Brief regering 2026Z1728026 augustus 2026

Toelichting opzet periodieke rapportage ‘Mensen’ (personeel)

Afzender

D.G. Boswijkstaatssecretaris van Defensie

Inhoud

> Retouradres Postbus 20701 2500 ES Den Haag

de Voorzitter van de Tweede Kamer

der Staten-Generaal

Bezuidenhoutseweg 67

2594 AC Den Haag

Datum

26 oktober 2026

Betreft

Toelichting opzet periodieke rapportage ‘Mensen’ (personeel)

Ministerie van DefensiePlein 4MPC 58 BPostbus 207012500 ES Den Haagwww.defensie.nlOnze referentieMINDEF20260053601Bij beantwoording, datum, onze referentie en onderwerp vermelden.

Geachte voorzitter,

In deze brief geef ik een toelichting op de onderzoeksopzet voor de periodieke rapportage ‘Mensen’, subthema ‘personeel’, waarin wordt teruggekeken op het door Defensie gevoerde personeelsbeleid in de periode 2020-2026. Op basis van de Comptabiliteitswet is elk ministerie verantwoordelijk voor het periodiek onderzoeken van de doeltreffendheid en de doelmatigheid van het gevoerde beleid. Defensie onderschrijft de waarde hiervan; voor een toekomstbestendige krijgsmacht is het van belang regelmatig het beleid en de effecten daarvan te evalueren om zodoende het beleid snel en tijdig te kunnen bijsturen als daar aanleiding toe is.

Aanleiding onderzoek

Het thema ‘Mensen’, met als subthema ‘personeel’, gaat over de belangrijke opgave waar Defensie voor staat, namelijk’ voldoende en gekwalificeerde mensen vinden, binden en behouden. De afgelopen jaren heeft Defensie diverse maatregelen geïmplementeerd om aan deze opgave te voldoen. Omdat dit veel vraagt van onze mensen en bedrijfsvoeringsprocessen, en Defensie het gevoerde personeelsbeleid voldoende kans in tijd wil geven tot resultaten te leiden, is besloten het sub-thema ‘personeel’ in 2027 te evalueren. De periodieke rapportage van het andere subthema onder ‘Mensen’ namelijk ‘veiligheid’, is in 2025 reeds aan uw Kamer opgeleverd. De uitkomsten van die periodieke rapportage worden, voor zover deze van belang zijn voor het gevoerde personeelsbeleid, betrokken bij de periodieke rapportage personeel.

Afbakening en doel van het onderzoek

Deze periodieke rapportage richt zich op de periode 2020-2026. In oktober 2020 verscheen de Defensievisie 2035, waarin ‘het huidige tekort aan menskracht één van de belangrijkste risico’s voor Defensie’ werd genoemd. De organisatie realiseerde zich op dat moment dat zij, ondanks alle investeringen en aanpassingen, onvoldoende was toegesneden op veranderingen op de arbeidsmarkt, demografische ontwikkelingen en de groeiende technologische mogelijkheden. Dit besef luidde een nieuwe periode in op het gebied van personeelsbeleid binnen Defensie en als gevolg daarvan werd de start van de HR-transitie aangekondigd. Na ruim zes jaar is het zinvol de balans op te maken. Tegelijkertijd nemen de dreiging, onrust en veranderingen in de wereld nog steeds toe en dient Defensie daarvoor blijvend gereed te zijn, juist ook op het gebied van personeel. Door de inzichten en lessen van de afgelopen jaren te expliciteren en vervolgens mee te nemen in de huidige uitvoering en toekomstige doorontwikkeling van het personeelsbeleid kan de personele gereedheid daarvan profiteren.

Defensie wil met het onderzoek de beleidstheorie valideren en waar mogelijk completeren, om vervolgens te onderzoeken welke (samenhang aan) elementen tot welke ervaringen en resultaten hebben geleid. Verder beoogt de periodieke rapportage best practices en leerpunten te identificeren. Op basis daarvan verwacht de organisatie dat uiteindelijk conclusies kunnen worden getrokken ten aanzien van de vraag of Defensie de beoogde transitie naar een toekomstbestendig HR-model op de juiste wijze weet te bewerkstelligen en hoe deze uitwerkt op de personele gereedheid die noodzakelijk is voor de flexibiliteit, wendbaarheid en schaalbaarheid van de Krijgsmacht.

