Terug
Beantwoord Schriftelijke vragen 2010Z01978

Uitlatingen van Gretta Duisenberg

Beantwoord door

Bert Koendersminister voor OntwikkelingssamenwerkingHirsch Ballinminister van JustitieMaxime Verhagenminister van Buitenlandse Zaken
Ingediend · 2 februari 2010Beantwoord · 22 maart 201048 dagen

Vragen en antwoorden

6 vragen

Origineel
1

Vraag

Hebt u kennisgenomen van de uitlatingen van de voorzitter van de Stichting Stop de Bezetting, mevrouw Gretta Duisenberg, over de vermeende invloed van Nederlandse Joden op de Nederlandse regering?[1]

Antwoord

Ja.
2

Vraag

Deelt u de mening dat de uitspraken van mevrouw Duisenberg berusten op antisemitische clichés en een volstrekt vals beeld geven van de werkelijkheid?

Antwoord

Deze ongefundeerde uitlatingen, die aan mevrouw Duisenberg worden toegeschreven, doen geen recht aan de werkelijkheid en de regering herkent zich dan ook op geen enkele wijze daarin.
3

Vraag

Vindt u dat mevrouw Duisenberg door deze verwerpelijke retoriek publiekelijk te etaleren de Palestijnse zaak juist schade toebrengt?

Antwoord

De verwerpelijke uitlatingen moeten in eerste instantie op haarzelf betrokken worden en niet op bevolkingsgroepen wier belangen zij zegt te vertegenwoor­digen, dan wel beoogt aan de kaak te stellen. Noch Israël, noch de Palestijnse Autoriteit, noch het vredesproces zijn gediend met beschuldigingen, anti-semitisme of discriminerende uitspraken.
4

Vraag

Mag ik u herinneren aan de antwoorden op vragen van het lid Boekestijn[2] waaruit blijkt dat de Stichting Stop de Bezetting in 2007 via Oxfam Novib een subsidie van € 2 500 heeft ontvangen? Kent u het artikel uit Elsevier van 20 juli 2007, waarin de woordvoerder van Oxfam Novib verklaart dat dezelfde stichting in het kader van wat de organisatie «40 jaar bezetting» noemt, € 15 000 is toegekend? Kunt u aangeven welke informatie juist is?

Antwoord

De regering is bekend met de uitlatingen van de woordvoerder van Oxfam Novib in Elsevier van 20 juli 2007. De uitspraken in Elsevier hebben betrekking op een fonds dat destijds is ingesteld door Oxfam Novib, Cordaid en Icco. Uit dit fonds is in 2007 de campagne «Ik ben ontzet» gefinancierd. Organisaties en groepen uit Nederlandse maatschappelijk middenveld konden een beroep doen op dit fonds voor (gedeeltelijke) financiering van activiteiten rondom de herdenking van veertig jaar Israëlische bezetting van de Palestijnse Gebieden. Oxfam Novib, Cordaid en Icco hebben destijds ieder € 15 000 bijgedragen aan dat fonds. De subsidie ten laste van dit fonds aan de Stichting «Stop de Bezetting» betrof de in uw vraag aangehaalde bijdrage van € 2 500 (en dus niet € 15 000, zoals genoemd in het artikel van Elsevier van 20 juli 2007), bestemd voor vergoeding van de reis­en verblijfskosten van de journalist Mohammed Omer uit Gaza. De aanvraag voor € 2 500 werd gedaan door Taskforce Emma, een gelegenheidssamenwerkingsverband van meerdere organisaties, waaronder «Stop de Bezetting».
5

Vraag

Zijn dit alle subsidies die in de laatste vijf jaar via door de overheid gesubsidieerde medefinancieringsorganisaties aan de Stichting Stop de Bezetting zijn toegekend? Zo nee, om welke bedragen gaat het dan wel?

Antwoord

Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft geen subsidie-relatie met de Stichting «Stop de Bezetting». Ik heb derhalve geen inzicht in de financiële gegevens van deze stichting. ICCO, Cordaid en Oxfam Novib hebben aangegeven dat zij geen subsidies hebben verleend aan deze stichting anders dan de genoemde € 2 500 uit het fonds. Overigens is deze bijdrage betaald uit eigen middelen en niet uit de ontvangen middelen uit de begroting voor ontwikkelingssamenwerking.
6

Vraag

Deelt u de mening dat organisaties waarvan woordvoerders zich bedienen van antisemitische stereotyperingen en/of aanzetten tot haat, niet voor overheidssubsidie in aanmerking zouden moeten komen, ongeacht of die subsidiering door medefinancieringsorganisaties ten laste komt van de ontvangen middelen uit de begroting voor ontwikkelingssamenwerking of worden bekostigd uit eigen financieringsbronnen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, welke stappen gaat u ondernemen om toekomstige subsidieverstrekking te voorkomen en eerder verleende subsidies te laten terug te vorderen?

Antwoord

De vraag of (woordvoerders van) organisaties zich bedienen van antisemitische stereotyperingen en/of aanzetten tot haat staat ter beoordeling door de strafrechter. Indien dit leidt tot een veroordeling zal dat ook tot de (gedeeltelijke) inhouding of terugvordering van subsidiegelden leiden. Op geen enkele wijze mag subsidie bijdragen aan anti-semitisme of het aanzetten tot haat of discriminatie.

Bronnen

Voetnoten · 2

  • 1

    Dagblad De Pers, 28 januari 2010.

  • 2

    Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2009–2010, nr. 920.