Motietekst
Volledige tekst
Nr. 103 MOTIE VAN HET LID PETERS C.S.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende, dat de PLO tijdens de Algemene Vergadering van de VN mogelijk een resolutie indient over verhoging van de status van de Palestijnse Autoriteit in de VN;
constaterende, dat het Koninkrijk zich hiervan al tegenstander heeft verklaard, zonder de tekst van de resolutie en de reacties daarop van andere landen te kennen;
constaterende, dat het wenselijk is dat de EU gezamenlijk en eendrachtig een standpunt bepaalt;
constaterende, dat een meerderheid van de EU-landen positief lijkt te staan tegenover het voorgenomen verzoek van de Palestijnen;
verzoekt de regering niet op voorhand het verzoek van de Palestijnen van de hand te doen;
verzoekt de regering geen belemmering te vormen voor een meerderheid van EU-landen en zich van stemming te onthouden als de regering niet met deze meerderheid mee wil stemmen,
en gaat over tot de orde van de dag.
Peters
Van Bommel
Pechtold
Timmermans
kst-26150-103
ISSN 0921 - 7371
’s-Gravenhage 2011
Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 26 150, nr. 103
