Vragen en antwoorden
14 vragen
1
Vraag
Bent u bekend met het artikel 'Nederland is inventief maar te weinig commercieel' van auteur Killian McCarthy?
Antwoord
Ja.
2
Vraag
Deelt u de analyse dat Nederland internationaal sterk presteert op innovatie en kennisontwikkeling, maar achterblijft bij de opschaling en commercialisering van innovatieve bedrijven ten opzichte van andere innovatieve economieën?
Antwoord
Ik deel grotendeels de analyse uit het artikel. In de basis heeft Nederland alles in huis voor innovatie en ondernemende economie (Kamerstuk 32637 - Nr. 690). We zijn de 'gateway' naar Europa; hebben goed onderwijs, internationaal toponderzoek, internationaal toonaangevende bedrijven, een hoogopgeleide en internationaal georiënteerde, ondernemende beroepsbevolking en een fijn leefklimaat. In Nederland worden veel jonge innovatieve bedrijven opgericht. Echter we zien in Nederland dat de doorgroei van Nederlandse startups tot succesvolle scale-ups achterblijft, en zien we dat er in Nederland relatief weinig startups op basis van publieke kennis worden opgericht. Kortom: de commercialisering en opschaling blijft achter. Met het startup en scale-up beleid werken wij middels een integrale aanpak aan het verbeteren van het ondernemingsklimaat voor jonge innovatieve tech-bedrijven. Het vorige kabinet heeft hiervoor de actieagenda startup en scale-up beleid gepresenteerd. Het kabinet zet deze aanpak voort en zal deze agenda uitvoeren. Daarbovenop zal het kabinet aanvullende maatregelen nemen om het ondernemingsklimaat voor jonge innovatieve tech-bedrijven te verbeteren. Ik zal u hierover later dit jaar informeren.
3
Vraag
Heeft u inzicht in het aantal Nederlandse unicorn-bedrijven en de ontwikkeling daarvan sinds 2010? Zo nee, bent u bereid dit structureel inzichtelijk te maken?
Antwoord
Unicorns zijn private bedrijven – oftewel niet-beursgenoteerde bedrijven - met een waardering van ten minste één miljard dollar. Een bedrijf kan deze status verliezen door een beursgang, door de verkoop van het bedrijf of als de waardering van het bedrijf is gedaald. Doordat het private bedrijven betreft zijn de exacte waarderingen niet openbaar. Verschillend private dataproviders zoals Dealroom, Crunchbase en CBInsights maken op basis van investeringsrondes schattingen van waarderingen en maken op basis daarvan overzichten van unicorns. Tussen de overzichten van verschillende dataproviders zitten aanzienlijke verschillen. Sinds 2010 zijn volgens Dealroom 37 tech-bedrijven met een hoofdkantoor in Nederland op enig moment aan te merken geweest als een unicorn. Hiervan zijn volgens Dealroom 14 bedrijven met een hoofdkantoor in Nederland nog steeds aan te merken als unicorn.
4
Vraag
Wordt het aantal unicornbedrijven door u gebruikt als indicator voor de effectiviteit van het Nederlandse startup- en scale-up ecosysteem en het investeringsklimaat? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Met het startup en scale-upbeleid streven wij ernaar om het ondernemingsklimaat voor jonge innovatieve techbedrijven te versterken zodat zoveel mogelijk tech-bedrijven doorgroeien tot techkampioenen van morgen. Onze stip op de horizon dat Nederland de komende tien jaar minstens 10 nieuwe technologie- en marktleiders voortbrengt. Om de effectiviteit van ons beleid in kaart te brengen kijken wij naar een mix van indicatoren, waaronder het aantal nieuwe tech-startups, het doorgroei percentage tot scale-ups en het geïnvesteerd kapitaal over de laatste jaren. Deze indicatoren tezamen hebben meer voorspellende waarde voor het toekomstig aantal unicorns dan het huidige aantal unicorns. Dit komt doordat het aantal nieuwe unicorns sterk fluctueert.
