Terug
Beantwoord Schriftelijke vragen 2008Z03735

Het door Marokkanen plunderen van een supermarkt

Beantwoord door

Guusje ter Horstminister van Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiesHirsch Ballinminister van Justitie
Ingediend · 3 oktober 2008Beantwoord · 14 november 200842 dagen

Vragen en antwoorden

6 vragen

Origineel
1

Vraag

Bent u bekend met het bericht "Marokkaanse jeugd plundert filiaal van Albert Heijn"?

Antwoord

Ja.
2

Vraag

Is het waar dat van de vijftien daders slechts vijf zijn opgepakt en dat twee van die vijf criminelen alweer zijn vrijgelaten? Zo ja, waarom is niet de hele groep opgepakt en waarom zijn twee van de criminelen alweer vrij?

Antwoord

Op zaterdagavond 20 september jongstleden is een groep jongeren een filiaal van Albert Heijn in de Kleine Wittenburgerstraat te Amsterdam binnengekomen. Zij hebben enkele spullen uit de schappen gepakt en hebben zonder te betalen de winkel verlaten. Het winkelpersoneel heeft hen daarop aangesproken. Drie dagen later zijn de jongeren teruggekomen om verhaal te halen. De politie heeft vijf jongeren aangehouden. Van deze vijf personen zijn er twee door de politie heengezonden. Ten aanzien van deze personen waren er onvoldoende redenen hen langer vast te houden. De drie anderen zijn voorgeleid aan de rechter-commissaris. De rechter-commissaris heeft de inbewaringstelling van één verdachte afgewezen en heeft de inbewaringstelling van de andere twee verdachten bevolen. Op 8 oktober jongstleden heeft de raadkamer de preventieve hechtenis van deze twee verdachten verlengd met 30 dagen. Het strafrechtelijk onderzoek is nog niet afgerond. Het onderzoek is erop gericht voldoende bewijzen te vergaren om individuele betrokkenheid van verdachten bij de openlijke geweldpleging aan te kunnen tonen. Ook worden inspanningen verricht om de identiteit van de circa tien andere betrokkenen te achterhalen.
3

Vraag

Hoe is het mogelijk dat u kennelijk nog steeds niet in staat bent om Marokkaanse straatterroristen op te pakken en vast te zetten, zelfs als ze plunderend, stenen gooiend en mensen bedreigend door het leven gaan en daar ook foto's van zijn gemaakt?

Antwoord

Plundering, bedreigingen en geweld kunnen, ongeacht door wie ze worden gepleegd, niet worden gedoogd. Voor het kabinet is het onaanvaardbaar wanneer mensen zich niet veilig voelen in de publieke ruimte. Politie en Justitie dienen hier onverkort tegen op te treden. Achter dit soort incidenten gaat een bredere problematiek schuil, die vraagt om een brede aanpak, onder regie van de gemeente. Het Rijk ondersteunt gemeenten hier in. Dit neemt niet weg dat het hier gaat om crimineel gedrag, waartegen het OM dienovereenkomstig optreedt. In de brief die wij mede namens de Ministers voor Wonen, Wijken en Integratie en voor Jeugd en Gezin op 24 september 2008 naar uw Kamer verzonden hebben, worden de acties van het kabinet op dit punt uiteengezet. Kortheidshalve verwijzen we naar deze brief (Kamerstukken II, 2008-2009, 28 684, nr. 169). Ook zijn wij op 22 oktober jongstleden in overleg getreden met tien burgemeesters en vertegenwoordigers van OM en politie over de aanpak van de overlast door Marokkaanse jongeren. De Kamer is over de uitkomsten van dit overleg in de brief van 3 november 2008 nader geïnformeerd.
4

Vraag

Zijn de daders bij politie en justitie bekend? Zo ja, op grond van welke delicten en van welk aantal misdrijven?

Antwoord

Van de vijf aangehouden personen heeft één persoon uitvoerige antecedenten op het gebied van diefstal, openlijk geweld en zaaksbeschadiging. Eén persoon is eenmaal eerder met politie en justitie in aanraking geweest wegens openlijk geweld en zaaksbeschadiging. Eén persoon is bekend ter zake van openlijk geweld en straatschenderij (art. 424 Sr). De twee overige personen zijn onbekend in het register van de justitiële informatiedienst.
5

Vraag

Wanneer gaat u de Marokkaanse gemeenschap eens duidelijk oproepen respect te hebben voor de Nederlandse bevolking en samenleving? Hoe kan het dat u autochtone Nederlanders wel om de haverklap vraagt respect te hebben voor moslims, terwijl dat duidelijk minder relevant is?

Antwoord

In de brief die wij mede namens de Ministers voor Wonen, Wijken en Integratie en voor Jeugd en Gezin op 24 september 2008 naar uw Kamer verzonden hebben, geeft het kabinet aan dat zij van de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap verwacht dat zij bij de aanpak van probleemjongeren een actieve rol op zich neemt. Het is van belang (sleutelfiguren in) de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap te betrekken in de lokale aanpak omdat zij inzicht hebben in wat er speelt, welke drempels er zijn en hoe de aanpak op een goede manier van de grond kan komen. Dit wordt ook vanuit de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap duidelijk aangegeven.
6

Vraag

Realiseert u zich dat de Nederlandse bevolking de Marokkaanse intifada spuugzat is en terecht een harde aanpak eist voor alle scheldende, spugende, intimiderende, stenen gooiende, rovende criminelen? Zo ja, erkent u eindelijk de noodzaak om volhardende Marokkaanse straatterroristen uit Nederland te verwijderen, inclusief de ouders als het minderjarigen betreft? Zo neen, waarom niet?

Antwoord

Het kabinet acht alle vormen van criminaliteit ontoelaatbaar. Een kwalificatie daarvan als in de vraag is onjuist en misplaatst. Nederlanders willen we en mogen we niet verwijderen, illegalen worden wel verwijderd. Voor vreemdelingen die rechtmatig in Nederland verblijven, geldt dat het verblijf kan worden beëindigd om redenen van openbare orde. Hierbij wordt de duur van het verblijf van de vreemdeling op grond van een verblijfsvergunning gerelateerd aan de ernst van de inbreuk op de openbare orde (glijdende schaal).[1]

Bronnen

Voetnoten · 1

  • 1

    De Telegraaf, 2 oktober 2008