De Militaire Gezondheidszorg (MGZ) valt niet onder deze periodieke rapportage; voor dit thema is een separate beleidsdoorlichting uitgevoerd in 2023. Tevens wordt binnen de doelgroep veteranen, mede gelet op onderstaand geformuleerde hoofd- en deelvragen, de zorg/voorzieningen op artikel 10 niet meegenomen.

Beleidstheorie

De impact die Defensie wil maken, is beschermen wat ons dierbaar is en er staan als het erop aankomt. En dat in een context waarin dit steeds vaker, steeds sneller en steeds langer van de organisatie wordt gevraagd. Om dat te kunnen waarmaken, is een verhoogde personele gereedheid van Defensie al een behoefte sinds de structurele toename van het budget in 2017. De alsmaar verslechterende veiligheidssituatie in de wereld en de toenemende onzekerheid en complexiteit die daarmee gepaard gaan, hebben deze behoefte sindsdien enkel verstevigd. Dit vraagt om een personeelsbeleid dat op een structurele manier voorziet in een fluctuerende behoefte aan personeel. Dit om uiteindelijk de juiste bijdrage te kunnen leveren aan de noodzakelijke flexibiliteit, wendbaarheid en schaalbaarheid van de krijgsmacht; de beoogde outcome van het personeelsbeleid.

Door de jaren heen zijn binnen het personeelsbeleid steeds vier doelgroepen herkenbaar, te weten: beroepsmilitairen, militair reservisten, burgermedewerkers en veteranen. Defensie koos ervoor zich voor deze doelgroepen te richten op vijf specifieke thema’s:

Arbeidsvoorwaarden;

IDU/BBI (instroom, doorstroom, uitstroom / boeien, binden, inspireren);

Schaalbare krijgsmacht;

Diversiteit & inclusie (waaronder de groei naar 30% vrouwen);

HR-transitie, later HR-vernieuwing (de stapsgewijze invoering van het HR-model).

Alle maatregelen samen vormen een complete ‘gereedschapskist’ die in samenhang leidt tot resultaat en bovendien als gevolg van in- en externe ontwikkelingen voortdurend onderhevig is aan verandering. Zo werden als reactie op de grootschalige Russische invasie in Oekraïne in 2022 en de daaruit voortvloeiende verdere intensiveringen ten aanzien van Defensie, keuzes gemaakt over de verdere uitwerking en invoering van het HR-model. De organisatie introduceerde in september 2022 met de Kamerbrief ‘Contouren BBI’ onder meer het Dienjaar (Kamerstuk, 36200-X-8). En in maart 2025 kondigde Defensie met de Kamerbrief ‘Onze mensen, onze toekomst: meer, beter en sneller’ een versnelde verandering naar een voortdurende, inzetgerede en schaalbare Krijgsmacht aan (Kamerstuk 33763, nr. 161).

Centrale onderzoeksvraag

De periodieke rapportage ‘Personeelsbeleid' richt zich op de volgende hoofdvraag: In hoeverre draagt het personeelsbeleid van Defensie in de periode 2020 tot en met 2026 bij aan een flexibele, wendbare en schaalbare krijgsmacht en hoe kan de doeltreffendheid en doelmatigheid van dit beleid worden verbeterd?

Financiële grondslag

In de onderstaande tabellen is de financiële grondslag zichtbaar van het personeelsbeleid van Defensie in de periode 2020-2026.

Realisatie personele uitgaven (€)

Art

2020

2021

2022

2023

2024

2025

2

724.614

766.079

873.474

925.309

1.059.640

1.129.134

3

1.225.482

1.291.079

1.489.214

1.635.208

1.888.009

2.036.538

4

608.607

661.032

710.822

741.530

875.337

963.869

5

462.232

484.265

544.365

605.211

699.326

784.529

7

431.648

443.263

482.601

554.547

687.528

795.837

8

774.498

857.609

866.280

952.839

1.135.256

1.258.865

10

1.497.054

1.506.690

1.597.746

1.688.121

1.963.070

1.937.092

Totaal

5.724.135

6.010.017

6.564.502

7.102.765

8.308.166

8.905.864

Begroot personele uitgaven (€)

Art

2020

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2

701.294

757.762

772.458

916.922

976.680

1.072.528

1.148.007

3

1.228.896

1.281.567

1.341.495

1.573.453

1.656.520

1.880.687

2.005.238

4

563.898

623.152

634.143

730.028

796.068

897.470

942.204

5

412.460

445.369

460.685

586.255

651.035

715.669

786.522

7

394.229

438.972

446.025

507.836

565.451

657.844

680.016

8

746.130

808.400

837.291

949.816

1.018.535

1.153.367

1.260.030

10

1.605.512

1.590.473

1.468.095

1.530.326

1.753.469

1.829.088

2.035.863

Totaal

5.652.419

5.945.695

5.960.192

6.794.636

7.417.758

8.206.653

8.857.880

De budgetten voor de periode 2020 – 2025 zijn onttrokken uit de jaarverslagen (X) van desbetreffende jaren. Het budget voor 2026 is onttrokken uit de ontwerpbegroting (X) 2026.

