Brief regering 2026Z1854810 september 2026

Harbersbrief periodieke rapportage artikel 1 EZK-begroting (XIII)

Afzender

H.G. Herbertminister van Economische Zaken en Klimaat

Inhoud

Geachte Voorzitter,

Met deze brief informeer ik uw Kamer, mede namens de staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, over de onderzoeksopzet over de uit te voeren periodieke rapportage op gebied van Goed functionerende economie en markten.

In de Strategisch Evaluatie Agenda (SEA) van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat is de periodieke rapportage inzake het beleidsthema ‘Goed functionerende (digitale) economie en markten’ voor 2027 gepland. Dit beleidsthema komt overeen met artikel 1 van de EZK-begroting.

Op basis van de Regeling periodiek evaluatieonderzoek 2022 (RPE) wordt een periodieke rapportage tussen vier en zeven jaar na de vorige periodieke rapportage (voorheen doorlichting) gepland. Het eindrapport van de voorgaande doorlichting van artikel 1 is eind 2021 opgeleverd en in 2022 aan de Tweede Kamer verzonden

Conform de planning van de EZK-begroting 2026 zal deze periodieke rapportage over de periode 2021 tot en met 2026 in 2027 worden afgerond. Voor wat betreft de eisen die aan een periodieke rapportage worden gesteld is de Regeling periodieke evaluatieonderzoek 2022 van toepassing.

Scope en beleidsdoelen

Het doel van een periodieke rapportage is het verantwoorden van de doeltreffendheid en de doelmatigheid van het beleid. In deze rapportage zal worden onderzocht in hoeverre de maatregelen die zijn genomen ten behoeve van goed werkende (digitale) economie en markten doeltreffend en doelmatig zijn geweest. Tevens is het doel lering hieruit te trekken voor de vormgeving van toekomstig beleid.

De periodieke rapportage ziet op het gehele artikel 1 van de begroting van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. De directeur-generaal Economie en Digitalisering (hierna: E&D) is verantwoordelijk voor dit artikel. Artikel 1 kent drie beleidsdoelen:

Het scheppen van voorwaarden voor goed functionerende markten;

Het scheppen van voorwaarden voor een goed functionerende (digitale) economie;

Het voorzien in maatschappelijke behoeften aan statistieken.

Het scheppen van voorwaarden voor goed functionerende markten

E&D streeft naar goed functionerende markten die zo zijn ontworpen dat consumenten keuzevrijheid hebben, dat bedrijven op een gelijk speelveld opereren en de binnenlandse en interne markt open en transparant is.

E&D zorgt op meerdere manieren dat markten goed functioneren.

Zo zorgt E&D ervoor dat consumenten beschermd worden en kunnen vertrouwen op de kwaliteit van producten en (digitale) diensten.

Onvoldoende concurrentie, kartelvorming en misbruik van economische machtsposities leiden tot economische schade voor zowel consumenten als bedrijven. Daarom stuurt E&D als verantwoordelijke voor de mededingingswetgeving op de juiste voorwaarden waarbinnen bedrijven met elkaar concurreren.

Overheden nemen ook deel aan het economisch verkeer. Zo koopt de overheid voor meer dan 110 miljard euro per jaar in. Overheidsaanbestedingen moeten eerlijk verlopen, zodat de beste oplossing in de markt wint, corruptie wordt voorkomen en overheidsmiddelen efficiënt besteed worden. Daarom reguleert E&D via aanbestedingswetgeving de voorwaarden hoe overheden en andere aanbestedende diensten opdrachten in de markt zetten, keuzevrijheid hebben, dat bedrijven op een gelijk speelveld opereren en de markt open en transparant is. Markten die niet alleen de motor zijn achter economische ontwikkeling, innovatie en brede welvaart in Nederland, maar die ook complexe transities mogelijk maken waar bijvoorbeeld klimaat, energie en digitalisering om vragen.

Het scheppen van voorwaarden voor een goed functionerende (digitale) economie

Binnen artikel 1 is E&D verantwoordelijk voor de macro-economische duiding en beleid van een goed functionerende economie. Daarbij is productiviteitsgroei een belangrijke indicator om toekomstige welvaart te kunnen garanderen. E&D is verantwoordelijk voor de monitoring en bevordering van productiviteit via de productiviteitsagenda.

Daarnaast is E&D verantwoordelijk voor een goed functionerende digitale economie. De digitale transitie levert ongekende kansen op voor economie en samenleving. Het plukken van de vruchten van de digitale transitie zorgt voor duurzame economische groei en de aanpak van maatschappelijke uitdagingen zoals rond onderwijs, zorg, klimaat en vergrijzing. De ambities, doelstellingen en acties van EZK op het gebied van de digitale economie richting 2030, staan beschreven in de Strategie Digitale Economie (Kamerstuk 26 643, nr. 941) en de agenda digitale open strategische autonomie (Kamerstuk 36 259, nr. 21). Vertrouwen is bij de digitale transitie van essentieel belang. Daarom moeten belangrijke randvoorwaarden als innovatie, veiligheid, eerlijke concurrentie en grip op gegevens geborgd zijn, en moeten we waar nodig risicovolle strategische afhankelijkheden op het gebied van digitale technologieën mitigeren.