5
Vraag
Wat is de actuele stand van zaken van de gesprekken met de pensioensector over investeringen in Nederlandse technologiebedrijven en scale-ups?
Antwoord
Het mobiliseren van institutionele beleggers zoals pensioenfondsen voor durfkapitaalinvesteringen – en met name Nederlandse technologiebedrijven en scale-ups – is een prioriteit. Hiervoor ben ik met sector en Invest-NL in gesprek. Invest-NL werkt aan een fonds-in-fonds waar pensioenfondsen in kunnen investeren ten behoeve van start- en scale-up investeringen in hoge impact sectoren. Het fonds bevindt zich momenteel in een vergevorderde fase, waarbij de contouren en voorwaarden grotendeels zijn uitgewerkt en wordt gewerkt naar het vastleggen van zachte commitments. Daartoe voert Invest-NL momenteel actief gesprekken met de grootste pensioenfondsen en meerdere middelgrote en kleine pensioenfondsen, pensioenuitvoerders en verzekeraars. Daarnaast heeft het Kabinet 200 miljoen euro vrijgemaakt voor het voorgenomen vervolg op het European Tech Champion Initiative (ETCI 2.0). Een belangrijk doel van ETCI is het mobiliseren van institutioneel kapitaal, hiertoe worden ook gesprekken gevoerd met de sector.
6
Vraag
Kunt u inzicht geven in de omvang van investeringen van Nederlandse institutionele beleggers, waaronder pensioenfondsen en verzekeraars, in durfkapitaal en venturecapitalfondsen over de afgelopen tien jaar?
Antwoord
Pensioenfondsen investeren in toenemende mate in durfkapitaal, zowel direct in start- en scale-ups als indirect in durfkapitaalfondsen. Zo is er in de afgelopen jaren geïnvesteerd in private fondsen, zoals Innovation industries (600 miljoen euro), DeepTechXL (110 miljoen euro) en KEEN Ventures (40 miljoen). In de bijlage van de Kamerbrief 'Investeringen institutionele beleggers in durfkapitaal' wordt een overzicht gegeven van de durfkapitaal investeringen sinds 2010. Daarnaast analyseert de NVP ook de investeringen van pensioenfondsen. Uit recente data blijkt dat er in 2023 en 2024 meer dan 3 miljard euro is opgehaald door durfkapitaalfondsen maar dat dit in 2025 wat is teruggezakt naar 816 miljoen euro (bron). Deze daling lijkt voornamelijk te komen doordat pensioenfondsen nu vaker direct investeren in Nederlandse scale-ups.
7
Vraag
Welke aanvullende maatregelen neemt u om de beschikbaarheid van groeikapitaal voor startups en scale-ups te vergroten, aanvullend op de inzet via Invest-NL, de Nationale Investeringsinstelling, het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI) en de gesprekken met pensioenfondsen?
Antwoord
Het kabinet neemt verschillende aanvullende maatregelen om de beschikbaarheid van groeikapitaal voor startups en scale-ups te vergroten. Deze maatregelen bouwen voort op het bestaande durfkapitaalinstrumentarium en richten zich zowel op de vroege fase als op de opschalingsfase. Voor de vroege fase blijven de Vroegefasefinanciering (VFF), SEED Capital, het Innovatiekrediet en de Thematische Technology Transfer-regeling van belang. Deze regelingen zijn tot 2030 verlengd. Met deze regelingen levert het kabinet een aanzienlijke bijdrage aan zowel valorisatie als de financiering van startups en scale-ups. Deze regelingen grijpen aan op knelpunten in de markt die voortkomen uit marktfalen of bij risicovolle investeringen in innovatieve projecten. Ook de ROM's blijven hierbij een belangrijke rol spelen. Zij vormen een landelijk dekkend netwerk en ondersteunen innovatieve bedrijven in de vroege fase met risicokapitaal, innoveren en internationaliseren. Dit