AI-samenvatting
Samenvatting
In het debat werden verschillende standpunten ingenomen over het Palestina/Israël-conflict en het Europese buitenlandbeleid. DENK (Van Baarle) stelde dat Europa een dubbele maat hanteert: sterke sancties tegen Rusland voor de invasie in Oekraïne, maar geen gelijkwaardige maatregelen tegen Israël, en riep op tot opschorting van EU-verdragen met Israël, uitsluiting van EU-fondsen, stopzetting van luchtvaartafspraken en sancties tegen Israëlische ministers. De SGP (Ruissen) benadrukte bescherming van Joodse gemeenschappen en studenten tegen antisemitisme en stelde voor de geldkraan naar universiteiten dicht te draaien die onvoldoende antisemitismebestrijding doen. Minister Jetten erkende dat de humanitaire situatie in Gaza catastrofaal is en dat Nederland inzet op EU-maatregelen zoals sancties tegen gewelddadige kolonisten en tegen personen die misdaden aanwakkeren, maar gaf aan dat er in EU-verband geen overeenstemming is over aanvullende stappen. Op de vraag van Van Baarle waarom genocide in Gaza niet als genocide wordt benoemd terwijl oorlogsmisdaden in Oekraïne wel expliciet zo worden genoemd, antwoordde Jetten dat Nederland spreekt van "risico op genocide" en dat het oordeel formeel bij het Internationaal Strafhof ligt.
Van Baarle diende twee moties in: één voor opschorting van alle EU-verdragen met Israël en uitsluiting van EU-fondsen (motie 14), en één voor strengere handhaving van antisemitismebeleid bij Horizon Europe-toekenningen (motie 15, voorgesteld door SGP-leden Diederik van Dijk, Vermeer en Hoogeveen). SGP-leden dienden ook een motie in tegen categorische uitsluiting van Israëlische kennisinstellingen uit Horizon Europe-consortia (motie 16). Het kabinet (minister Berendsen) ontraadde moties 14, 15 en 16; motie 15 en 16 omdat kennisinstellingen institutionele autonomie hebben bij samenwerkingskeuzes.
AI-gegenereerd op basis van trefwoord-relevante fragmenten. Controleer bij twijfel het volledige verslag hieronder.