In lijn met het Europese digitale beleidsprogramma is een doel van het kabinet om een concurrerende, weerbare en innovatieve digitale economie te behouden en te versterken. Om uitdagingen te adresseren en de vruchten van de digitale transitie te blijven plukken, zet EZK in op het versterken van ons verdienvermogen, digitale open strategische autonomie en de randvoorwaarden hiervoor in een steeds geopolitiekere context met de volgende prioriteiten:

Versnellen van digitalisering mkb

Stimuleren digitale innovatie en vaardigheden

Creëren van de juiste randvoorwaarden voor goedwerkende digitale markten en diensten

Behouden en versterken van een veilige, betrouwbare en hoogwaardige digitale infrastructuur

Versterken van cybersecurity

Het voorzien in maatschappelijke behoeften aan statistieken

EZK is voor het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) systeemverantwoordelijk voor het in stand houden van de onafhankelijke productie van goede en betrouwbare statistieken, en voor rechtmatige en doelmatige besteding van publieke gelden die daarmee gemoeid zijn. Het CBS heeft als onafhankelijk kennisinstituut de taak om betrouwbare statistische informatie te leveren. Onafhankelijke en betrouwbare statistieken zijn van belang om meer inzicht te krijgen in de samenleving en maatschappelijke fenomenen. Deze informatie draagt bij aan het voeren van becijferde maatschappelijke debatten en inzichten voor beleid.

Onderzoeksvragen

De centrale onderzoeksvraag is:

In hoeverre is het beleid van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat gericht op goed functionerende (digitale) economie en markten in de periode van 2021 tot en met 2026 doeltreffend en doelmatig geweest?

Deelvragen

Evaluaties

Zijn de instrumenten in voldoende mate geëvalueerd en zijn deze van voldoende kwaliteit? Is er verbetering in de planning van evaluaties ten opzichte van de vorige rapportage?

Zijn er ontbrekende evaluaties of evaluaties waarvan de kwaliteit onvoldoende is?

Zijn er recent nieuwe beleidsinstrumenten ingezet die nog niet zijn geëvalueerd?

In hoeverre zijn de aanbevelingen uit de voorgaande beleidsdoorlichting opgevolgd?

Doelstellingen en beleidstheorie

Zijn de doelstellingen van artikel 1 voldoende helder en meetbaar voor beleid? Conform de aanbeveling uit de vorige rapportage wordt gevraagd afzonderlijk in te gaan op de drie afzonderlijke doelen.

Zijn de beleidstheorieën van artikel 1 voldoende helder en adequaat voor beleid?

Doeltreffendheid

In hoeverre zijn de individuele instrumenten als doeltreffend beoordeeld? Geef daarbij in een overzicht de hardheid van de uitspraken over doeltreffendheid aan cf. de effectladder.

In hoeverre zijn de instrumenten gezamenlijk als doeltreffend te beoordelen (beleidsmix)? Geef daarbij aan of instrumenten elkaar goed aanvullen, met elkaar overlappen of met elkaar in strijd zijn qua doeltreffendheid.

In hoeverre zijn er KPI’s te overwegen om de effectiviteit van het beleid onder art. 1 beter te kunnen monitoren? Zo ja, welke KPI’s zijn hiervoor het meest geschikt?

Welke neveneffecten en externe invloeden zijn er? Toets of deze neveneffecten en externe invloeden voldoende worden meegewogen in het beleid.

Is de doeltreffendheid van artikel 1 beter te meten dan bij de vorige rapportage in 2021?

Welke maatregelen zijn nodig om doeltreffendheid te verbeteren?

Doelmatigheid

In hoeverre zijn de individuele instrumenten als doelmatig beoordeeld? Geef daarbij in een overzicht de hardheid van de uitspraken over doelmatigheid aan.

In hoeverre zijn de instrumenten gezamenlijk als doelmatig te beoordelen (beleidsmix)?

Is de doelmatigheid van artikel 1 beter te meten dan bij de vorige rapportage in 2021?

Welke maatregelen zijn nodig om doelmatigheid te verbeteren?

Scenarioschets budget

Wat zijn de beleidseffecten indien er 20% minder budget beschikbaar is? Welke beleidsopties zijn mogelijk? Werk daarbij in scenario’s.

Borging kwaliteit en planning

Bij de uitvoering van onderzoek naar de doeltreffendheid en doelmatigheid wordt minimaal één onafhankelijke deskundige en eventueel een externe voorzitter betrokken om te waarborgen dat het onderzoek voldoet aan de vereiste kwaliteitseisen. Het is gebruikelijk dat de onafhankelijke deskundige(n) zitting neemt in de begeleidingscommissie. De manier waarop de onafhankelijke deskundige(n) zal worden betrokken zal in het rapport worden beschreven. Bij de oplevering van de rapportage zal de deskundige(n) worden gevraagd om een onafhankelijke verklaring op te stellen over de kwaliteit van het onderzoek.

Ik streef ernaar in januari 2027 met het onderzoek te starten en uw Kamer eind 2027 te informeren over de uitkomsten van de periodieke rapportage en het oordeel van de onafhankelijke deskundige.

Heleen Herbert

Minister van Economische Zaken en Klimaat