De realisatie voor het jaar 2020 is onttrokken uit het jaarverslag 2024 (X). Voor de realisatie in de periode 2021 – 2025 is gebruik gemaakt van het jaarverslag 2025 (X). In deze budget- en realisatiecijfers zijn tevens middelen verwerkt uit de Defensienota 2022 en 2024. Dit bevat onder andere structureel 500 miljoen euro uit de Defensienota 2022 ten behoeve van het moderniseren van het loongebouw en arbeidsvoorwaarden. De realisatie voor het jaar 2026 is pas na afloop van het jaar bekend. De financiële grondslag toont een stijgende lijn aan begrote en gerealiseerde personele uitgaven door de groei en versterking van Defensie die in deze jaren ingezet is met bijbehorende investeringen in en uitbreidingen op personeelsgebied. Met de investeringen uit het huidige coalitieakkoord zal deze stijgende lijn de komende jaren verder voortgezet worden.

Onderzoeksaanpak

Een externe opdrachtnemer zal het evaluatieonderzoek uitvoeren en de periodieke rapportage opstellen. De kern van het onderzoek zal bestaan uit een documentenstudie. Daar waar informatie ontbreekt of waar validatie of aanvulling op schriftelijke bronnen nodig wordt geacht, zullen interviews worden afgenomen en/of focusgroepsessies worden georganiseerd.

Onderdeel van het evaluatieonderzoek is ook het uitwerken van één of meerdere besparingsvarianten die op doelmatige wijze leiden tot een besparing van 20% op de budgettaire grondslag van het beleidsthema. Als een besparing van 20% niet haalbaar is, wordt afgeweken naar een lager percentage, mits inhoudelijk goed onderbouwd. De 20%-besparingsoptie is een verplicht onderdeel van een periodieke rapportage, maar er is ook ruimte om aanvullend een 20%-intensiveringsoptie op te nemen. Naast besparingssessies, worden daarom ook sessies georganiseerd om tot intensiveringsopties te komen.

Onderliggend (evaluatie)onderzoek en overig bronmateriaal

Om een overkoepelend beeld van de doeltreffendheid en doelmatigheid te krijgen, gebruikt deze periodieke rapportage informatie uit verschillende bronnen. Een overzicht hiervan is in bijlage toegevoegd.

Borging kwaliteit en onafhankelijkheid

Om de kwaliteit en de onafhankelijkheid te borgen, wordt conform goed gebruik een begeleidingscommissie ingesteld. Deze zal naast vertegenwoordigers van de ministeries van Defensie en Financiën ook bestaan uit externe onafhankelijk deskundigen. Deze externe deskundigen schrijven in de afrondingsfase van de periodieke rapportage een oordeel over het proces, de onafhankelijkheid en de kwaliteit van de evaluatie. Dit oordeel wordt met het eindrapport en de kabinetsreactie naar uw Kamer gestuurd.

Planning

Het evaluatieonderzoek start in het laatste kwartaal van 2026. Uiterlijk december 2027 informeer ik uw Kamer over de uitkomsten van de periodieke rapportage.

Hoogachtend,

DE STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE

Derk Boswijk

Bijlage 1. Onderzoeksvragen

De periodieke rapportage ‘Personeelsbeleid' richt zich op de volgende hoofdvraag:

In hoeverre draagt het personeelsbeleid van Defensie in de periode 2020 tot en met 2026 bij aan een flexibele, wendbare en schaalbare krijgsmacht en hoe kan de doeltreffendheid en doelmatigheid van dit beleid worden verbeterd?

De deelvragen die bij deze hoofdvraag horen zijn:

Beleidstheorie

Hoe heeft het personeelsbeleid zich in de periode 2020-2026 ontwikkeld?

Welke aannames, feiten, werkende mechanismen en causaliteit liggen ten grondslag aan de gekozen doelen en maatregelen?

Resultaten (doeltreffendheid)

Welke zichtbare veranderingen (incl. resultaten) zijn sinds 2020 op HR-gebied bereikt?

