Vragen en antwoorden
12 vragen
1
Vraag
Klopt het bericht in de Telegraaf 'Ter Apel stroomt vol met mensen met 'onbekende nationaliteit': Grootste deel is Palestijn'?[1]
Antwoord
Zie de inhoudelijke beantwoording hieronder.
2
Vraag
Naar welke cijfers van het ministerie van Justitie en Veiligheid verwijst het artikel? Waar zijn die gepubliceerd?
Antwoord
De cijfers die in het artikel worden aangehaald zien op het aantal eerste asielaanvragen en de nationaliteiten van de aanvragers. Deze cijfers worden maandelijks door de IND gepubliceerd in Asylum Trends, te vinden via https://ind.nl/nl/over-ons/cijfers-en-publicaties/asieltrends.
3
Vraag
Kunt u verklaren waarom er sprake is van een snelle toename van het aantal asielzoekers met nationaliteit onbekend?
Antwoord
De samenstelling van de categorie 'nationaliteit onbekend' kan niet als zodanig uit het IND-systeem gehaald worden. Vanwege de toename van registraties onder 'onbekende nationaliteit' heeft de IND in december 2025 en januari 2026 de instroom binnen deze categorie op AC Ter Apel echter bijgehouden. Uit dit dossieronderzoek blijkt dat 98% van de bijna 600 gecontroleerde personen aangaf Palestijns te zijn. Ongeveer 84% kwam uit Gaza, 4% uit de Westelijke Jordaanoever en 12% elders. Opvallend is dat ongeveer 70% van deze gecontroleerde personen al een status in Griekenland heeft.
4
Vraag
Klopt het dat een groot deel van deze groep bestaat uit Palestijnen?
Antwoord
Zie antwoord vraag 3.
Zie antwoord op vraag 3
5
Vraag
Klopt het dat sommige vreemdelingen hun nationaliteit niet willen prijsgeven tijdens de procedure? Waarom is dat? En hoe kan hun relaas worden beoordeeld en daarmee het recht op asiel als ze hun nationaliteit niet willen prijsgeven?
Antwoord
Het klopt dat er niet altijd duidelijkheid is over de nationaliteit van de vreemdeling. De beoordeling van de identiteit, nationaliteit en herkomst van de vreemdeling is onderdeel van de asielprocedure. Dat een vreemdeling geregistreerd staat met onbekende nationaliteit hoeft hier echter niet mee te maken te hebben. Er zijn verschillende redenen waarom een vreemdeling geregistreerd kan staan met een onbekende nationaliteit. Het kan onder meer gaan om vreemdelingen die geen aannemelijke nationaliteit opgeven of stellen hun nationaliteit niet te weten of om in Nederland geboren kinderen van ouders van wie de nationaliteit niet is vastgesteld dan wel om vreemdelingen die de nationaliteit hebben van een land dat niet (meer) bestaat of door Nederland niet wordt erkend. In die laatste categorie vallen onder meer burgers van de voormalige Sovjet-Unie die nooit de nationaliteit van één van de nieuwe landen hebben gekregen of vreemdelingen afkomstig uit de Palestijnse gebieden die (nog) niet als staatloos kunnen worden aangemerkt. Dat een vreemdeling met onbekende nationaliteit geregistreerd staat, wil niet zeggen dat ook onbekend is waar de vreemdeling vandaan komt en zijn gebruikelijke woon- en verblijfplaats had. Als de vreemdeling geen bekende nationaliteit heeft, maar er is geen twijfel over de identiteit en herkomst van de vreemdeling, kan de aanvraag getoetst worden aan het land van gebruikelijk verblijf. Het niet kunnen toewijzen van een nationaliteit hoeft dus niet in de weg te staan aan het kunnen beoordelen van de aanvraag.
6
Vraag
Wat is bekend over de vraag langs welke route Palestijnse asielzoekers naar Nederland komen? Door hoeveel veilige landen hebben zij gereisd alvorens ze hier zijn aangekomen?
Antwoord
Zoals aangegeven in de voorgaande beantwoording lijkt het hier grotendeels te gaan om personen die al een asielstatus hebben in Griekenland. In algemene zin is niet te zeggen door hoeveel landen deze vreemdelingen hebben gereisd alvorens ze een aanvraag indienden in Nederland.
7
Vraag
Is de toename van het aantal Palestijnse asielzoekers (of anderen van deze groep nationaliteit onbekend) te relateren of toe te schrijven aan een bepaalde recente keuze, beleidswijziging of besluit door de Nederlandse overheid? Kunt u hier een toelichting op geven?
Antwoord
Nee, niet zover mij bekend.
8
Vraag
Of is de toename van het aantal Palestijnse asielzoekers te relateren aan een besluit, beleidswijziging of keuze van een ander land op de route? Kunt u hier een toelichting op geven?
Antwoord
Zie de antwoorden op de vragen 3, 4, 6 en 9.
9
Vraag
Op welke manier hebben de Belgen het in augustus vorig jaar moeilijker gemaakt voor Palestijnen om bescherming te krijgen in dat land, en in hoeverre speelt dat een rol?