jaar vindt ook de verplichte beleidsevaluatie van de ROM's plaats over de periode 2021-2025. Voor de scale-up fase versterkt het kabinet bestaande en nieuwe initiatieven. Zo is voorgenomen €130 miljoen beschikbaar te stellen voor versterking van het Deep Tech Fund bij Invest-NL. Samen met de inleg van Invest-NL groeit het fondsvermogen met €360 miljoen naar €610 miljoen. Daarmee kan het fonds blijven investeren in sleuteltechnologieën zoals fotonica, halfgeleiders, quantumtechnologie en kunstmatige intelligentie. Ook vergroot het kabinet haar inzet door middel van een Blended Finance Instrument waarvoor €250 miljoen beschikbaar is gesteld. Dit instrument richt zich op het financieringsknelpunt bij opschaling en grotere tickets, met name voor kapitaalintensieve investeringen. Door zachte voorwaarden aan te bieden kan het instrument aanvullende private investeringen mobiliseren. Het instrument wordt momenteel uitgewerkt in nauw overleg met de Europese Commissie, vanwege de vereiste staatssteun-goedkeuring. Ook zet het kabinet in op Europese opschalingsfinanciering. Het kabinet heeft €200 miljoen vrijgemaakt voor ETCI 2.0. Daarmee wordt de slagkracht van Europese durfkapitaalfondsen vergroot en krijgen Nederlandse en Europese tech scale-ups betere toegang tot grotere financieringsrondes. Daarnaast verwelkomt het kabinet Europese initiatieven zoals het Scale-up Europe Fund, de EIC Accelerator en opschalingsfaciliteiten onder het toekomstige Fonds voor Europees Concurrentievermogen. Tot slot is in 2025 de innovatiedekking binnen het exportkredietinstrumentarium geïntroduceerd. Met deze dekking kan de Staat garanties verstrekken op financiering van innovatieve bedrijven die investeren in sleuteltechnologieën met exportpotentieel. Hierdoor wordt het risico voor financiers verlaagd en kan aanvullend privaat kapitaal worden gemobiliseerd voor innovatieve startups en scale-ups, met name in de fase waarin substantiële investeringen nodig zijn voor opschaling.
8
Vraag
Bent u bereid te onderzoeken of het huidige beleid voldoende aansluit bij de behoeften van bedrijven in de zogenoemde grow-upfase? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Ik onderschrijf het belang van een goede aansluiting van ons beleid bij de financieringsbehoeften van ondernemingen. Het beleid en de aansluiting daarvan bij de praktijk zijn uitgebreid in beeld gebracht in het Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) Bedrijfsfinanciering. Hieruit bleek onder meer een hardnekkig knelpunt op het gebied van opschalingsfinanciering, met name bij investeringsrondes vanaf €50 miljoen. Het kabinet zet zich in om een dergelijk knelpunt aan te pakken, bijvoorbeeld met een nieuw blended finance instrument en een voorgenomen aanvullende bijdrage aan het Deep Tech Fonds (DTF) onder Invest-NL, evenals een voorgenomen bijdrage aan het vervolg op het European Tech Champions Initiative (ETCI 2.0). Het kabinet blijft de ontwikkelingen in de markt volgen en benut daarbij de inzichten uit bestaande onderzoeken, evaluaties en de uitvoering van deze maatregelen om het beleid waar nodig verder te versterken. Zo staat in 2027 een evaluatie van Invest-NL gepland, die naar verwachting verdere inzichten zal bieden in de doelmatigheid en doeltreffendheid van dit voor startups en scale-ups relevante instrument.
9
Vraag
In hoeverre richt het kabinetsbeleid zich op het vergroten van exitmogelijkheden voor startups en scale-ups, waaronder beursgangen en strategische overnames?
