Inhoud
Geachte voorzitter,
Op donderdag 11 juni jl. heeft het Cypriotische voorzitterschap een nieuwe versie van het onderhandelingskader over het Meerjarig Financieel Kader 2028-2034 (MFK) gedeeld, de zogenoemde “negotiating box” (negobox). Deze negobox zal worden besproken tijdens de Raad Algemene Zaken (RAZ) van 16 juni en de Europese Raad (ER) van 18 en 19 juni 2026. Het kabinet stuurt de Kamer hierbij een appreciatie van de negobox. Deze appreciatie zal de basis vormen voor de Nederlandse inzet tijdens de bespreking over het MFK in de aankomende RAZ en ER.
Het uitgangspunt voor de appreciatie van de negobox is de Kamerbrief met een update van de kabinetsinzet over het MFK en eigenmiddelenbesluit (EMB) die op 22 mei jl. is gedeeld met uw Kamer. Het kabinet vindt de budgettaire impact van het Commissievoorstel op de Nederlandse bijdrage aan de EU-begroting onacceptabel. Het kabinet vindt daarom dat de voorgestelde omvang van het MFK omlaag moet, de korting die Nederland ontvangt op de bni-afdracht behouden moet blijven en de perceptiekostenvergoeding op 25% moet blijven. Het kabinet is daarnaast tegen de introductie van de voorgestelde nieuwe leeninstrumenten Catalyst Europe en het crisismechanisme.
Inhoudelijk is de kern van de kabinetsinzet gericht op een modern MFK dat bijdraagt aan de strategische doelen van Europa. Concreet vindt het kabinet dat de Europese begroting meer gericht moet worden op het versterken van het Europees concurrentievermogen, onderzoek en innovatie, een stevig migratie- en asielbeleid, veiligheid en defensie, en dat daarom herprioritering van middelen naar deze prioriteiten nodig is. Middelen vanuit de EU-begroting moeten ingezet worden waar de meeste grensoverschrijdende EU-toegevoegde waarde en impact gemaakt kan worden. Besparingen moeten daarom zo veel mogelijk gevonden worden in pijler 1 en 4 (met uitzondering van de migratie- en interne veiligheidsfondsen en verplichte rente- en terugbetalingen van NGEU) en zo min mogelijk ten koste gaan van pijler 2 en 3.
Daarnaast is het voor het kabinet van groot belang dat de volgende EU-begroting strikte waarborgen voor de rechtsstaat en fundamentele rechten bevat, met een sterke en effectieve koppeling tussen het respecteren van de rechtsstaat en fundamentele rechten en de ontvangst van EU-middelen. Samen met gelijkgezinde lidstaten zet het kabinet zich zowel in voor het behoud van de voorgestelde versterking van de rechtsstaatbeginselen als voor verdere aanscherping van de rechtsstaat- en Handvestconditionaliteiten en waarborgen in het volgende MFK.
Negotiating box Cypriotische voorzitterschap
Het Cypriotische voorzitterschap stelt een beperkte verlaging van het MFK-vastleggingenplafond voor ten opzichte van het Commissievoorstel, van 1.985 mld. euro naar 1.948 mld. euro (in vastleggingen en lopende prijzen). Dit is een verlaging van 1,9%. Pijler 1 (NRPP) wordt met 0,5% (4,9 mld. euro) verlaagd, terwijl pijler 2 (concurrentiekracht) met 3,9% (23 mld. euro) en pijler 3 (Europa in de wereld) met 3,9% (8,4 mld. euro) worden verlaagd. Pijler 4 (administratie) wordt met 0,6% (0,7 mld. euro) verlaagd. De totale verlaging van het vastleggingenplafond in het voorstel van het voorzitterschap is daarmee 37,2 mld. euro.
Het betalingenplafond wordt in het voorstel verlaagd met 1,6% (31 mld. euro). Het betalingenplafond is relevant voor de raming van de EU-afdrachten. Het effect van de negobox op de raming van de Nederlandse afdrachten is circa -0,3 mld. euro per jaar ten opzichte van het Commissievoorstel. Het verschil tussen de Nederlandse raming van de EU-afdrachten en de negobox is daarmee gemiddeld circa 2,5-3,4 miljard euro per jaar.