Antwoord
In het artikel waarnaar u in uw vragen verwijst, staat dat een Palestijnse asielzoeker in België minder kans heeft om asielbescherming te krijgen en geen recht heeft op opvang als hij al een verblijfsstatus heeft in een ander Europees land. In het Nederlandse beleid, ontleent aan het Unie-recht, wordt het verzoek van de asielzoeker niet-ontvankelijk verklaard als hij al bescherming heeft in een andere EU-lidstaat. Hierbij past wel de kanttekening dat ten aanzien van asielzoekers die in Griekenland bescherming hebben gekregen de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in een uitspraak van 28 juli 2021 het risico opnam dat zij bij terugkeer in dat land niet kunnen voorzien in de belangrijkste basisbehoeften, zoals wonen, eten en zich wassen. Naar aanleiding van die uitspraak beoordeelt de IND de aanvragen van Griekse statushouders inhoudelijk, tenzij de statushouder als zelfredzaam kan worden beschouwd. Voor zover ik heb begrepen, heeft de Belgische Raad van Vreemdelingenbetwisting in verschillende arresten daterend van 20 februari 2026 een soortgelijke conclusie bevestigd. Ten aanzien van het onthouden van opvang aan de groep asielzoekers die al bescherming heeft gekregen in een andere lidstaat, schorste de Belgische Raad van State in een uitspraak van 27 maart 2026 de instructie van de Belgische Minister en stelde prejudiciële vragen aan het EU-Hof van Justitie over dit vraagstuk vragen. Uiteraard betrek ik de uitkomst van die procedure bij de eventuele handelingsperspectieven. Het uitgangspunt blijft dat Nederland weer statushouders aan Griekenland kan overdragen. Het kabinet is doorlopend met de Commissie en Griekenland in gesprek en verkent waar zij actief kan ondersteunen bij het wegnemen van de bestaande belemmeringen. In dat kader steunt Nederland sinds januari 2025 voor de duur van twee jaar twee opvangtehuizen voor (jonge) Griekse statushouders van Movement on the Ground, een non-gouvernementele organisatie. Statushouders krijgen daar onderdak in een gemeenschappelijk huis in Athene, waar ze wonen met anderen, en worden begeleid en ondersteund bij de integratie in de Griekse samenleving (school, werk etc.). Gezien de ontstane situatie heb ik, na contact met Movement on the Ground, besloten dat ook vanuit Nederland naar Griekenland terugkerende statushouders gebruik kunnen maken van deze plekken. Daarmee kan hun in Nederland ingediende asielverzoek "niet-ontvankelijk" worden verklaard. Daarbij zal het wel nog gaan om kleinere getallen. Maar samen met Griekenland, maar ook met België en Duitsland die met hetzelfde probleem zitten, en de Europese Commissie blijf ik in gesprek om ook structureel te voorzien in een oplossing voor de hele groep. Aan de IND heb ik gevraagd om zaken van Griekse statushouders niet inhoudelijk te behandelen in afwachting van goede afspraken over terugkeer en opvang met Griekenland. Op die manier wordt voorkomen dat deze Griekse statushouders in Nederland asielbescherming verkrijgen in afwachting van deze nadere afspraken. Hiermee geef ik tevens invulling aan de motie van het lid Elian (VVD) daarover.
10
Vraag
Op welke manier wordt gecontroleerd of Palestijnse asielzoekers lid zijn van, een functie hadden of hebben bij, dan wel banden of affiniteit hebben met Hamas of een andere terreurorganisatie?
Antwoord
Bij de beoordeling van een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel, onderzoekt de IND standaard of de vreemdeling een gevaar vormt voor de openbare orde of de nationale veiligheid, of dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan zogenaamde 1F-gedragingen (ernstige misdrijven). Zie voor het toetsingskader C.2/7.10 en verder van de Vreemdelingencirculaire. Onder meer bij brief van 27 juni 2025 is uw Kamer geïnformeerd over verschillende evaluaties over het onderkennen van signalen van mogelijke betrokkenheid bij radicalisering en terrorisme in de asiel- en nareisprocedure. Geconstateerd is dat de asiel- en nareisprocedure voldoende is ingericht om signalen te onderkennen die hier op wijzen.
11
Vraag
Hoe beoordeelt u de kwaliteit van deze screening? Bent u van mening dat we adequaat zicht hebben op mogelijke banden met Hamas?
Antwoord
Zie antwoord vraag 10.
Zie antwoord op vraag 10
12
Vraag
Bent u het eens met de stelling dat deze toename van asielzoekers onwenselijk is? Welke stappen gaat u zetten om te voorkomen dat dit verder toeneemt?
Antwoord
Dit kabinet wil meer grip krijgen op migratie. Naast de specifieke inzet beschreven in antwoord 9, geldt dat belangrijke stappen daarin de inwerkingtreding van het Pact en de recent aangenomen wet invoering tweestatusstelsel zijn.

