruimte-bieden-om-gelijkwaardigheid-te-stimuleren-in-het-kader","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13423",{"result":149,"voor":201,"tegen":202,"date":8},110,40,{"nummer":204,"soort":133,"onderwerp":205,"document_id":206,"frontend_url":207,"tk_url":208,"voting":209,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13422","Motie van het lid Moorman over het versterken van jongerenwerk in school ",182330,"\u002Fmotie\u002F64175-het-versterken-van-jongerenwerk-in-school","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13422",{"result":149,"voor":210,"tegen":211,"date":8},88,62,{"nummer":213,"soort":133,"onderwerp":214,"document_id":215,"frontend_url":216,"tk_url":217,"voting":218,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13432","Motie van het lid Boomsma over vertrouwenspersonen op scholen beter in staat stellen signalen van misbruik of uitbuiting te herkennen ",182333,"\u002Fmotie\u002F64178-vertrouwenspersonen-op-scholen-beter-in-staat-stellen-signalen-van-misbruik-of","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13432",{"result":149,"voor":183,"tegen":184,"date":8},{"nummer":220,"soort":133,"onderwerp":221,"document_id":222,"frontend_url":223,"tk_url":224,"voting":225,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13437","Motie van de leden Raijer en Van Houwelingen over geweldplegers sneller en definitief van school verwijderen",182337,"\u002Fmotie\u002F64182-geweldplegers-sneller-en-definitief-van-school-verwijderen","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13437",{"result":139,"voor":226,"tegen":227,"date":8},73,77,{"nummer":229,"soort":133,"onderwerp":230,"document_id":231,"frontend_url":232,"tk_url":233,"voting":234,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13435","Motie van de leden Raijer en Van Houwelingen over het ondersteunen van scholen bij het aanpakken van structureel pestgedrag ",182336,"\u002Fmotie\u002F64181-het-ondersteunen-van-scholen-bij-het-aanpakken-van-structureel-pestgedrag","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13435",{"result":149,"voor":235,"tegen":236,"date":8},119,31,{"nummer":238,"soort":133,"onderwerp":239,"document_id":240,"frontend_url":241,"tk_url":242,"voting":243,"is_palestine_relevant":10},"2026Z13433","Motie van het lid Boomsma over onderzoeken hoe vaak scholieren en studenten de afgelopen twee jaar van school of universiteit zijn gegaan als gevolg van antisemitisme",182334,"\u002Fmotie\u002F64179-onderzoeken-hoe-vaak-scholieren-en-studenten-de-afgelopen-twee-jaar-van-school","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13433",{"result":149,"voor":244,"tegen":89,"date":8},143,{"nummer":246,"soort":133,"onderwerp":247,"document_id":248,"frontend_url":249,"tk_url":250,"voting":251,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13420","Motie van de leden Ceder en Rooderkerk over scholen ondersteunen bij het bevorderen van de veiligheid van onderwijspersoneel ",182328,"\u002Fmotie\u002F64173-scholen-ondersteunen-bij-het-bevorderen-van-de-veiligheid-van-onderwijspersoneel","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13420",{"result":149,"voor":244,"tegen":89,"date":8},{"nummer":253,"soort":133,"onderwerp":254,"document_id":255,"frontend_url":256,"tk_url":257,"voting":258,"is_palestine_relevant":130},"2026Z13418","Motie van de leden Ceder en Moorman over een aanpak gericht op het voorkomen van geweld, intimidatie en sociale onveiligheid op school ",182326,"\u002Fmotie\u002F64171-een-aanpak-gericht-op-het-voorkomen-van-geweld-intimidatie-en-sociale","https:\u002F\u002Fwww.tweedekamer.nl\u002Fkamerstukken\u002Fdetail?id=2026Z13418",{"result":149,"voor":183,"tegen":184,"date":8},[260],{"id":261,"onderwerp":262,"datum":263,"frontend_url":264},181101,"Wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet primair onderwijs BES, de Wet op de expertisecentra, de Wet voortgezet onderwijs 2020, de Wet medezeggenschap op scholen, de Wet educatie en beroepsonderwijs, de Wet educatie en beroepsonderwijs BES, de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet op het onderwijstoezicht in verband met de versterking van het veiligheidsbeleid op scholen (Wet vrij en veilig onderwijs) (36777) 1e termijn Kamer","2026-06-02","\u002Fdebatverslagen\u002F181101-wijziging-van-de-wet-op-het-primair-onderwijs-de-wet-primair-onderwijs-bes-de",[],[267,269],{"fractie":45,"minuten":268},15,{"fractie":74,"minuten":68},[],[],{"status":273,"source_url":274,"gewijzigd_op":129,"datum":8},"Ongecorrigeerd","https:\u002F\u002Fgegevensmagazijn.tweedekamer.nl\u002FOData\u002Fv4\u002F2.0\u002FVerslag(3aef4ecc-3ce4-45c7-b16d-c0223219a5af)\u002Fresource","Het debat richtte zich hoofdzakelijk op de registratie van discriminatie in het onderwijs, met name antisemitisme. DENK (Ergin) pleitte voor gelijke registratie van alle discriminatievormen zonder specifieke focus op antisemitisme, stellende dat differentiatie willekeur zou creëren. ChristenUnie (Ceder), JA21 (Boomsma) en PVV (Raijer) vonden het belangrijk antisemitisme specifiek te registreren gezien de toename ervan. Staatssecretaris Tielen stelde dat alle discriminatie onder de wet valt en scholen zelf hun aanpak kunnen aanpassen naar context. Over Joodse leerlingen merkte zij op dat fysieke beveiliging wordt geborgd en dat docenten worden ondersteund bij holocaustontkenning, waarvan 14% daarvan getuigt en 38% van bagatellisering.\n\nVerschillende moties werden ingediend: Boomsma's motie (nr. 48) vroeg om onderzoek naar hoeveel leerlingen hun school verlaten wegens antisemitisme, welke Tielen onder voorwaarde van 'oordeel Kamer' kon steunen. Moties van Raijer over zerotolerancebeleid voor vuurwapens (nr. 49) en gerichte antisemitismebestrijding (nr. 52) werden als overbodig bestempeld omdat dergelijke beleid al bestaat.","2026-07-03T13:05:20.502682+02:00",[278],{"label":279,"term":13},"antisemitisme"]