Antwoord
We erkennen dat de exit-mogelijkheden binnen Nederland en Europa onvoldoende zijn voor start- en scale-ups. Uit onderzoek van KPMG en EIF blijkt dat de afgelopen jaren de slechtste jaren waren sinds lange tijd voor de exit-markt, zowel voor beursgangen als acquisities. Dit remt volgens KPMG de durfkapitaalcyclus waardoor onderinvesteringen ontstaan, zowel op fonds- als op deal-niveau. Hoewel er signalen zijn van voorzichtig herstel, blijft beleggersvertrouwen kwetsbaar. De stagnerende exitmarkt is wereldwijd een knelpunt en dit wordt versterkt door de huidige geopolitieke spanningen. Juist onder deze omstandigheden is publiek-private samenwerking essentieel. Het kabinetsbeleid is erop gericht om vanuit de publieke fondsen en instrumenten zoals Invest-NL te zorgen voor tijdig verkennen van exit mogelijkheden voor deze bedrijven of te zorgen voor tijdelijke overbruggingsfinanciering
10
Vraag
Wat is naar verwachting het effect van het wetsvoorstel Implementatiewet noteringen en benchmarks (2) op het aantal beursgangen (IPO's) en het vestigingsklimaat voor groeibedrijven in Nederland?
Antwoord
Het wetsvoorstel strekt tot implementatie en uitvoering van een Europees wetgevingspakket (de Listing Act). Hiermee wordt beoogd de toegang tot de publieke markten voor ondernemingen te verbeteren door de regels voor de toegang tot de handel op een gereglementeerde markt, multilaterale handelsfaciliteit (MTF) of mkb-groeimarkt te vereenvoudigen en te harmoniseren alsmede de administratieve lasten te verminderen. Onderdeel van het wetsvoorstel is een verhoging van de vrijstellingsgrens van de prospectusplicht bij aanbiedingen van effecten aan het publiek (van € 5 miljoen naar € 12 miljoen). Door de maatregelen uit het Listing Act wetgevingspakket wordt het met name voor mkb-ondernemingen makkelijker om een beursnotering te krijgen, zodat hun aandelen (en andere effecten) breed verkrijgbaar zijn op de publieke kapitaalmarkt. Dit maakt het voor mkb-ondernemingen eenvoudiger om financiering aan te trekken bij een breed beleggerspubliek en stelt bijvoorbeeld startups en scale-ups in staat om door te groeien na eerdere private investeringsrondes. De verwachting is dan ook dat het wetsvoorstel zal bijdragen aan een toename van het aantal beursnoteringen en verruiming van de financieringsmogelijkheden van (mkb)ondernemingen en daarmee aan versterking van hun groei- en innovatievermogen alsmede hun concurrentiepositie.
11
Vraag
Wat is uw inzet om het ondernemersvliegwiel te verbeteren en werknemersparticipatie bij start ups aantrekkelijker te maken?
Antwoord
Het kabinet komt in september met een wetsvoorstel waarin ook een fiscale regeling is opgenomen om werknemersparticipatie bij startups en scale-ups te stimuleren met een lagere belastingheffing en een heffingsmoment bij verkoop van de aandelen. Een positief effect van medewerkersparticipatie bij startups en scale-ups ingeval van een succesvolle groei is dat een grotere groep van medewerkers profiteert van de waardestijging van de onderneming. Deze waardestijging komt via deze vorm van beloning ook deels beschikbaar om te investeren in andere startups en scale-ups. Daarmee verbetert het ecosysteem voor startups en scale-ups en het ondernemersvliegwiel, zoals ook in het artikel wordt betoogd.
12
Vraag
Welke maatregelen zijn er op fiscaal vlak in de in het artikel genoemde landen Zweden, Estland en Ierland, maar ook in de VS, Israël en Singapore, die specifiek innovaties verder ondersteunen?