(wat zien we feitelijk gebeuren, wat kunnen we waarnemen)

Hoe kunnen deze veranderingen gerelateerd worden aan de flexibiliteit, wendbaarheid en schaalbaarheid van de organisatie?

(wat betekenen de veranderingen voor de overkoepelende doelen)

Welke interne en externe factoren hebben de gerealiseerde veranderingen beïnvloed?

(welke verklaringen zijn er)

In hoeverre is het aannemelijk dat het gevoerde personeelsbeleid uit de periode 2020-2026 heeft bijgedragen aan de gerealiseerde veranderingen? En wat zegt dat over de doeltreffendheid van het beleid? (welke bijdrage had het beleid; wat hebben we gedaan en wat heeft het opgeleverd)

Doelmatigheid

Welke middelen zijn ingezet voor het personeelsbeleid? En in hoeverre staan de ingezette middelen in verhouding tot de gerealiseerde resultaten?

Welke beleidsopties zijn mogelijk bij 20% minder of 20% meer middelen?

Lessen voor de toekomst

Wat werkt goed en wat kan worden verbeterd in de wijze waarop het personeelsbeleid wordt ontwikkeld, uitgevoerd, gemonitord en bijgestuurd? (procesmatige lessen)

Welke inhoudelijke lessen kunnen worden getrokken voor de verdere ontwikkeling van de HR-visie en –strategie? (beleidsinhoudelijke lessen)

Welke resterende kennis- en inzichtlacunes bestaan er nog en welke (evaluatie)onderzoeken zijn nodig om deze in te vullen?

Bijlage 2. Onderliggend (evaluatie)onderzoek en overig bronmateriaal

2020

10 februari 2020:Ontwikkelingen op personeelsgebied

20 mei 2020:Personeelsrapportage

20 mei 2020:Voortgang programma behoud en werving

15 september 2020: Personeelsrapportage

15 oktober 2020:Defensievisie

2021

16 februari 2021: Ontwikkelingen op personeelsgebied

19 mei 2021: Personeelsrapportage

28 mei 2021: HR-transitie

11 juni 2021: Rapport commissie onderzoek RVU militairen

15 juni 2021: Erkenning voor inzet

22 juni 2021: Verzamelbrief personeel

21 september 2021: Personeelsrapportage

25 oktober 2021: Reactie op brief ongelijke behandeling militairen en burgermedewerkers

25 oktober 2021: Stand van zaken cie AOW-gat

21 december 2021: Ontwikkelingen op personeelsgebied

2022

29 maart 2022:Kamerbrief Diversiteit en Inclusiviteit

6 april 2022: Aanbiedingsnota rapport CIE AOW-gat

18 mei 2022: Personeelsrapportage

1 juni 2022: Defensienota 2022

1 september 2022: Brief Behouden, binden en inspireren

20 september 2022: Personeelsrapportage

1 november 2022: Dienjaar Defensie

22 december 2022: Ontwikkelingen op personeelsgebied

2023

13 april 2023: Visie reservisten

17 mei 2023:Stand van Defensie

24 mei 2023:Van HR-transitie naar HR-vernieuwing

1 juni 2023:Ontwikkelingen op personeelsgebied

19 september 2023:Stand van Defensie

27 september 2023:Stand van zaken maatregelen Behouden, binden, inspireren

2024

15 mei 2024:Stand van Defensie

15 mei 2024:Ontwikkelingen op personeelsgebied

3 juni 2024:Het Dienmodel dat past bij een schaalbare krijgsmacht

5 september 2024:Defensienota

17 september 2024:Stand van Defensie

3 oktober 2024:Enquête dienmodel defensie

15 oktober 2024:Ontwikkelingen op personeelsgebied

2025

24 maart 2025:Onze mensen, onze toekomst: meer, beter en sneller

21 mei 2025:Stand van Defensie

5 juni 2025:Ontwikkelingen op Personeelsgebied

12 juni 2025:Samen Werken, Samen Vechten

16 september 2025:Stand van Defensie

22 september 2025:Start Defensie-enquête

17 december 2025:Ontwikkelingen op personeelsgebied

17 december 2025:Stand van zaken maatregelenbrief Onze mensen, onze toekomst; meer, beter en sneller

2026

3 april 2026:Groei van de Krijgsmacht

8 juni 2026:Stand van Defensie

29 juni 2026:Defensienota – Samen voorwaarts!

16 juli 2026:Ontwikkelingen op personeelsgebied