De mate van flexibiliteit in het Nationaal Partnerschap Plan (NRPP) die was voorgesteld door de Commissie wordt in het voorstel ingeperkt door o.a. meer oormerking voor specifieke doeleinden, zoals Cohesie en het visserij- en landbouwbeleid. Het Cypriotische voorzitterschap heeft in de negobox geen wijzigingen opgenomen ten aanzien van de nieuwe eigen middelen en de bni-correctie. De bni-correctie wordt nog steeds als optie genoemd, maar is zoals verwacht niet gekwantificeerd met cijfers.
Kabinetsappreciatie
Hoewel het kabinet het positief vindt dat het voorzitterschap niet meegaat in de roep van het EP om een hoger MFK, constateert het kabinet dat de totale omvang van het MFK in de negobox veel te groot is. Het door het voorzitterschap voorgestelde volume past niet bij de inzet van het kabinet en gelijkgestemde lidstaten om de stijging van de Nederlandse afdrachten te beperken. Wat Nederland betreft is dit voorstel daarom geen goede basis voor een akkoord. Daarnaast acht het kabinet het onwenselijk dat de voorgestelde besparingen ten opzichte van het Commissievoorstel in belangrijke mate ten koste gaan van de uitgavencategorieën die leiden tot modernisering van het MFK, met name pijler 2 (waaronder het Europees concurrentievermogen-fonds) en pijler 3 (Europa in de wereld), terwijl pijler 1 (de nationale- en regionale partnerschapsplannen) nagenoeg onveranderd blijft in omvang. Juist pijler 2 en 3 zijn van belang voor het versterken van het toekomstige verdienvermogen en de geopolitieke slagkracht van de Unie. Ook is het kabinet kritisch op het inperken van de flexibiliteit binnen het NRPP, terwijl flexibiliteit van belang is om effectief in te kunnen spelen op onvoorziene omstandigheden. Tot slot zal het kabinet zich tegen de voorgestelde leeninstrumenten Catalyst Europe en het crisis-mechanisme blijven uitspreken. Het kabinet vindt dat in de negobox opties voor het niet instellen van deze instrumenten moeten worden opgenomen. Dat is nu nog niet het geval. Het kabinet verwelkomt dat de verwijzing naar een bni-correctiemechanisme in de negobox is behouden, al is deze niet geconcretiseerd met cijfers.
Verdere proces
Het kabinet markeert dat de presentatie van de eerste negobox met cijfers een stap is in een langer lopend proces. Tijdens de ER van 18 en 19 juni zullen regeringsleiders hierop reflecteren, maar vindt er geen besluitvorming plaats. Het kabinet zet in op het bereiken van een onderhandelingsresultaat dat zo dicht mogelijk bij de Nederlandse inzet ligt zoals opgenomen in de brief van 22 mei jl. Daarbij probeert het kabinet zo veel mogelijk steun te vergaren voor haar inzet bij andere lidstaten. De besprekingen over het MFK en EMB lopen nog zeker tot het einde van 2026 en mogelijk tot in 2027 door.
Na de zomer zal het Ierse voorzitterschap naar verwachting een nieuwe versie van het onderhandelingsdocument delen, ter bespreking tijdens de Europese Raden in het najaar van 2026. Zodra een akkoord wordt bereikt in de ER begint het proces van de formele afronding van de onderhandelingen in de Raad door het verwerken van de ER-conclusies in de relevante sectorale verordeningen en het MFK-pakket, net als de onderhandelingen tussen de Raad en Europees Parlement. Het volgende MFK gaat begin 2028 van start. Het exacte moment van besluitvorming hangt af van de ontwikkeling van de voortgang in de onderhandelingen. Uw Kamer zal gedurende het proces geïnformeerd worden over het verloop van de onderhandelingen.
De minister van Buitenlandse Zaken,
T.B.W. Berendsen
De minister van Financiën,
Eelco Heinen