Antwoord
Om de toegang tot kapitaal te verbeteren voor startups en scale-ups bestaan verschillende fiscale regelingen in de genoemde landen. De toegang tot kapitaal is een van de randvoorwaarden voor succesvolle innovatie bij startups en scale-ups en is fundamenteel voor het opschalen van de onderneming. De belastingstelsels van deze landen zijn niet een-op-een vergelijkbaar met het Nederlandse belastingstelsel, maar een aantal elementen kunnen worden onderscheiden in de verschillende regelingen. Het stimuleren van initiële investeringen: landen als Ierland, Israël en Singapore kennen fiscale faciliteiten voor particuliere investeerders, business angels of investeringen in jonge innovatieve ondernemingen. Het belonen van succesvolle investeringen bij realisatie: in bijvoorbeeld de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk bestaat een regeling waarbij vermogenswinst op aandelen in kwalificerende kleine ondernemingen onder voorwaarden fiscaal gunstig wordt behandeld. Het stimuleren van herinvestering: in onder andere Estland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten worden winsten onder voorwaarden in beginsel pas bij uitkering belast. Onder voorwaarden is het ook mogelijk om zonder belastingheffing gerealiseerde winsten te investeren in andere startups en scale-ups. Zweden kent geen specifieke fiscale regeling met dit doel, maar wel een relevante aanvullende uitzondering binnen hun deelnemingsvrijstelling. Vermogensresultaten op bepaalde aandelenbelangen, waaronder niet-beursgenoteerde deelnemingen, worden onder voorwaarden fiscaal gunstig behandeld. Voor het zomerreces informeer ik u mede namens de staatssecretaris van Financiën over het onderzoek naar een fiscale stimulans om privaat kapitaal voor startups en het mkb te versnellen, mede naar aanleiding van het in het coalitieakkoord opgenomen onderzoek naar een win-win-lening en de moties Dassen/Martens-America (motie 21501-30-642), Vermeer (motie 32637- Nr. 721) en Bontenbal (motie 36933-Nr. 31).
13
Vraag
Welke aanvullende beleidsmaatregelen overweegt u om ervoor te zorgen dat Nederlandse innovaties vaker doorgroeien tot internationaal concurrerende ondernemingen?
Antwoord
In lijn met de inzet van het vorige kabinet, blijft het kabinet zich inzetten op het versterken van het Nederlandse startup- en scale-up ecosysteem. In de kamerbrief "Bouwen aan de tech-kampioenen van morgen" , heeft het kabinet hiervoor reeds een aantal gerichte maatregelen aangekondigd. Op dit moment ligt de focus op de uitvoering van deze actieagenda. Bij de uitwerking van deze inzet wordt nadrukkelijk gekeken naar knelpunten die innovatieve bedrijven ervaren in de opschalingsfase, waaronder toegang tot talent, financiering en internationale markten. Daarbij wordt onder meer ingezet op een meer structurele ondersteuning van deeptech bedrijven, onder andere via Techleap. Verder zet het kabinet in op het versterken van valorisatie. Het kabinet onderzoekt daarom naar aanleiding van de motie Oualhadj (motie 32637-Nr. 746) hoe valorisatie kan worden versterkt door structurele financiering voor academische spin-offcreatie te bieden en dit te koppelen aan ondernemersvriendelijke randvoorwaarden. Daarnaast zet Nederland zich actief in voor een Europees startup- en scale-upbeleid. Het kabinet levert input aan de ontwikkeling van de Europese Startup and Scale-up Strategy en zal bezien hoe de uitkomsten hiervan kunnen bijdragen aan een beter functionerende Europese interne markt voor innovatieve ondernemingen. In dat kader volgt het kabinet ook de ontwikkelingen rond een mogelijke pan-Europese ondernemingsvorm die grensoverschrijdend ondernemerschap binnen de Europese Unie kan vereenvoudigen. Ten slotte blijft het kabinet werken aan een aantrekkelijk ondernemings- en arbeidsmarktklimaat voor innovatieve bedrijven. Daarbij gaat het onder meer om het behouden van een concurrerend vestigingsklimaat voor internationaal talent. Met deze inzet werkt het kabinet aan een samenhangend pakket van maatregelen om ervoor te zorgen dat meer Nederlandse innovaties kunnen doorgroeien tot internationaal concurrerende ondernemingen.
14
Vraag
Zou u deze vragen kunnen beantwoorden voor het rondetafelgesprek in de Kamer over belastingmaatregelen ter ondersteuning van startups en scale-ups op 11 juni 2026?
Antwoord
Gezien de complexiteit van de vragen en de benodigde interdepartementale afstemming was dit helaas niet mogelijk. We hebben er naar gestreefd om de vragen zo snel mogelijk te beantwoorden.

