Vragen en antwoorden
4 vragen
1
Vraag
Klopt het dat de airdropping door een Nederlands militair vliegtuig boven Gaza bestemd was voor een Jordaans veldhospitaal?[1]
Antwoord
Ja, zoals gemeld in de Kamerbrieven «Humanitaire hulp aan Gaza via airdrop» d.d. 4 februari jl. en «Humanitaire hulp aan Gaza via tweede airdrop» d.d. 5 februari jl.
2
Vraag
Klopt het dat Jordanië zelf de afgelopen weken al tenminste viermaal een dergelijke airdropping voor dat veldhospitaal heeft uitgevoerd
Antwoord
Ja.
3
Vraag
Waarom heeft Jordanië de airdropping voor hún veldhospitaal niet zelf uitgevoerd? Waar blijkt dat uit en hoe heeft u dat vastgesteld?
Antwoord
Jordanië heeft al meerdere keren zelf en met partners airdrops voor het Jordaanse veldhospitaal in Gaza uitgevoerd. In dit geval gaat het om airdrops die op verzoek van Jordanië, en met instemming van Israël, gezamenlijk met Jordanië zijn uitgevoerd. Gegeven de belemmeringen voor het leveren van humanitaire hulp over land, verkent Nederland blijvend andere manieren waarop noodhulp Gaza kan bereiken, waaronder via de lucht en over zee.[1] Daarmee geeft het kabinet uitvoering aan de motie Dobbe c.s. (Kamerstuk 21 501-02, nr. 2801) en de motie Ergin c.s. (Kamerstuk 36 410 X, nr. 64). Hiervoor is samenwerking met landen in de regio en andere internationale partners essentieel.
4
Vraag
Waarom betaalt Jordanië de airdropping voor hún veldhospitaal niet zelf?
Antwoord
Deze humanitaire steun is bedoeld voor de noodlijdende burgerbevolking in Gaza. Het Jordaanse veldhospitaal benut de geleverde steun voor medische hulpverlening aan Palestijnse burgers in Gaza. Jordanië zelf levert reeds grote bijdragen aan het bevorderen van de humanitaire hulpverlening in Gaza. Het kabinet waardeert de personele, materiële en financiële inzet van Jordanië op dit gebied ten zeerste.

