Vragen en antwoorden
6 vragen
1
Vraag
Kent u het bericht 'Europese politiedienst Europol wil data delen met Israël'?[1]
Antwoord
Ja.
2
Vraag
Waarom onderhandelt de Europese Commissie met Israël om dat land toegang te geven tot data van de Europese politiedienst Europol?
Antwoord
De Europese Commissie heeft sinds de inwerkingtreding van verordening 2016/794 (Europol) en conform de procedure van artikel 218 VWEU de exclusieve bevoegdheid om namens de EU te onderhandelen over internationale overeenkomsten met derde landen die de samenwerking met Europol en dergelijke derde landen aangaan. Dit gebeurt veelal op initiatief van de raad van bestuur van Europol, wanneer er sprake is van een operationele noodzaak voor nauwere samenwerking met een partner buiten de EU om de taken van Europol effectief uit te kunnen voeren. Onderhandelingen tussen de Europese Commissie en Israël in het kader van een overeenkomst met Europol zijn formeel gestart in 2021, na mandaat van de Raad in 2018. De Commissie voert de onderhandelingen uit in overleg met de Raad. De onderhandelingen van de Europol-Israël data exchange agreement staan stil sinds eind 2022, naar aanleiding van zorgen over de bepalingen inzake de territoriale werkingssfeer in het ontwerpakkoord. Er hebben sindsdien geen onderhandelingsronden plaatsgevonden, en deze zijn in dit stadium ook niet gepland. Lidstaten zullen via de Raad worden geïnformeerd bij eventuele toekomstige ontwikkelingen.
3
Vraag
Worden er op dit moment politiegegevens tussen Nederland en Israël uitgewisseld? Zo ja, wat is de aard en de omvang daarvan en hoe wordt voorkomen dat deze gegevens worden misbruikt voor onrechtmatige doeleinden?
Antwoord
Er worden voor verschillende doeleinden politiegegevens uitgewisseld tussen Nederland en Israël. Bij politiële rechtshulp wordt, wanneer er sprake is van verstrekking van persoonsgegevens, te allen tijde een derde-landen-afweging gemaakt. In een dergelijke afweging worden de proportionaliteit, subsidiariteit en mogelijke negatieve impact van de gegevensdeling gewogen. Deze afweging is de verantwoordelijkheid van de officier van justitie. In het geval van Israël wordt deze afweging gemaakt door de politie en het OM en, indien nodig, in samenspraak met het ministerie van Justitie en Veiligheid en het ministerie van Buitenlandse Zaken. De risico's voor personen die genoemd worden, de mensenrechten en het afbreukrisico voor de Nederlandse strafzaak worden daarin expliciet gewogen. Indien het nodig is om gegevens te verkrijgen/verstrekken met het oog op het gebruik voor justitiële doeleinden, dan zal dit plaatsvinden middels justitiële rechtshulp, binnen de daarbij horende kaders. Daarnaast geldt ook het internationaal strafrechtelijk specialiteitsbeginsel, dat inhoudt dat materiaal uitsluitend mag worden gebruikt voor de feiten waarvoor het gevraagd en verstrekt is.
4
Vraag
Kan Israël de uit te wisselen gegevens gebruiken "als inlichtingen ter ondersteuning van beslissingen om Palestijnen aan te vallen en te doden" of kunnen die gegevens eraan bijdragen dat mensen van hun vrijheid worden beroofd en worden "onderworpen aan systematische mishandeling onder helse omstandigheden in detentie"? Zo ja, deelt u dan de mening dat dit meer dan genoeg redenen zijn om af te zien van het uitwisselen van die gegevens? Zo nee, waarom kan dat niet en welke garanties kunt u daar voor geven?
Antwoord
De Europolverordening stelt dat een internationale overeenkomst gesloten met een derde land passende waarborgen moet bevatten voor de bescherming van de privacy en de fundamentele rechten en vrijheden van burgers. De Raad is duidelijk in het standpunt dat enige toekomstige overeenkomst over het uitwisselen van persoonsgegevens tussen Europol en Israël een hoog niveau van bescherming voor fundamentele rechten moet garanderen, waaronder met betrekking tot dataprotectie. En dat deze het EU-standpunt over territoriale toepassing moet respecteren, en daarom enkel van toepassing kan zijn in Israël binnen de grenzen van 1967. Daarnaast moet een eventueel toekomstige overeenkomst stroken met het EU en internationale recht. Zoals benoemd in het antwoord op vraag 2 liggen de onderhandelingen tussen Europol en Israël stil sinds eind 2022. Zoals benoemd in het antwoord op vraag 3 wordt er daarnaast voor bilaterale verstrekking aan Israël voorafgaand aan de verstrekking een risicoafweging gemaakt om te voorkomen dat de verstrekte informatie kan leiden tot oneigenlijk gebruik c.q. worden gebruikt voor genoemde omstandigheden, en geldt daarbij bovendien het internationale specialiteitsbeginsel. Dit zijn naar mijn mening voldoende waarborgen om er zorg voor te dragen dat de uit te wisselen gegevens niet worden (mis-)bruikt voor de in de vraag genoemde doelen.
5
Vraag
Kunt u aangeven wat na het tekenen van een conceptovereenkomst de ontwikkelingen over gegevensuitwisseling tussen Europol en Israël zijn geweest, welke juridische en inhoudelijke bezwaren er leven? Wat is de stand van zaken op dit moment?
Antwoord
Ik verwijs u naar het antwoord op vraag 2.
Zie antwoord op vraag 2
6
Vraag
Gaat u in Europees verband uw zorgen uiten over de plannen dat Europol gegevens met Israëlische autoriteiten zou gaan uitwisselen dan wel deze uitwisseling voorkomen? Zo ja, wanneer en op welke wijze gaat u dat doen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Het is uiteindelijk aan de Raad, na goedkeuring van het Europees Parlement, om te besluiten over de goedkeuring van deze samenwerkingsovereenkomst. Voor het kabinet is het van belang dat de overeenkomst voldoende waarborgen biedt voor de bescherming van de fundamentele rechten van burgers en daarom zal het de ontwerpovereenkomst op dit punt kritisch beoordelen voorafgaand aan de mogelijke goedkeuring daarvan in de Raad.

