Terug
Ingediend Schriftelijke vragen 2007Z05028 Te laat

De mishandeling van de Palestijnse journalist Mohamed Omer door Israëlische grenswachten bij de grensovergang Allenby Bridge

Gericht aan

Maxime Verhagenminister van Buitenlandse Zaken
Ingediend · 30 juni 20086565 dagen

Gestelde vragen

56 vragen

Origineel
Nog niet beantwoord
1

Vraag

De situatie in het Midden-Oosten
2

Vraag

BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN
3

Vraag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
4

Vraag

Den Haag, 29 augustus 2008
5

Vraag

Naar aanleiding van een verzoek hiertoe tijdens het Algemeen Overleg
6

Vraag

Midden-Oosten van 1 juli jl, wil ik u informeren over de behandeling van
7

Vraag

de Palestijnse journalist Mohammed Omer door Israëlische veiligheids-
8

Vraag

functionarissen. Deze brief dient tevens als antwoord op de vragen van
9

Vraag

het lid Van Baalen over dit onderwerp (ingezonden 30 juni 2008
10

Vraag

Aanhangsel Handelingen II, vergaderjaar 2007–2008, nr. 3453).
11

Vraag

Op 16 juni jl ontving de Gazaanse journalist Mohammed Omer in Londen
12

Vraag

de Martha Gellhorn Prize voor journalistiek. Om het mogelijk te maken dat
13

Vraag

de heer Omer de prijs in ontvangst kon nemen en dat hij een kort bezoek
14

Vraag

kon brengen aan Nederland en aantal andere Europese landen hebben de
15

Vraag

Nederlandse ambassade in Tel Aviv en de Nederlandse vertegenwoordi-
16

Vraag

ging in Ramallah assistentie verleend bij zijn reis van de Gazastrook naar
17

Vraag

de grensovergang tussen de Westoever en Jordanië, en vice versa. Deze
18

Vraag

assistentie bestond uit coördinatie met de Israëlische autoriteiten om
19

Vraag

toestemming voor zijn terugkeer via Israël te verkrijgen en een diploma-
20

Vraag

tiek escorte voor de reis over Israëlisch grondgebied en over de West-
21

Vraag

Op zijn terugreis van Londen naar Gaza wilde de heer Omer op 26 juni de
22

Vraag

grensovergang tussen Jordanië en de Westoever passeren. Het was de
23

Vraag

bedoeling dat hij vervolgens onder begeleiding van een Nederlandse
24

Vraag

diplomaat naar de Gazastrook zou worden gebracht. Toen het escorte,
25

Vraag

verlaat door autopech, aankwam bij een checkpoint van het Israëlische
26

Vraag

leger, op de weg naar de grensovergang, werd de doorgang echter gewei-
27

Vraag

gerd. De heer Omer kon van de aanvankelijke vertraging nog per mobiele
28

Vraag

telefoon op de hoogte worden gesteld. Het oponthoud bij het checkpoint
29

Vraag

kon hem niet meer worden gemeld omdat zijn telefoon op dat moment
30

Vraag

Na geruime tijd bij het checkpoint te hebben gewacht werd het Neder-
31

Vraag

landse escorte door de Israëlische autoriteiten geïnformeerd dat de heer
32

Vraag

Omer was flauwgevallen en enige tijd later werd duidelijk dat hij naar een
33

Vraag

ziekenhuis in het nabijgelegen Jericho was gebracht. De Nederlandse
34

Vraag

diplomaat heeft hem daar vervolgens opgehaald en hem diezelfde dag
35

Vraag

alsnog naar de grensovergang tussen Israël en Gaza gebracht en toege-
36

Vraag

zien op zijn veilige doortocht.
37

Vraag

Omer gaf aan geestelijk en fysiek te zijn mishandeld door Israëlische
38

Vraag

veiligheidsfunctionarissen bij de grensovergang tussen Jordanië en de
39

Vraag

Westoever, als gevolg waarvan hij bewusteloos was geraakt. Onmiddellijk
40

Vraag

na het incident is door de Nederlandse ambassade in Tel Aviv bij het
41

Vraag

Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken om opheldering gevraagd.
42

Vraag

Hetzelfde verzoek heb ik persoonlijk overgebracht aan de Israëlische
43

Vraag

ambassadeur in Nederland. In reactie hierop heeft de Israëlische regering
44

Vraag

een onderzoek uitgevoerd. Op basis van dit onderzoek, zo is mij op 28 juli
45

Vraag

jl. schriftelijk medegedeeld, ontkent de Israëlische regering dat
46

Vraag

Mohammed Omer mishandeld zou zijn. De heer Omer en zijn bagage
47

Vraag

zouden gecontroleerd zijn volgens de daarvoor geldende regels. Van
48

Vraag

geestelijke of fysieke mishandeling zou geen sprake zijn. De Israëlische
49

Vraag

regering bevestigt wel dat de heer Omer buiten bewustzijn is geraakt.
50

Vraag

Ik stel vast dat de lezing van de heer Omer en die van de Israëlische rege-
51

Vraag

ring over wat er precies is voorgevallen zeer uiteenlopen. Ik heb Israël
52

Vraag

daarom gevraagd om een nader onafhankelijk onderzoek in te stellen. In
53

Vraag

reactie hierop heeft Israël aangegeven het reeds uitgevoerde onderzoek
54

Vraag

als afdoende te beschouwen. Ik zie geen mogelijkheid om in dit standpunt
55

Vraag

verandering te brengen en acht de zaak daarmee afgedaan.
56

Vraag

De minister van Buitenlandse Zaken,